25 inheemse bijenplanten voor je tuin (bloei van voorjaar tot najaar)

Slangenkruid bij bezoekt bloem van slangenkruid (de Natuur van hier)

Bijen spelen een cruciale rol in onze natuur. Ze bestuiven bloemen, fruitbomen, en talloze andere planten. Helaas hebben veel bijensoorten het tegenwoordig moeilijk door het verdwijnen van bloemrijke landschappen en het gebruik van pesticiden. Meer dan de helft van de bijensoorten in Nederland is zelfs bedreigd.

Gelukkig kun je als tuinier echt een verschil maken. Door inheemse bijenplanten in je tuin te zetten, help je bijen aan voedsel én ondersteun je de biodiversiteit in de omgeving. Inheemse planten zijn namelijk perfect aangepast aan onze lokale insecten en produceren vaak veel nectar en stuifmeel.

In dit artikel ontdek je 25 van de beste inheemse bijenplanten voor een tuin vol leven. Van vroege bloeiers in het voorjaar tot nectarplanten die bijen tot laat in de herfst van voedsel voorzien. Met deze planten creëer je niet alleen een kleurrijke tuin, maar ook een waardevolle plek voor wilde bijen, hommels en andere bestuivers.

Omslagfoto: Slangenkruid met slangenkruidbij (de Natuur van hier)

Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Direct een overzicht van de belangrijkste bijenplanten:

  • Knoopkruid
  • Slangenkruid
  • Beemdkroon
  • Wilde marjolein
  • Boswilg

Inhoudsopgave

Waarom zijn inheemse bijenplanten zo belangrijk?

Inheemse planten spelen een cruciale rol in het voortbestaan van wilde bijen. Deze planten zijn van nature in Nederland aanwezig en hebben zich samen met de lokale insecten ontwikkeld. Daardoor sluiten ze perfect op elkaar aan. Wilde bijen weten precies wanneer inheemse planten bloeien, hoe ze bij de nectar en het stuifmeel kunnen komen en welke soorten geschikt zijn voor hun voortplanting.

Veel uitheemse tuinplanten zien er aantrekkelijk uit, maar bieden vaak weinig tot geen voedsel voor bijen. Soms bevatten ze nauwelijks nectar of is de bloem zo gekweekt dat bijen er niet meer bij kunnen. Door juist te kiezen voor inheemse bijenplanten, zorg je voor een betrouwbare voedselbron en help je mee aan het herstellen van de biodiversiteit in je tuin. Zo maak je van je tuin niet alleen een mooie plek, maar ook een waardevolle leefomgeving voor bijen en andere insecten.

Met hun lange tong weten hommels goed bij de zoete nectar te komen (de Natuur van hier)
Met hun lange tong weten hommels goed bij de zoete nectar te komen (de Natuur van hier)

Waar moet een goede bijenplant aan voldoen?

Niet elke bloeiende plant is automatisch geschikt voor bijen. Een goede bijenplant voldoet aan een aantal belangrijke eigenschappen. Zo is het belangrijk dat de plant rijk is aan nectar en stuifmeel, zodat bijen er voldoende voedsel uit kunnen halen. Denk bijvoorbeeld ana planten zoals blauwe knoop en slangenkruid, die bekend staan om hun hoge nectarwaarde. Daarnaast moet de bloem goed toegankelijk zijn, zodat bijen daadwerkelijk bij de nectar kunnen komen.

Ook de bloeiperiode speelt een grote rol. Door planten te kiezen die verspreid over het seizoen bloeien, van het vroege voorjaar tot in de nazomer, zorg je ervoor dat bijen het hele jaar door voedsel kunnen vinden. Tot slot is het belangrijk om te kiezen voor inheemse, onbespoten planten. Deze zijn niet alleen beter afgestemd op lokale insecten, maar bevatten ook geen schadelijke stoffen die bijen kunnen verzwakken of doden.

De 25 beste inheemse bijenplanten

Hier geven we de 25 beste inheemse bijenplanten. De bloeiperiode van deze planten verschilt van het vroege voorjaar, tot echte zomerbloeiers en nazomerbloeiers. Door een mix van deze planten in je tuin te gebruiken, creëer je een bloemenboog waarvan bijen bijna het hele jaar kunnen profiteren.

Vroege bloeiers (maart – april)

Vroeg in het voorjaar (of beter gezegd; aan het einde van de winter) worden de eerste bijen en hommels op zonnige dagen langzaam wakker uit de winterslaap. Na een lange winterslaap zijn de insecten hongerig en gaan dan meteen op zoek naar stuifmeel en nectar. Er zijn dan echter nog weinig planten, struiken en bomen die dan in bloei staan, dus voldoende voedsel kan dan nog moeilijk te vinden zijn voor bijen en hommels. Met onderstaande soorten zorg je ervoor dat bijen en hommels in jouw tuin voedsel kunnen vinden.

Boswilg (Salix caprea)

Bloeitijd: maart – april

Standplaats: volle zon – halfschaduw

Hoogte: 6-10 meter

Een van de eerste inheemse bomen die na de winter bloeit is de boswilg. Met de productie van nectar en stuifmeel leveren ze in maart en april het broodnodige voedsel voor bijen en hommels die op warme dagen wakker worden en op zoek gaan naar eten. Ook vlinders vliegen graag op de katjes van de wilg.

De boswilg wordt 6 tot 10 meter hoog en staat het liefst op een open plek. Het liefst is de grond waarin de boswilg groeit vochtig, maar iets droger kunnen ze ook verdragen.

Een tweekleurige zandbij vindt nectar in een bloeiende wilg
Boswilg biedt in het vroege voorjaar de benodigde nectar en stuifmeel voor bijen en hommels (de Natuur van hier)

Sleedoorn (Prunus spinosa)

Bloeitijd: maart-april

Standplaats: volle zon

Hoogte: 2-6 meter

Een van de eerst bloeiende inheemse struikvormers in Nederland is de sleedoorn. In de natuur vindt je deze struik veel in bosranden en in halfopen landschappen, maar sleedoorn is ook uitstekend te gebruiken in tuinen. Plant hem dan aan als solitaire struik, of gebruik deze in een gemengde haag.

De vroege bloemen (die verschijnen op het nog kale hout) bieden al vroeg in maart nectar aan honingbijen, hommels en wilde bijen. Ook veel vlinders – zoals sleedoornpage, gehakkelde aurelia en dagpauwoog – vliegen graag op de bloemen van sleedoorn. Voor sleedoornpage is het zelfs de waardplant. De bloei van sleedoorn loopt door in april en soms zelfs nog in mei.

Sleedoorn staat het liefst op een zonnige plek, maar een plekje in de halfschaduw wordt ook verdragen. De bodem is het beste droog tot matig vochtig. Naast insecten zijn ook vogels erg blij met sleedoorn. Het is een uitstekende broedplek voor zangvogels en de bessen zijn in trek bij lijsters. Op zoek naar nog meer inheemse struiken voor in de tuin? Kijk dan eens in onze blog waar we er 8 uitlichten.

Sleedoorn bloeit al in maart en is daarmee een ideale vroege bloeier. In deze periode worden bijen wakker en hebben ze nog niet veel andere planten of struiken die nectar bieden (de Natuur van hier)
Sleedoorn bloeit al in maart en is daarmee een ideale vroege bloeier. In deze periode worden bijen wakker en hebben ze nog niet veel andere planten of struiken die nectar als voedsel aanbieden (de Natuur van hier)

Gevlekt longkruid (Pulmonaria officinalis)

Bloeitijd: maart – mei

Standplaats: schaduw – halfschaduw

Hoogte: tot 40 centimeter

Ben je op zoek naar een inheemse vaste plant die vroeg bloeit, dan is gevlekt longkruid een geschikte kandidaat. Gevlekt longkruid staat het liefst op een plek in de schaduw of halfschaduw (bijvoorbeeld in een schaduwborder onder onder struiken of bomen) op een vochthoudende bodem.

De plant bloeit van maar tot en met mei. De roze-paarse bloemen bieden daarmee stuifmeel en nectar als de eerste bijen en hommels wakker worden uit de winterslaap en kan daarom een cruciale ecologische rol in je tuin spelen. Voedsel voor bijen en hommels is op dat moment nog schaars.

Gevlekt longkruid is in Zuid-Limburg inheems en in de rest van het land vooral bekend als stinsenplant (gebruikt bij landgoederen, boerenhoven, e.d.). De vaste plant is half wintergroen (bij strenge winters kan de plant bovengronds afsterven) en wordt vaak genegeerd door slakken vanwege het behaarde blad.

Gevlekt longkruid is bij diverse gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt te verkrijgen, waaronder Sprinklr. Op zoek naar andere planten voor in de schaduw? Kijk dan eens in onze blog over inheemse schaduwplanten.

Gevlekt longkruid is een ideale bijenplant voor in de schaduw vanwege de vroege bloei in het jaar
Gevlekt longkruid is een ideale bijenplant voor in de schaduw vanwege de vroege bloei in het jaar

Gulden sleutelbloem (Primula veris)

Bloeitijd: maart – mei

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 30 centimeter

Een andere inheemse vaste plant die vroeg in het jaar bloeit is gulden sleutelbloem. Van nature komt deze plant voor in graslanden waar deze vaak in groten getale bloeit. Bijen en hommels vinden hier dan vroeg in het jaar ook bijzonder veel nectar als voedselbron/

Gulden sleutelbloem is dan ook ideaal om te gebruiken in de tuin. Je kunt de plant in de border gebruiken, maar misschien wel leuker is het om deze plant in een extensief beheerd bloemrijk gazon te gebruiken. Plant dan meerdere sleutelbloemen bij elkaar voor een natuurlijke effect. Gulden sleutelbloem staat het liefst in een ietwat vochtige, kalkhoudende bodem.

Onder andere de gewone sachembij komt af op de nectar in de bloemen van de gulden sleutelbloem. De bloemen verschijnen vaak al in maart en bloeien door tot en met mei en soms tot in juni. De bloemen zijn geel, met oranje vlekjes. Gulden sleutelbloem is te bestellen bij diverse gespecialiseerde winkels, waaronder Sprinklr en Vivara.

Gulden sleutelbloem voelt zich het meeste thuis in een extensief beheerd bloemrijk gazon
Gulden sleutelbloem voelt zich het meeste thuis in een extensief beheerd bloemrijk gazon

Paardenbloem (Taraxacum officinale)

Bloeitijd: maart – mei

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 40 centimeter

Een van de belangrijkste planten in deze lijst is de paardenbloem, die vaak vanzelf al in de tuin verschijnt. Met zijn vroege en rijkelijke bloei is het een van de belangrijkste voedselbronnen voor bijen, hommels, vlinders en andere insecten in het vroege voorjaar. Deze plant is zo belangrijk voor insecten dat uit onderzoek van de WUR blijkt dat maar liefst 107(!) soorten bijen zijn waargenomen op de paardenbloem. Daarmee trekt de paardenbloem de meeste soorten bijen aan. Deze mag dus absoluut niet ontbreken in een bijvriendelijke tuin.

Maar liefst 107 soorten bijen zijn waargenomen op de paardenbloem. Hier zie je het roodgatje, een solitaire bij uit het geslacht zandbijen (de Natuur van hier)
Maar liefst 107 soorten bijen zijn waargenomen op de paardenbloem. Hier zie je het roodgatje, een solitaire bij uit het geslacht zandbijen (de Natuur van hier)

Hoofdzakelijk bloeit de paardenbloem in de periode maart tot en met mei, met de kenmerkende gele bloemen. Echter bij zachte winters kunnen in januari al bloeiende paardenbloemen worden aangetroffen. Wanneer op zonnige winterdagen de eerste bijen en hommels wakker worden, vinden ze vaak in die enkele bloeiende paardenbloem in de tuin het voedsel wat ze nodig hebben.

Heb je een gazon in de tuin, dan verschijnt de paardenbloem vanzelf. Gebruik geen bestrijdingsmiddelen, geen kunstmest en maai niet te vaak. Zo ontstaat er een kruidenrijk gazon met bloeiende paardenbloemen en andere bloeiende soorten. Dit is een van de belangrijkste dingen die je kunt doen voor bijen en hommels in je tuin.

In onze natuurtuin maaien we ons gazon maar een aantal keren per jaar en gebruiken we geen bestrijdingsmiddelen en kunstmest. Zo onstaat er een kruidenrijk gazon wat vol zit met bijen, hommels en andere insecten (De Natuur van hier)
In onze natuurtuin maaien we ons gazon maar een aantal keren per jaar en gebruiken we geen bestrijdingsmiddelen en kunstmest. Zo onstaat er een kruidenrijk gazon wat vol zit met bijen, hommels en andere insecten (De Natuur van hier)

Voorjaarsbloeiers (april – mei)

Vanaf april stijgen over het algemeen de temperaturen en barst het voorjaar echt los. In deze periode bloeien veel planten en hebben bijen een grote keuze qua voedselaanbod. Met onderstaande planten zorg je ervoor dat ook in jouw tuin stuifmeel en nectar in overvloed beschikbaar is voor hongerige bijen en hommels.

Kruipend zenegroen (Ajuga reptans)

Bloeitijd: april – juni

Standplaats: halfschaduw – schaduw

Hoogte: tot 15 centimeter

Een ideale inheemse bodembedekker om bijen aan te trekken is kruipend zenegroen. Deze laagblijvende plant groeit het liefst op een vochthoudende grond op een plekje in de halfschaduw of schaduw, maar zelfs een plek in de zon verdraagt de plant goed. De plant breidt zich gemakkelijk uit met lange uitlopers waardoor er al gauw een tapijtje ontstaat.

Zenegroen bloeit rijkelijk van april tot en met juni, met opvallende rechtopstaande blauwpaarse bloemen, die in trek zijn bij bijen en hommels. Door de rijkelijke bloei levert de plant veel nectar en is daarom belangrijk voor bijen. Onder andere de blauwe metselbij en slakkenhuisbijen komen op de bloemen van kruipend zenegroen af.

Kruipend zenegroen is, biologisch gekweekt, verkrijgbaar bij diverse gespecialiseerde winkels, zoals Sprinklr en Vivara.

Kruipend zenegroen is een uitstekende inheemse bodembedekker die veel bijen aantrekt
Kruipend zenegroen is een uitstekende inheemse bodembedekker die veel bijen aantrekt

Witte dovennetel (Lamium album)

Bloeitijd: april – oktober

Standplaats: halfschaduw

Hoogte: tot 60 centimeter

Een plant die minder gebruikt wordt als tuinplant, maar toch een echte bijenplant is, is witte dovenetel. Witte dovenetel bloeit vaak al in april en gaat door met bloeien tot ver in oktober met de typische roomwitte, lipvormige bloemen. De plant levert veel nectar en is daarom ontzettend belangrijk voor hommels en bijen.

Witte dovenetel staat het liefst op een plek in de halfschaduw, op een vochthoudende bodem. Een plekje aan de voet van een inheemse haag zou bijvoorbeeld perfect zijn. Ze breiden zich gemakkelijk uit via ondergrondse uitlopers, waardoor je er gauw een hele hoek mee in je tuin bedekt hebt. De combinatie van witte dovenetel met een inheemse haag is een garantie voor meer biodiversiteit in je tuin.

De bloemen van witte dovenetel bieden veel nectar, waardoor ze in trek zijn bij hommels en bijen
De bloemen van witte dovenetel bieden veel nectar, waardoor ze in trek zijn bij hommels en bijen

Pinksterbloem (Cardamine pratensis)

Bloeitijd: april – juni

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 40 centimeter

Als voorjaarbloeier past pinksterbloem ook perfect in een tuin waar voedsel voor bijen te vinden is. Van nature komt pinksterbloem voor in vochtige graslanden en bloeit daar vaak in grote aantallen. Je kunt deze plant dan ook prima toepassen in een extensief bloemrijk gazon, of vooraan in de border.

Van april tot en met juni bloeit pinksterbloem met lichtpaarse bloemen, die een goede nectarbron vormen voor bijen, hommels, zweefvliegen, kevers en vlinders. Daarnaast is het de waardplant van het oranjetipje.

Pinksterbloem is biologisch gekweekt te verkrijgen bij diverse gespecialiseerde winkels, zoals Sprinklr en Vivara.

Naast bijen bezoeken ook zweefvliegen en vlinders de bloemen van pinksterbloem. Verder is het ook de waardplant van het oranjetipje (de Natuur van hier)
Naast bijen bezoeken ook zweefvliegen en vlinders de bloemen van pinksterbloem. Verder is het ook de waardplant van het oranjetipje (de Natuur van hier)

Dagkoekoeksbloem (Silene dioica)

Bloeitijd: april – okbtober

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte tot 90 centimeter

De dagkoekoeksbloem is een prachtige vaste plant om te gebruiken in een border in de halfzon of volle zon. Het liefst staat de plant op een wat vochtige plek.

De roze bloemen verschijnen vaak al in april aan de plant en blijven aanwezig tot ver in het najaar. Door de lange bloei is het een uitstekende nectarplant voor bijen en hommels, zoals de rosse metselbij en de akkerhommel. Maar ook zweefvliegen en vlinders komen op de bloemen af. Het is daarnaast een waardplant voor een aantal nachtvlinders.

Als dagkoekoeksbloem op de juiste plek staat, breidt deze zich gemakkelijk uit in de tuin door verspreiding van zaden. Dagkoekoeksbloem is bij diverse gespecialiseerde winkels te verkrijgen, waaronder Sprinklr en Vivara.

Door de lange bloei is dagkoekoeksbloem een uitstekende bijenplant om in de border te gebruiken
Door de lange bloei is dagkoekoeksbloem een uitstekende bijenplant om in de border te gebruiken

Fluitenkruid (Anthriscus sylvestris)

Bloeitijd: mei – juni

Standplaats: zon – halfozn

Hoogte: tot 150 centimeter

Een lentebloeier die wat hoger wordt is fluitenkruid. Fluitenkruid kan tot 150 centimeter hoog worden en bloeit rijkelijk met witte samengestelde schermen, die enorm in trek zijn bij insecten.

In mei en juni verschijnen de witte schermbloemen aan de plant. De uitbundige bloei biedt een overvloed aan nectar en stuifmeel en zit dan ook vaak vol met wilde bijen, zweefvliegen, kevers en vlinders. Voor de fluitenkruidbij is er zelfs bijna volledig afhankelijke van. Deze bij verzamelt het stuifmeel enkel op schermbloemigen en in Nederland hoofdzakelijk op de bloemen van het fluitenkruid.

Fluitenkruid staat het liefst op een plek in de zon of halfzon en houdt van een ietwat vochtige bodem. In het landschap zie je de vaste plant vaak in wegbermen en langs sloten.

De rijkelijke bloei van fluitenkruid trekt veel insecten aan, waaronder wilde bijen, zweefvliegen en vlinders
De rijkelijke bloei van fluitenkruid trekt veel insecten aan, waaronder wilde bijen, zweefvliegen en vlinders

Zomerbloeiers (mei – juli)

In de zomer zijn bijen en tal van andere insecten enorm actief en wordt er met volle kracht nectar en stuifmeel verzameld. Het is dus belangrijk om ervoor te zorgen dat er ook in deze periode een aantal planten in de tuin in bloei staan.

Gewone margriet (Leucanthemum vulgare)

Bloeitijd: mei – augustus

Standplaats: zon

Hoogte: tot 60 centimeter

Een echte Nederlandse plant die in trek is bij bijen, is gewone margriet. Deze vaste plant is niet weg te denken uit het Nederlandse landschap en komt voor in hooilanden, bermen en op dijken. Ook in een natuurlijke tuin is gewone margriet goed te gebruiken en trekt daar tal van insecten aan.

Bijen, waaronder groefbijen en maskerbijen, hommels, zweefvliegen, vlinders en kevers komen allemaal af op de bloemen die gevuld zijn met nectar en stuifmeel.

Gewone margriet wordt 30 tot 60 centimeter hoog en bloeit van mei tot en met augustus met witte lintbloemen en gele buisbloemen. Ze staat het liefst op een open plek in de volle zon, op een droge tot vochtige plek. Gewone margriet is bij verschillende gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt te bestellen, waaronder Sprinklr en Vivara.

Naast bijen zijn zweefvliegen, zoals deze puntbijvlieg, ook graag geziene gasten op de bloemen van gewone margriet
Naast bijen zijn zweefvliegen, zoals deze puntbijvlieg, ook graag geziene gasten op de bloemen van gewone margriet

Gewone rolklaver (Lotus corniculatus)

Bloeitijd: mei – oktober

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 25 centimeter

Gewone rolklaver is een uitstekende laagblijvende, inheemse plant die enorm veel bijen aantrekt. Deze bodembedekker bloeit van mei tot en met oktober met kleine gele bloemetjes.

De bloemen bevatten veel nectar en stuifmeel en zijn daardoor enorm in trek bij bijen en hommels zoals de boommetselbij en steenhommel. De kleine en grote harsbij hebben zelfs een duidelijke voorkeur om in de bloemen van gewone rolklaver de nectar te verzamelen.

Ook vlinders zijn dol op gewone rolklaver. Naast dat ze de bloemen graag bezoeken voor nectar en stuifmeel, is het ook de waardplant van de dagvlinders het icarusblauwtje en het groentje en de waardplant van de dagactieve nachtvlinder de sint jansvlinder.

Gewone rolklaver staat het liefst op een plekje in de zon of halfzon, met een droge tot vochtige bodem. Ze hebben een voorkeur voor een licht kalkhoudende bodem, maar dit is geen vereiste. Rolklaver kan uitsteken toegepast worden in een bloemrijk gazon dat niet bemest en extensief gemaaid wordt. Daarnaast kun je deze ook prima als bodembedekker in een border gebruiken.

De gele bloemen van gewone klaver bloeien rijkelijk
Gewone rolklaver bloeit lang en rijkelijk en levert daarmee veel voedsel voor bijen

Grote kattenstaart (Lythrum sallicaria)

Bloeitijd: juni – augustus

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 100 centimeter

Een andere prachtige zomerbloeier is grote kattenstaart. Deze vaste plant staat het liefst op een vochtige tot natte plek en kan daardoor ideaal als oeverplant bij een vijver worden gebruikt (hier vind je nog veel meer vijverplantentips).

Van juni tot en met augustus bloeit grote kattenstaart rijkelijk met roze bloemaren die in trek zijn bij insecten. Onder andere de kattenstaartdikpoot en steenhommel komen er op af. Daarnaast is het de waardplant van de dagvlinder het boomblauwtje.

Het liefst staat grote kattenstaart dus op een vochtige plek, in de zon of halfzon. Kattenstaart is bij diverse gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt te verkrijgen, waaronder Sprinklr en Vivara.

Grote kattenstaart met de prachtige roze bloemaren
Grote kattenstaart bloeit met prachtige roze bloemaren die veel insecten aantrekken in de zomer

Knoopkruid (Centaurea jacea)

Bloeitijd: juni – september

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 100 centimeter

Knoopkruid geldt als een van de belangrijkste inheemse bijenplanten. Het is een typische plant van kruidenrijke graslanden, maar doordat we deze steeds minder hebben in Nederland is knoopkruid ook minder algemeen geworden.

Van juni tot en met september verschijnen er prachtige paars-roze bloemen op dunne stengels aan de plant die een grote hoeveelheid nectar produceren. Door de hoge nectarproductie worden de bloemen van knoopkruid druk bezocht door wilde bijen, hommels en vlinders. Onder andere de pluimvoetbij, tronkenbijen, zandbijen en behangersbijen kunnen op knoopkruid waargenomen worden. Daarnaast is het de waardplant van de in Nederland ernstig bedreigde veldparelmoervlinder.

De hoogte van knoopkruid verschilt van 30 tot 100 centimeter en is afhankelijk van de groeiplek. Het liefst staat de vaste plant op een zonnige tot halfzonnige plek in een droge tot licht vochtige bodem. Gebruik knoopkruid in een border of pas deze toe in een extensief bloemrijk gazon of kruidenrijk grasland.

Knoopkruid is bij diverse gespecialiseerde winkels te krijgen, biologisch gekweekt, onder andere bij Sprinklr en bij Vivara.

Knoopkruid is een van de belangrijkste inheemse bijenplanten en wordt door veel verschillende soorten wilde bijen bezocht
Knoopkruid is een van de belangrijkste inheemse bijenplanten en wordt door veel verschillende soorten wilde bijen bezocht

Slangenkruid (Echium vulgare)

Bloeitijd: juni – september

Standplaats: volle zon

Hoogte: 30 – 90 centimeter

Slangenkruid wordt vaak gezien als één van de beste bijenplanten van Europa. De felblauwe bloemen produceren grote hoeveelheden nectar en worden intensief bezocht door honingbijen, hommels en talloze soorten wilde bijen. Op zonnige dagen kun je deze plant letterlijk horen zoemen van de insecten.

Deze tweejarige plant groeit van nature op droge, zonnige plekken zoals dijken, bermen en zandige graslanden. Langs de oevers van de Grensmaas zien we deze soort ook regelmatig. Tijdens een van onze bezoeken zagen we hier zelfs de bijzondere slangenkruidbij nectar verzamelen uit de bloemen van deze plant.

In de tuin doet slangenkruid het daarom het beste op een arme, goed doorlatende bodem en een plek in de volle zon. De plant zaait zich vaak spontaan uit, waardoor je elk jaar opnieuw van bloemen kunt genieten.

Naast bijen trekt slangenkruid ook vlinders en andere bestuivers aan. Door zijn lange bloeitijd is het een waardevolle nectarbron in de zomer. Slangenkruid is bij diverse gespecialiseerde kwekers, zoals Sprinklr, biologisch gekweekt te bestellen.

Slangenkruid is een uitstekende drachtplant voor bijen, hommels en zweeefvliegen en trekt onder andere honingbijen, metselbijen en de speciale slangenkruidbij (zichtbaar op de afbeelding) aan (de Natuur van hier)
Slangenkruid is een uitstekende drachtplant voor bijen, hommels en zweeefvliegen en trekt onder andere honingbijen, metselbijen en de speciale slangenkruidbij aan. Op de foto zie je een exemplaar van Slangenkruid langs de Grensmaas, die bezocht wordt door een slangenkruidbij (de Natuur van hier)

Muskuskaasjeskruid (Malva moschata)

Bloeitijd: juli – september

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 70 centimeter

Een prachtige zomerbloeier om bijen mee naar je tuin te lokken is muskuskaasjeskruid. Muskuskaaasjeskruid bloeit van juli tot september met prachtige lichtroze bloemen die enorm in trek zijn bij bijen en andere insecten.

Doordat de bloemen vrij open staan en schotelvormig zijn, kunnen bijen goed bij de nectar en het stuifmeel. Dit in combinatie met de lange bloei zorgt ervoor dat de bloemen druk bezocht worden, door onder andere de kleine klokjesbij. Het is daarnaast ook de waardplant van de zeer zeldzame malvabij en de vlinders het kaasjeskruiddikkopje en de distelvlinder.

Muskuskaasjeskruid staat het liefst op een zonnige tot halfzonnige plek in een vochtige bodem. De plant kan ook prima toegepast worden in een bloemenweide. Muskuskaasjeskruid is bij diverse gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt te verkrijgen, waaronder Sprinklr.

De roze bloemen van muskuskaasjeskruid zijn geliefd bij bijen
De open bloemen van muskuskaasjeskruid zijn enorm in trek bij bijen en andere insecten (Saxifraga-Hans Grotenhuis)

Hoogzomer (juni – augustus)

In de maanden juni, juli en augustus is het hoogzomer en bevat een dag veel zonuren. Veel tijd voor bijen en andere insecten dus om op zoek te gaan naar voedsel. Onderstaande planten bloeien in deze periode rijkelijk, waardoor ze druk bezocht worden door bijen in deze periode.

Wilde marjolein (Origanum vulgare)

Bloeitijd: juli – september

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 60 centimeter

In een tuin voor bijen mag wilde marjolein eigenlijk niet ontbreken. Deze prachtige vaste plant wordt tot 60 centimeter hoog en is een ware insectenmagnaat. Ze bloeit met roze tot purpere bloemen in de periode juli – september. Daarnaast verspreiden de bladeren een heerlijke geur als je erover wrijft en kunnen ze gebruikt worden in de keuken. Wij hebben deze alleskunner dan ook dichtbij de achterdeur staan, zodat we er altijd van kunnen genieten.

De vele bloemen van wilde marjolein produceren nectar met een hoog suikergehalte, tot wel 76%. Hierdoor valt het enorm in de smaak bij bijen, hommels, zweefvliegen en vlinders. Soorten die je er onder ander op kunt vinden zijn honingbijen, metselbijen, zandbijen en wespbijen. Maar ook hommels zoals de late hommel en koekoekshommel doen zich te goed aan de suikerrijke nectar.

Zet wilde marjolein op een plekje in de zon of halfzon. Ze staat het liefst op een droge tot vochtige plek en heeft een voorkeur voor een kalkhoudende bodem. Wilde marjolein is bij diverse gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt te verkrijgen, waaronder Sprinklr en Vivara.

De roze bloemen van marjolein zijn zeer in trek bij insecten
De multifunctionele wilde marjolein mag eigenlijk niet ontbreken in een bij-vriendelijke tuin

Beemdkroon (Knautia arvensis)

Bloeitijd: juni – oktober

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 70 centimeter

Beemdkroon is ook een typische vaste plant om meer biodiversiteit mee in je tuin te krijgen. De plant kon je vroeger veel in het landschap vinden op dijken en in bermen, maar is tegenwoordig sterk achteruitgegaan.

Van juni tot en met oktober bloeit beemdkroon met prachtige lilakleurige bloemen. Deze trekken veel insecten aan: bijen, hommels, zweefvliegen en vlinders komen allen graag eten van de nectar. Doordat de plant lang bloeit, een hoge nectarproductie heeft en de nectar gemakkelijk bereikbaar is komen er veel insecten op af. Onder andere de breedbandgroefbij en de zeldzame knautiabij kunnen op beemdkroon gevonden worden. Deze laatste bij is er zelfs afhankelijk van.

Na de bloei vormt beemdkroon zaad, dat overigens graag wordt gegeten door vogels zoals distelvinken. Met het zaad dat niet wordt opgegeten zaait de plant zich gemakkelijk uit in de tuin. Het liefst staat beemdkroon op een zonnige tot halfzonnige plek, in een vochtige tot matige droge bodem. Kalk in de bodem houden ze van, maar dit is geen vereiste. Beemdkroon is bij diverse gespecialiseerde winkels te verkrijgen, waaronder Sprinklr en Vivara.

De prachtige lilakleurige bloemen van beemdkroon
Beemdkroon bloeit lang en biedt enorm veel nectar, ideaal voor bijen dus

Wilde peen (Daucus carota)

Bloeitijd: juni – november

Standplaats: zon

Hoogte: tot 90 centimeter

Een andere lange bloeier is wilde peen. Deze plant bloeit met opvallende witte schermbloemen in de periode juni tot en met november. De lange bloeitijd zorgt ervoor dat bijen en hommels er veel voedsel kunnen vinden. Onder andere de tuinmaskerbij en zilveren zandbij vliegen op de bloemen van wilde peen. Daarnaast is het de waardplant van de kleurrijke dagvlinder de koninginnepage.

Ook na de bloei heeft de wilde peen nog sierwaarde in de tuin. De schermen buigen samen en vormen een soort bolletje, dat soms ook wel wordt vergeleken met een vogelnestje. De zaden die dan nog volop aanwezig zijn in de uitgebloeide schermbloemen trekken veel vogels aan, met name vinkachtigen.

Wilde peen staat het liefst op een zonnige plek in een droge tot matig vochtige bodem. Peen zaait zich gemakkelijk uit, dus in een mum van tijd geniet je van een zee van witte schermbloemen in je tuin.

Witte schermbloemen van wilde peen
De witte schermbloemen van wilde peen zijn een groot deel van het jaar een welkome voedselbron voor bijen en hommels

Wilde cichorei (Cichorium intybus)

Bloeitijd: juli – oktober

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 140 centimeter

Een soort die het vooral op kleigrond goed doet is wilde cichorei. Hoewel de cichorei van oorsprong niet van nature voorkomt in Nederland, wordt deze wel als inheems gezien. Het is een zogenaamde acrheofyt: een plant die voor 1492 is ingevoerd en daarom al eeuwen hier voorkomt in de natuur. De wilde cichorei is namelijk door de Romeinen meegenomen naar ons land.

Wilde cichorei bloeit met prachtige helderblauwe bloemen in de periode juli tot en met oktober. De bloemen zijn ’s ochtends op hun mooist en verwelken gedurende de middag. De dag erna verschijnen weer nieuwe, frisse bloemen. In de ochtend is deze plant dan ook vooral interessant voor insecten zoals bijen en hommels. In deze uren wordt de meeste nectar en stuifmeel geproduceerd. Onder andere de tronkenbij en pluimvoetbij kunnen dan op de bloemen gevonden worden. Naast bijen en hommels zijn ook zweefvliegen en vlinders regelmatig te zien op de bloemen.

Wilde cichorei staat dus het liefst op een (kalkhoudende) klei- of leemgrond. Een plekje in de zon of halfzon wordt geprefereerd, op een droge tot vochtige standplaats. Cichorei is bij diverse gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt te verkrijgen, waaronder Sprinklr en Vivara.

Van juli tot oktober biedt wilde cichorei een overvloed aan nectar voor bijen en andere bestuivers (de Natuur van hier)
Van juli tot oktober biedt wilde cichorei een overvloed aan nectar voor bijen en andere bestuivers (de Natuur van hier)

Nazomer (augustus – oktober)

Ook als de zomer is afgelopen is er bij bijen en hommels nog behoefte aan nectar. Voordat de winter begint kunnen ze nog een energieboost gebruiken, die ze vinden in de bloemen van najaarsbloeiers. Zorg er dus altijd voor dat je een aantal van onderstaande najaarsbloeiers in je tuin hebt staan, zodat je ook het volgende jaar weer kunt genieten van bijen en hommels in je tuin.

Blauwe knoop (Succisa pratensis)

Bloeitijd: juli – september

Standplaats: zon

Hoogte: tot 80 centimeter

Blauwe knoop is een prachtige inheemse plant die vooral voorkomt in schrale graslanden. De lila-blauwe bloemen bloeien van juli tot september en trekken veel insecten aan, waaronder diverse bijen en vlinders. Door de relatief late bloei is blauwe knoop een waardevolle nectarbron in de nazomer, wanneer het voedselaanbod voor insecten afneemt.

De plant groeit het beste op een zonnige plek met een voedselarme, licht vochtige bodem. In een tuin komt blauwe knoop het meest tot zijn recht in een natuurlijke, bloemrijke border. Blauwe knoop is bij diverse gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt te verkrijgen, waaronder Sprinklr.

De prachtige lila-kleurige bloemen van blauwe knoop bloeien in de nazomer
De prachtige lila-kleurige bloemen van blauwe knoop bloeien in de nazomer (Saxifraga – Hans Dekker)

Echte guldenroede (Solidago virgaurea)

Bloeitijd: juli – september

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 100 centimeter

Echte guldenroede bloeit in de nazomer met opvallend gele bloempluimen. Deze plant trekt veel insecten aam en vormt een belangrijke nectarbron voor bijen en vlinders in augustus en september.

Het liefst staat echte guldenroede op een plekje in de zon, in een droge tot matig vochtige bodem. Let er wel op dat je kiest voor de inheemse soort, aangezien sommige uitheemse soorten guldenroedes sterk kunnen woekeren en de biodiversiteit juist verminderen. Echte guldenroede is onder andere bij Vivara biologisch gekweekt te verkrijgen.

Echte guldenroede bloeit prachtig met gele bloempluimen (Saxifrage - Hans Grotenhuis)
Echte guldenroede bloeit prachtig met gele bloempluimen (Saxifrage – Hans Grotenhuis)

Watermunt (Mentha aquatica)

Bloeitijd: juli – september

Standplaats: zon – halfschaduw

Hoogte: tot 80 centimeter

Watermunt is een sterke oeverplant die groeit op vochtige tot natte plekken, zoals langs vijvers en slootkanten. De lichtpaarse bloemen verschijnen in de zomer en trekken veel bijen, hommels en andere insecten aan.

Watermunt verspreidt een frisse muntgeur en kan zich gemakkelijk uitbreiden, waardoor hij geschikt is voor een natuurlijke tuin waar hij wat ruimte krijgt. Door zijn rijke bloei is het een waardevolle nectarplant, vooral in combinatie met andere oever- en moerasplanten.

Watermunt bloeit rijkelijk met lila-rozekleurige bloemen
De bloemen van watermunt trekken veel insecten aan (Saxifraga – Hans Dekker)

Struikhei (Calluna vulgaris)

Bloeitijd: juli – november

Standplaats: zon – halfzon

Hoogte: tot 100 centimeter

Struikhei is een typische plant van heidegebieden en zandgronden en bloeit van juli tot in november. De paarsroze bloemen vormen een belangrijke nectarbron voor bijen en andere insecten in een periode waarin veel planten al zijn uitgebloeid. Daarnaast is het de waardplant voor de dagvlinders het groentje, het boomblauwtje en het heideblauwtje en voor tal van nachtvlinders.

Het beste groeit struikhei op voedselarme, droge en zure grond en is daardoor vooral geschikt voor tuinen op zandgrond. De plant vormt dichte matten en kan goed gecombineerd worden met andere heideplanten of lage grassen. Voor wilde bijen is struikhei van groot belang in de late zomer.

Struikhei vormt een belangrijke voedselbron voor wilde bijen in de nazomer
Struikhei vormt een belangrijke voedselbron voor wilde bijen in de nazomer

Klimop (Hedera helix)

Bloeitijd: september – oktober

Standplaats: zon – schaduw

Hoogte: tot 8 meter

Klimop is een van de meest waardevolle planten voor insecten in de herfst. De onopvallende groenige bloemen verschijnen pas in september en oktober, maar zitten dan vaak vol met bijen en zweefvliegen. In deze periode is er nog maar weinig voedsel beschikbaar, waardoor klimop een cruciale rol speelt.

Daarnaast biedt klimop ook beschutting en nestgelegenheid voor allerlei dieren. Als klimplant tegen een schutting of hekwerk biedt klimop een uitstekende schuil- en nestplek voor allerlei zangvogels. Naast als klimplant, kun je klimop ook prima als bodembedekker toevoegen.

Klimop groeit zowel in de schaduw als in de zon. In de zon staat zal deze echter eerder én uitbundiger bloeien. Door klimop in je tuin toe te voegen verleng je het seizoen voor bestuivers aanzienlijk. Het is misschien wel de belangrijkste plant voor bijen in de herfst. Klimop is bij diverse gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt te verkrijgen, waaronder Sprinklr.

De geelgroene bloemen van klimop
De geelgroene bloemen van klimop zijn een enorm belangrijke voedselbron voor bijen in het najaar

Hoe maak je een bijvriendelijke tuin?

Wil je jouw tuin echt aantrekkelijker maken voor bijen, dan is variatie de sleutel. Zorg voor een combinatie van vroege, zomerse en late bloeiers, zodat er van het vroege voorjaar tot in het najaar nectar en stuifmeel beschikbaar is.

Kies daarnaast voor zoveel mogelijk inheemse soorten en vermijd het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Door verschillende plantensoorten te combineren en de tuin iets minder strak te onderhouden, ontstaat vanzelf een leefomgeving waarin bijen zich thuis voelen.

Laat tot slot ook nog een stukje van je tuin met rust, zodat hier een rommelhoekje ontstaat. Hier groeien vaak vanzelf planten waar bijen op af komen. Daarnaast hebben ze hier een rustplek waar ze niet gestoord worden.

Extra tips om bijen te helpen

Met de volgende tips zorg je ervoor dat je tuin écht een paradijs wordt voor bijen en andere insecten. Dus kijk naast inheemse planten ook of je onderstaande punten goed in je tuin verwerkt hebt.

Zorg voor nestplekken

Wilde bijen hebben naast voedsel ook een plek nodig waar ze kunnen nestelen en overwinteren. Maar dit doen ze niet allemaal op dezelfde manier. Zorg er dus voor dat je verschillende plekken aanbiedt waar bijen een nest kunnen maken en waar ze kunnen overwinteren.

Zorg allereerst voor een zandige plek. Sommige bijen graven een gang in de grond om daarin te kruipen. Zorg dus voor een heuvel van zand of maak een stapelmuurtje waarbij je zand gebruikt. Andere bijen overwinteren in holle stengels van uitgebloeide planten. Zijn je planten dus in het najaar uitgebloeid, wacht dan met de stengels afknippen. Laat deze staan tot in het voorjaar, zodat bijen en andere insecten deze tijdens de winter kunnen gebruiken. Tot slot zijn er ook soorten die gebruik maken van insecten- en bijenhotels. Hang dus één of meerdere van deze hotels op, op een beschutte en rustige plek in de tuin.

Uitgebloeide planten (stengels) bieden geschikte overwinteringsplekken voor bijen en andere insecten
Uitgebloeide planten (stengels) bieden geschikte overwinteringsplekken voor bijen en andere insecten

Kies voor biologische planten

Veel reguliere tuinplanten uit tuincentra bevatten bestrijdingsmiddelen (vaak meerdere soorten op één plant!) die schadelijk zijn voor insecten. Bijen en andere insecten die op de bloemen afkomen van deze planten krijgen vaak last van het zenuwstelsel en gaan soms zelfs dood ervan. Het is dan ook een van de belangrijkste redenen waarom het zo slecht gaat met bijen: het grootschalige gebruik van bestrijdingsmiddelen.

Wil je dus iets goeds doen voor bijen en andere insecten, koop dan uitsluitend biologisch gekweekte plantend. Deze zijn vrij van pesticiden waardoor ze geen ecologische val vormen voor insecten. Via Sprinklr en Vivara is een breed scala aan biologische (en vaak inheemse) planten te verkrijgen.

Veelgemaakte fouten bij een bijvriendelijke tuin

Een veelgemaakte fout is dat er vooral wordt gekeken naar planten die er mooi uitzien, in plaats van naar de ecologische waarde. Exotische tuinplanten kunnen soms nectar aanbieden, maar zijn vaak ongeschikt als waardplant voor wilde bijen. Daarnaast verliezen sommige gecultiveerde soorten een belangrijk deel van de nectarproductie. Ze zien er dan wel mooi uit, maar hebben insecten vrijwel niets te bieden.

Ook zien we vaak dat tuinen te netjes worden onderhouden. Door alles strak te snoeien en uitgebloeide planten direct te verwijderen, verdwijnen belangrijke voedselbronnen en schuilplekken voor insecten.

Bloeitijd kalender voor bijenplanten

Met onderstaande bloeikalender zorg je ervoor dat er van het vroege voorjaar tot in het najaar altijd bloeiende planten in je tuin aanwezig zijn.

MaandInheemse bijenplanten
FebruariBoswilg
MaartBoswilg, sleedoorn
AprilGevlekt longkruid, pinksterbloem
MeiFluitenkruid, gewone rolklaver
JuniKnoopkruid, slangenkruid, beemdkroon
JuliWilde marjolein, grote kattenstaart
AugustusBlauwe knoop, watermunt
SeptemberEchte guldenroede, klimop
OktoberStruikhei, klimop
NovemberStruikhei

Door planten te combineren die op verschillende momenten bloeien, zorg je voor een continue voedselbron voor bijen en andere insecten.

Conclusie: met deze planten help je bijen echt

Door je tuin in te richten voor bijen, kun je wilde bijen écht helpen. Begin met het aanplanten van inheemse en biologische gekweekte bloeiende planten. Ook als je al met 3 tot 5 soorten begint help je bijen al. Ook kleine tuinen kunnen van waarde zijn voor bijen.

Veel van deze inheemse planten die we genoemd hebben in deze blog komen we tegen tijdens onze natuurwandelingen in Nederland en België, waar we zien hoeveel bijen en andere insecten ervan profiteren. Hiermee kun je dus echt een verschil maken.

Gebruik verder geen bestrijdingsmiddelen, richt een aantal rommelhoekjes in en zorg voor nestgelegenheid en overwinteringsplekjes. Zo ontstaat er vanzelf een echte bijentuin.

Veelgestelde vragen over bijenplanten

Onderstaand de meest gestelde vragen over bijenplanten

Welke planten zijn het beste voor bijen?

De beste planten voor bijen zijn inheemse soorten die rijk zijn aan nectar en stuifmeel, zoals knoopkruid, slangenkruid, beemdkroon en boswilg.

Wanneer bloeien bijenplanten?

Bijenplanten bloeien verspreid over het jaar. Vroege bloeiers zoals wilg en sleedoorn zijn belangrijk in het voorjaar, terwijl klimop juist in het najaar een cruciale voedselbron vormt.

Zijn alle bloeiende planten goed voor bijen?

Nee, zeker niet. Veel sierplanten zijn doorgekweekt en bevatten weinig nectar of stuifmeel. Inheemse planten zijn meestal veel waardevoller voor bijen.

Hoe maak ik mijn tuin aantrekkelijk voor bijen?

Door te kiezen voor inheemse planten, te zorgen voor bloei van voorjaar tot najaar en de tuin minder strak te onderhouden. Ook water en schuilplekken zijn belangrijk.

Wat is het verschil tussen nectarplanten en waardplanten?

Nectarplanten leveren voedsel voor volwassen insecten. Waardplanten zijn nodig voor de voortplanting, omdat insecten hier hun eitjes op leggen en larven van eten.

Tot slot

Ben je nog op zoek naar andere planten om je tuin mee in te richten? Kijk dan eens bij onze andere blogs voor: schaduwplanten, bodembedekkers, vijverplanten of planten voor vlinders. Ga vandaag aan de slag met inheemse planten en begin klein, zo groeit je tuin langzaam uit tot een biodiversiteitsparadijs!

Twijfel je nog welke planten het beste passen bij jouw situatie? In onze uitgebreide gids over inheemse beplanting leggen we stap voor stap uit waar je op moet letten en hoe je zelf een natuurlijke tuin opbouwt.

 Bekijk hier de complete gids over inheemse beplanting

Wil je meer tips voor inspiratie over inheemse planten of andere tuintips? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief. Zo blijf je op de hoogte van nieuwe blogs, praktische tuintips en winacties!

Meer natuur in je tuin e-book
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

De beste inheemse planten voor in de zon

Planten volle zon

Planten kiezen voor dat plekje in de volle zon in je tuin kan soms best lastig zijn. Niet alle tuinplanten kunnen de intensiteit van de zon en de droge omstandigheden verdragen. Gelukkig is er een ruime keuze aan inheemse planten die een plekje in de volle zon prefereren. Door te kiezen voor de juiste inheemse planten zorg je ervoor dat je planten niet staan weg te kwijnen én lever je een belangrijke bijdrage aan de lokale biodiversiteit. Een win-win situatie dus.

Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Inhoudsopgave

Wilde marjolein - planten volle zon
Een inheemse plant op de juiste plek zal rijkelijk bloeien. Hier staat wilde marjolein volop in bloei. Een ware magneet voor insecten (Saxifraga-Jan van der Straaten)

Tips voor planten in de volle zon

Op stukken in je tuin die in de volle zon liggen kunnen de omstandigheden behoorlijk extreem worden. Door klimaatveranderingen worden de weersomstandigheden steeds extremer. Dit betekent dat planten in de volle zon tegen hogere temperaturen bestand moeten zijn en langere periodes van droogte moeten overbruggen. Met onderstaande tips kun je ervoor zorgen dat je planten deze omstandigheden beter aan kunnen.

Zorg ervoor dat de grond tussen de planten afgedekt is. Een kale grond droogt sneller uit dan grond die afgedekt is, waardoor planten sneller dorst krijgen. Om de grond af te dekken kun je boomschors gebruiken, of een mulchlaag van plantenresten.

Heb je dit gedaan, maar droogt de grond dan nog steeds heel snel uit? Dan kun je er nog voor kiezen om een druppelslang aan te leggen. Dit maakt het water geven een stuk gemakkelijker. Een druppelslang geeft het water gelijkmatig af. In combinatie met een afdeklaag van boomschors of plantenresten zorgt ervoor dat het water niet onmiddellijk verdampt en de planten de kans krijgen het vocht op te nemen. De afdeklaag zorgt er tevens meteen voor dat de druppelslang niet zichtbaar is (en dat je geen of minder onkruid hoeft te plukken).


Lees ook: natuurtuin in ontwikkeling – deel I


Uitgebloeide kruiden laten staan

Hebben je planten het hele jaar gebloeid en is er in het najaar niet meer over dan een aantal uitgebloeide stengels? Laat deze dan staan tot in het voorjaar. Al lijken het maar een paar uitgebloeide stengels, deze zijn zeer belangrijk voor de overwintering van dieren. Insecten overwinteren in uitbloeide stengels en kleine dieren vinden schuilplaatsen tussen de planten. Op onderstaande afbeelding zie je zo’n uitgebloeid stukje kruiden. Deze heeft de hele winter als schuilplek gediend voor een haas. Als je goed kijkt zie je de oren van de haas (omcirkeld). Maar ook vogels zoals de roodborst en winterkoning vinden er in de schrale wintermaanden voedsel in. Voortaan de uitgebloeide kruiden laten staan dus!

Uitgebloeide kruiden schuilplaats haas (De Natuur van hier)
Uitgebloeide kruiden bieden uitstekende schuilplaatsen en voedselplekken voor kleine zoogdieren en vogels. Als je goed kijkt zie je dat een haas dit stuk gebruikt als rustplek (De Natuur van hier)

Beemdkroon (Knautia arvensis)

De eerste plant voor in de volle zon die we bespreken is beemdkroon. Deze vaste plant wordt tot 60 centimeter hoog en bloeit met prachtige lilakleurige bloemen.

De bloei start in juni en loopt door tot in de herfst, vaak tot in oktober. Beemdkroon kan ook goed worden toegepast in bloemenrijke gazons en bloemenweiden.

Knautia arvensis 17, Beemdkroon, Saxifraga-Ed Stikvoort
Beemdkroon (Saxifraga-Ed Stikvoort)

Beemdkroon wordt druk bezocht door van allerlei insecten zoals dagvlinders, bijen en hommels. De knautiabij, welke op de rode lijst staat, is zelfs afhankelijk van beemdkroon. De sterke afname van beemdkroon in Nederland zorgt er dan ook voor dat de bij op de rode lijst staat.

Beemdkroon is hier, biologisch gekweekt, te bestellen bij Sprinklr.

Duizendblad (Achillea millefolium)

Een andere vaste plant die een plekje in de volle zon goed verdraagt is duizendblad. Duizendblad wordt tot 50 centimeter hoog en heeft uitbundige witte, roze, of soms rode schermbloemen. De bloei start in juni en loopt door tot in november.

Duizendblad kan ook prima op groendaken en in bloemrijke gazons en bloemenweiden toegepast worden.

Duizendblad planten zon
Duizendblad

Net zoals beemdkroon is duizendblad ook een zeer goede plant om insecten aan te trekken. Onder andere zweefvliegen, bijen, vlinders en hommels vliegen op de bloemen. De kortsprietwespbij en duinmaskerbij zijn twee voorbeelden van bijen die je op duizendblad kunt tegenkomen.

Duizendblad, biologisch gekweekt, bestel je hier bij Sprinklr!

Gewone smeerwortel (Symphytum officinale)

In een lijstje met planten voor in de volle zon mag gewone smeerwortel niet ontbreken. Gewone smeerwortel kan tot 1 meter hoog worden. Ze krijgt prachtige hangende bloemen, welke kunnen variëren van witte tot paars. De bloei start al in april en duurt tot en met augustus.
Smeerwortel houdt wel van een wat vochtige grond, dus zorg ervoor dat deze niet te veel uitdroogt.

Smeerwortel (De Natuur van hier)
Smeerwortel (De Natuur van hier)

Gewone smeerwortel wordt veel bezocht door hommels zoals de akkerhommel, aardhommel en grashommel (zeldzaam). Alleen langtongige hommels kunnen bij de nectar. Hommels met een korte tong (zoals de akkerhommel) boren een gaatje aan de voet van de bloemkroon om bij de nectar te komen.

Gewone smeerwortel is hier, biologisch gekweekt, te bestellen bij Sprinklr!

Dagkoekoeksbloem (Silene dioica)

Dagkoekoeksbloem is ook zo’n prachtige vaste plant die een plek in de volle zon verlangt (of halfschaduw), mits deze wel op een vochtige plek staat. Belangrijk is dus om ervoor te zorgen dat de grond niet uitdroogt.
Dagkoekoeksbloem wordt tot 80 centimeter hoog en bloeit van april tot en met oktober met grote roze bloemen, met vijf diep ingesneden kroonbladeren.

Silene dioica 45, Dagkoekoeksbloem, Saxifraga-Rutger Barendse
Dagkoekoeksbloem, (Saxifraga-Rutger Barendse)

Bijen, hommels, dagvlinders en nachtvlinders vliegen op de bloemen van dagkoekoeksbloem. Hoewel de bloemen overdag open zijn vindt bestuiving voornamelijk plaats door nachtvlinders. Dagkoekoeksbloem is de waardplant voor de gewone Silene-uil, maar ook de koekoeksbloem-spanner is een nachtvlinder die veelvuldig gebruik maakt van de plant.

Bij Sprinklr is dagkoekoeksbloem biologisch gekweekt te bestellen!

Grote centaurie (Centaurea scabiosa)

De grote centaurie is nog zo’n prachtige inheemse plant die het prima doet in de zon. De plant kan tot wel 1,25 meter hoog worden en kent een rijkelijke bloei. De grote rozepaarse bloemen verschijnen in mei aan de plant en blijven doorbloeien tot en met augustus.
Grote centaurie doet het beste op kalkhoudende tot kalkrijke bodems.

Centaurie planten zon
Grote Centaurie (Saxifraga-Peter Meininger)

Grote centaurie is voor insecten ook een erg belangrijke plant. Er vliegen veel bijen op grote centaurie, zoals groefbijen en de pluimvoetbij. Verder maken ook hommels en vlinders veelal gebruik van de bloemen. Soorten die je kunt aantreffen op de grote centaurie zijn de distelvlinder, verschillende parelmoervlinders en hommels zoals akkerhommel, aardhommel en steenhommel.

Grote centaurie is hier biologisch gekweekt te bestellen bij Sprinklr.

Wilde marjolein (Origanum vulgare)

Een andere inheemse plant die in de volle zon gezet kan worden is wilde marjolein. Wilde marjolein wordt tot 60 centimeter groot en heeft een voorkeur voor kalkhoudende grond.
De roze bloemen geuren heerlijk en bloeien van juli tot september.
Wilde marjolein wordt veelal als specerij gebruikt in de Griekse en Italiaanse keuken en staat ook wel bekend als oregano.

Wilde marjolein bijenplanten
Wilde marjolein

Wilde marjolein is een ware insectenmagneet. Van allerlei soorten insecten komen er op af, zoals zweefvliegen, (solitaire) bijen, hommels en dagvlinders. Enkele soorten die vaak gezien worden op wilde marjolein zijn: honingbij, metselbij, stadsreus, dagpauwoog, atalanta en vele anderen.

Wilde marjolein is hier, biologisch gekweekt, te bestellen bij Sprinklr.

Grote pimpernel (Sanguisorba officinalis)

Tot slot nog de grote pimpernel. Deze vaste land is vrij zeldzaam geworden in Nederland.
Grote pimpernel wordt tot 1 meter hoog, in sommige gevallen nog hoger, en bloeit met prachtige donkerrode bloemen. De bloeit begint in juni en loopt door tot en met september. Grote pimpernel verdraagt een plek in de volle zon, maar houdt wel van een wat vochtige bodem. Plant je hem dus in de volle zon dan moet je er wel voor zorgen dat de grond niet uitdroogt.

Grote pimpernel planten volle zon
Grote pimpernel (Saxifraga -Hans Dekker)

Net zoals de overige inheems planten die besproken zijn in deze blog, is grote pimpernel ook een belangrijke plant voor een aantal insecten. Zweefvliegen, bijen, hommels en dagvlinders maken veelvuldig gebruik van de plant. Voor het pimpernelblauwtje en het donker pimpernelblauwtje is het zelfs de waardplant.

Grote pimpernel is hier, biologisch gekweekt, te bestellen bij Sprinklr.


Twijfel je nog welke planten het beste passen bij jouw situatie? In onze uitgebreide gids over inheemse beplanting leggen we stap voor stap uit waar je op moet letten en hoe je zelf een natuurlijke tuin opbouwt.

 Bekijk hier de complete gids over inheemse beplanting

Meer natuur in je tuin e-book
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

Bloemrijk gazon: aanleggen, onderhouden en de voordelen

Bloemrijk gazon

Een bloemrijk gazon, vol met leven en kleuren. Wie wil dat nu niet? Veel mensen denken dat het veel werk is en leggen daarom strakke grasmatten aan. Waar het vervolgens stil is…

Gelukkig is er de laatste jaren een omslag te bemerken in veel Nederlandse tuinen, weilanden en andere graslanden. Ook het maaibeheer van sommige gemeentes wordt of is al aangepast. Van nette en stille groene woestijnen naar rommelige oases van leven. In deze blog geven we je tips om een bloem- en kruidenrijk gazon aan te leggen en te onderhouden. De voordelen voor jou en de biodiversiteit worden ook besproken.

Banner e-book meer natuur in je tuin - kruipend zenegroen (de Natuur van hier)
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Inhoudsopgave

Wat is een bloemrijk of kruidenrijk gazon?

De naam zegt het eigenlijk al: in een bloem- en kruidenrijk gazon of grasland verwacht je allerlei soorten kruiden en bloeiende planten. Over het algemeen worden nog veel tuinen op een meer traditionele wijze beheerd, wat betekent dat er regelmatig (soms wekelijks) gemaaid wordt, ‘onkruid’ wordt uitgestoken of bespoten, bladeren worden geveegd en mos is uit den boze. Daarnaast zijn er ook nog veel tegeltuinen waarin soms amper iets groens te ontdekken valt.

Ziet jouw gazon er zo uit? Dan is het de hoogste tijd om in actie te komen!
Ziet jouw gazon er zo uit? Dan is het de hoogste tijd om in actie te komen!

Deze traditionele tuinen hebben een monotoon karakter. Door de weinige plantensoorten die er voorkomen, is er minder of weinig biodiversiteit. Het vergt ook veel tijd en onderhoud om het gazon strak en netjes te houden. Er is in warme periodes vaak veel water nodig om het gras groen te laten blijven.

Bloemrijke tuinen of gazons zijn in vrijwel alles het tegenovergestelde. Er is sprake van veel verschillende soorten planten, bloemen, struiken en/of bomen. Hierdoor ontstaat er veel meer biodiversiteit in je tuin, want er wordt veel meer leven aangetrokken. Dit vraagt ook om een andere manier van beheer of onderhoud. De sleutel bij natuurvriendelijk tuinieren is eigenlijk heel simpel: doe zo weinig mogelijk. Laat de bladeren liggen, onkruid bestaat in feite niet, gebruik geen bestrijdingsmiddelen en laat de natuur haar gang gaan.


Lees ook: natuurtuin in ontwikkeling


Voordelen van een bloemrijk gazon

Doordat er veel verschillende plantensoorten gebruikt worden in een bloemrijk gazon, help je de biodiversiteit hier enorm mee. Veel verschillende soorten insecten, zoals bijen en vlinders, en vogels weten vaak binnen mum van tijd hun plekje te vinden. Het biedt niet alleen voedselmogelijkheden, maar ook schuil-, nest- en rustmogelijkheden voor veel diersoorten. Wanneer je ook nog de mogelijkheid hebt om een poel aan te leggen, wordt je tuin helemaal een magneet voor veel soorten leven.

Daarnaast heb je zelf ook voordeel van je bloemrijk gazon. Niet alleen omdat je veel minder onderhoud hoeft te plegen zoals we hierboven beschrijven, maar het is ook meer genieten van een bloemrijk gazon vanwege alle verschillende kleuren en geuren. Bepaalde planten kun je ook eten, denk maar eens aan de bladeren van de paardenbloem bijvoorbeeld. Of trek thee van duizendblad of brandnetel.

Voor veel mensen een doorn in het oog: molshopen in je tuin. Maar jij, als natuurtuinierder, weet dat dit juist heel goed is voor de bodem
Voor veel mensen een doorn in het oog: molshopen in je tuin. Maar jij, als natuurtuinierder, weet dat dit juist heel goed is voor de bodem

Een bloemrijk gazon heeft een positieve invloed op het milieu. Je verbruikt minder water dan bij een traditioneel gazon. Daarnaast gebruik je geen bestrijdingsmiddelen (ook geen schoonmaakazijn), wat veel doet met de bodem en het daarin aanwezige bodemleven (regenwormen, kevers, duizendpoten, schimmels enzovoorts). Molshopen gezien? Een teken dat er actief bodemleven is! Uiteraard zet je geen vallen. Het gegraaf van mollen is erg goed voor de bodem. De natuurlijke cyclus heeft tijd nodig om te herstellen, dus heb geduld.

Ook kan je bloemrijke gazon het water vaak beter vasthouden dan een traditioneel gazon. Doordat de vele verschillende plantensoorten zich wortelen in de bodem, wordt de bodem beter waterdoorlaatbaar en ademt hij beter. Een tuin die meebeweegt met het klimaat wordt steeds belangrijker. De droge en zeer natte periodes komen steeds vaker voor en het is daarom steeds belangrijker om water vast te kunnen houden.

Beginnen met je bloemrijke gazon

Locatie

Als eerste onderzoek je de locatie waar je je kruidenrijke gazon wil gaan ontwikkelen. Hoe is de stand van de zon? Waar en wanneer is er schaduw? Wat voor bodemsoort heb je? Het is ook goed om na te denken over inheemse soorten die je wil gaan gebruiken. Het liefst gebruik je inheemse soorten die echt in de nabije omgeving voorkomen. Op die manier kunnen tuinen stapstenen vormen naar natuurgebieden. Op de website van Streektuinen kun je je tuin aanmelden als stapsteen. Samen met de Cruydt-Hoeck hebben zij inheemse streekkruidenpakketten ontwikkeld. Je kunt per gebied zoeken naar welk pakket het meest past bij jouw omgeving.

Bodem

Ook moet je nagaan of er bodemverbetering nodig is. Dit kan het geval zijn wanneer de bodem uitgeput of arm is. Op die manier heb je meer kans dat het zaaigoed tot ontwikkeling komt. Denk na over welke bodemverbetering je wil doorvoeren en maak daarin duurzame keuzes. Turf wordt bijvoorbeeld massaal uitgestoken in Oost-Europa, waardoor kwetsbare natuur voorgoed verdwijnt. Misschien heb je een eigen composthoop, waar je compost kan kunt gebruiken.

De gesteldheid van de bodem is bepalend voor welke soorten het goed (gaan) doen. Op voedselrijkere bodems kun je al gauw herderstasje tegenkomen
De gesteldheid van de bodem is bepalend voor welke soorten het goed (gaan) doen. Op voedselrijkere bodems kun je al gauw herderstasje tegenkomen

Als je de locatie en bodem hebt onderzocht en een zaadmengsel hebt gekozen, kun je bijna gaan beginnen. Het is belangrijk om van tevoren ook na te denken over bewatering. Misschien wil je hier bepaalde slangen voor aanleggen, zoals een druppelslang langs beplanting. Sproeiers zijn vaak niet nodig bij kruidenrijke gazons.

Beginnen met zaaien

Tijd om te gaan zaaien. Lees de aanwijzingen op het zaadmengsel goed door. Hierin staat beschreven hoe je de grond voorbereidt, in welke periode je het beste kunt zaaien, in welke hoeveelheden en welke soorten eenjarig of meerjarig zijn. Daarna is het tijd om achterover te leunen en af te wachten. Houd vooral in het begin in de gaten of het ingezaaide goed vochtig genoeg blijft. Misschien is het ook nodig om vogels te weren, zodat zij er niet vandoor gaan met de zaden.

Bloeitijd, vergrassen en maaien

Tijdens de bloeiperiode hoef je in principe niets te doen, maar je moet wel in de gaten houden of de boel niet aan het vergrassen is. De bodems van tuinen zijn vaak voedselrijk, omdat er jaren kunstmest op gestrooid is. Hoe voedselrijker de bodem is, hoe beter de grassen het doen. Als je merkt dat dit aan de gang is, is het raadzaam om rond mei te maaien. Dit gaat in tegen het principe ‘maai mei niet’, maar is soms nodig om de bodem armer te maken. Op armere bodem groeien meer kruiden en minder grassen.

In het najaar maai of knip je alles kort. Let erop dat je een deel, een derde ongeveer, laat staan voor voedsel en overwintering van vele (kleine) diersoorten. Vogels zoals distelvinken zijn dol op de zaden in uitgebloeide bloemen en insecten maken graag gebruik van de afstervende delen van de planten om in te schuilen en te overwinteren.

Bloemrijke gazons bieden voedsel voor vogels, zoals distelvinken die zaden komen eten (De Natuur van hier) natuurtuin
Bloemrijke gazons bieden voedsel voor vogels, zoals distelvinken die zaden komen eten (De Natuur van hier)

Maaibeleid in bloemrijk gazon

De kern is: maai slechts enkele keren per jaar. Wanneer de bodem nog voedselrijk is, te herkennen aan meer gras dan kruiden, kun je drie keer per jaar maaien. Daarna schaal je af naar twee keer per jaar maaien. Doe dit na de zaadzetting van de kruiden, zodat de zaden zich kunnen verspreiden. Het minder voedselrijk maken van de bodem, noemen we ‘verschralen’. Kruiden en andere planten hebben een minder rijke bodem nodig dan grassoorten. Uiteindelijk zou je naar twee keer per jaar maaien toe kunnen gaan.

Bloemrijke gazons zijn een ideaal nectarveld voor bijen (de Natuur van hier)
Bloemrijke gazons zijn een ideaal nectarveld voor bijen (de Natuur van hier)

Het is aan te raden om het gras kort de winter in te laten gaan. Wanneer het gras niet langer de overhand heeft, is het raadzaam om een deel uitgebloeide planten te laten staan in de winter. Dit biedt voedsel- en schuilmogelijkheden voor vele diersoorten in je tuin. Denk maar aan vogels die de zaden nodig hebben en overwinterende poppen van vlinders die zich ergens schuilhouden.

En de rest van de tuin?

Je weet nu hoe je aan de slag kunt gaan om een bloemrijk gazon te ontwikkelen. Maar misschien wil je nog wel een stap verder en ook de delen rondom het gazon aanpakken. Er zijn vele dingen, groot en klein, die je kunt doen om je tuin natuurlijker te maken. Jij hebt daar minder onderhoud aan en de biodiversiteit is er enorm bij gebaat. Hieronder een kort overzicht.

Plant struiken, heggen en bomen

Echte aantrekkers voor leven in je tuin, zijn struiken, (gemengde) heggen en bomen. Net als bij de zaden voor je bloemrijke gazon, let je ook hier erop of de soorten inheems zijn. Inheemse soorten zijn geen gevaar voor de inheemse biodiversiteit, waar (invasieve) exoten dat wel kunnen zijn. Daarnaast is de natuurlijke cyclus zo op elkaar ingespeeld, dat elke soort (plant, dier, schimmel etc.) haar eigen functie heeft in een groter netwerk.

Je kunt afwisselen tussen bessendragende soorten, groenblijvende soorten, hoogtes, verschillende bloeiperiodes enzovoorts. Elke soort biedt iets unieks. Je kunt ook onderzoeken welke plant- en boomsoorten goed zijn voor welke diersoorten en daar je tuin verder op inrichten, bijvoorbeeld voor vogelsoorten die in jouw omgeving voorkomen. Dit kun je nagaan op waarneming.nl.

Bloemrijk gazon. Een heg, struik of boom kan nestgelegenheid bieden aan vogels en zorgt ook voor voedsel- en schuilmogelijkheden
Een heg, struik of boom kan nestgelegenheid bieden aan vogels en zorgt ook voor voedsel- en schuilmogelijkheden

Heggen doen ook veel voor de biodiversiteit in je tuin. Ze bieden mogelijkheden voor voedsel, broeden, schuilen en overwinteren. Tip: laat bij het snoeien van je heg ook een gedeelte onaangeroerd, net als een stuk niet maaien in je gazon. Lees hier meer over het aanplanten van een gemengde haag. Wil je zelf een haag aanplanten? Kies dan zoveel mogelijk voor inheems én biologisch en meng een aantal soorten met elkaar. Geen zin om zelf uit te zoeken? Ga dan voor een Tuiny Haag van Sprinklr. Hiermee haal je in een klap 11 inheemse haagplanten in huis. Dat wordt genieten van de vogels en insecten in je haag!


Lees ook: hoe plant ik een boom?

Leg een poel of vijver aan

Water is een echte magneet om nog meer leven aan te trekken in je tuin. Een poel of vijver kun je zo groot of klein maken als je wil. Zelfs met een kleine bak kun je al veel goeds doen. Juffers, libellen en andere insecten leggen er hun eitjes in het water, vogels en kleine zoogdieren komen er drinken en waarschijnlijk weten kikkers, padden en hopelijk salamanders het ook gauw te vinden. Lees hier ons stappenplan.

Laat het lekker rommelig

Biodiversiteit is niet gebaat bij netjes aangeharkte tuinen. Rommelhoekjes zijn belangrijk, net als dode plantenresten. Je kunt ergens een stapeltje dakpannen neerleggen of een stapelmuurtje maken. Bladeren kun je ook gerust laten liggen, veel dieren zullen hier blij mee zijn.

Stapelmuur 3

Veelgestelde vragen

Waarom moet je minder maaien bij een bloemrijk gazon?

Wanneer je regelmatig maait, krijgen kruiden niet de kans om te bloeien en zaad te vormen. Zo kunnen ze zich niet verspreiden en blijf je aankijken tegen een groene woestijn. Een groen gazon lijkt misschien natuurlijk, maar het is veel te monotoon om veel leven te herbergen. Laat je dus niet foppen door al die groene grasmatten.

Is een bloemrijk gazon niet heel veel werk?

Juist niet! Natuurlijk moet je in het begin tijd en moeite investeren. Vooral als je ook nog jarenlang (kunst)mest op je gazon hebt gegooid. De grond heeft tijd nodig om minder voedselrijk te worden. Maar na het inzaaien kun je vooral achterover leunen en genieten van alles wat opkomt. Maaien hoeft maar een paar keer per jaar en onkruid bestaat niet. Resultaat: minder werk voor jou, meer biodiversiteit in je omgeving.

Bloemenmengsel
Wil je jouw tuin ook aantrekkelijker maken voor insecten, dan is het goed om aan de slag te gaan met een bloemrijk gazon. Door de tips in deze blog toe te passen zullen er steeds meer soorten kruiden en bloemen in je gazon komen. Daarnaast kun je er ook nog voor kiezen om een hoek of een strook in je tuin in te zaaien met een bloemenmengsel. Via Sprinklr zijn twee leuke mengsel te bestellen. De combinatie van een bloemrijk gazon en een speciaal ingezaaid stuk bloemen zorgt ervoor dat er in veel variatie te vinden is en over een lang gedeelte van het seizoen bloei. Insecten zullen er dol op zijn!

Heb je een andere vraag? Laat het ons weten!

Meer natuur in je tuin e-book
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

Salamanders in de tuin

Salamander in tuin

Veel mensen hebben salamanders in de tuin. Deze inheemse dieren weten de tuin razendsnel te vinden wanneer hier een poeltje of vijver aanwezig is. Maar hoe komen deze amfibieën in de tuin? En welke soorten salamanders worden zoal in tuinen gezien? Hoe zorg je ervoor dat je tuin nog meer geschikt is voor salamanders? In deze blog gaan we er dieper op in.

Banner e-book meer natuur in je tuin - kruipend zenegroen (de Natuur van hier)
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Inhoudsopgave

Hoe komen salamanders in de tuin?

De salamanders die over het algemeen in tuinen worden aangetroffen zijn in Nederland watersalamanders. Dit betekent dat ze in de paartijd sterk gebonden zijn aan water. De eitjes worden in het water afgezet en de larve worden in het water geboren. Als volwassen exemplaren kunnen salamanders zich ook prima over land verplaatsen. Hierdoor zijn ze in staat om tussen verschillende poelen te migreren.

De afstand die salamanders afleggen om nieuwe poelen te koloniseren varieert en hangt af van een aantal factoren. Verschillende soorten leggen niet dezelfde afstanden af. Daarnaast bepalen de kwaliteit van het leefgebied en de bereikbaarheid van andere poelen hoever salamanders reizen. Bij de kamsalamander is het bekend dat ze een afstand van meer dan 1 kilometer tussen poelen kunnen overbruggen, al doen ze hier wel meerdere jaren over. Poelen die dichterbij liggen kunnen vaak al binnen één jaar bereikt worden.


Lees ook: salamanders in Nederland


Voor het leven van salamanders in tuinen is het belangrijk dat tuinen goed bereikbaar zijn. Tuinen moeten dus niet volledig afgesloten worden met betonnen of houten schuttingen, maar liever met groene hagen. Daarnaast moeten er in tuinen en in de openbare leefomgeving voldoende groen aanwezig zijn waarin salamanders zich kunnen verplaatsen.

Wat moet ik doen met een salamander in mijn tuin?

Het kan zijn, ook als je geen poel of vijver in je tuin hebt, dat je een salamander in je tuin of zelfs in huis vindt. Op het moment dat je een salamander in huis vindt is het belangrijk eerst je handen te wassen of handschoenen aan te doen, voordat je de salamander verplaatst. Salamanders ademen (onder andere) via de huid, dus kunnen schade oplopen door resten die aan je handen kleven van verzorgingsproducten, schoonmaakmiddelen, et cetera. Verplaatst salamanders alleen als het strikt noodzakelijk is (als ze bijvoorbeeld in huis zitten) en doe dit dan zo snel en efficient mogelijk. Salamanders zijn immers beschermd en vangen, vervoeren en verhandelen is verboden.

Zorg ervoor dat de salamander veilig is voor huisdieren zoals honden en katten. Salamanders leven zowel op het land als in het water, dus zorg voor een geschikt landhabitat als waterhabitat. Hoe je dat doet lees je verderop in de blog. Gebruik tot slot geen chemische bestrijdingsmiddelen voor onkruid, slakken of wat dan ook in je tuin. Salamanders zullen er als een van de eerste dieren last van hebben en vermoedelijk aan overlijden.


Lees ook: paddentrek


Welke salamander heb ik in mijn tuin?

De salamander die het meest voorkomt in tuinen is met stipt de kleine watersalamander. De kleine watersalamander komt in vrijwel heel Nederland voor en ze hebben geen hele grote poelen nodig als voortplantingsbiotoop. Dit zorgt ervoor dat kleine visvrije en visarme vijvers en poelen in tuinen al snel geschikt zijn voor de kleine watersalamander.

Lissotriton vulgaris 3, Kleine watersalamander, Saxifraga-Kees Marijnissen
Kleine watersalamander (Saxifraga-Kees Marijnissen)

Naast de kleine watersalamander worden alpenwatersalamander en kamsalamander ook wel eens in tuinen waargenomen, maar beduidend minder dan eerstgenoemde. Beide soorten komen echter niet in het gehele land voor en ze zijn ook wat veeleisender wat betreft voortplantings- en landbiotoop.

Hoe maak ik mijn tuin meer geschikt voor salamanders?

Zoals al eerder benoemd in deze blog leven salamanders zowel in het water als op het land. Wil je dus salamanders in je tuin dan zul je zowel een geschikt water- als landhabitat moeten creëren.

Waterhabitat

Als waterhabitat is het verstandig om een poel of vijver aan te leggen. Hierbij moet je op een aantal dingen letten. Allereerst is het belangrijk de poel visvrij te houden (of ten minste zo min mogelijk vis). Vissen eten namelijk de eitjes en larven van amfibieën, waardoor kikkers, padden en salamanders zich veel minder snel zullen vestigen in een visvijver. Daarnaast is het belangrijk dat de poel of vijver grotendeels in de zon ligt, er voldoende (inheemse) vijverplanten aanwezig zijn en de taluds/oevers niet te steil zijn, zodat salamanders gemakkelijk in en uit de poel of vijver kunnen. Voor meer tips lees onderstaande blog, daarin lees je precies hoe je een poel aanlegt in de tuin.


Lees ook: poel aanleggen in de tuin


Ben je iets minder handig, of heb je gewoon niet zoveel zin om alles zelf uit te zoeken? Dan kun je ook nog kiezen voor een Tuiny poel. Dit is een starterspakket waarmee je een inheemse poel van zo’n 2m2 aanlegt. Daarnaast zit er een aanleginstructie bij waarin stap voor stap uitgelegd staat hoe je dit aanpakt.

Landhabitat

Naast een poel of vijver is een geschikt landhabitat cruciaal voor salamanders. Dit kan op verschillende manieren gemaakt worden. Allereerst is het goed om wat inheemse, groenblijvende struikjes in de buurt van de poel te hebben. Verder is een stapeltje hout of een takkenril perfect voor salamanders om onder te schuilen en om onder te overwinteren. Ook het maken van een stapelmuurtje kan daarbij helpen.

Naast het aanleggen van een takkenril of een stapelmuurtje is het belangrijk om de tuin niet al te netjes op te ruimen. Zorg ervoor dat er altijd wat rommelhoekjes of een hoop afgevallen bladeren zijn. Dit zijn ideale schuilplaatsen voor salamanders en andere amfibieën. Tot slot willen we nog adviseren om geen gif te gebruiken, in de vorm van onkruidverdelger, muizen- en/of rattengif of slakken- of mierenpoeder. Salamanders ademen onder andere via de huid en zijn zeer gevoelig voor deze gifmiddelen. Ze zullen dan ook als een van de eerste dieren (vaak nog voor dat het ‘ongedierte’ er last van heeft) last ondervinden van deze middelen.

Meer natuur in je tuin e-book
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Natuurtuin in ontwikkeling – Deel VII

Knotwilgen (De Natuur van hier)

Ongeveer gelijktijdig met de start van deze website hebben we een huis kunnen kopen met ongeveer 3500m2 grond erbij. Ons doel is deze 35 are de komende jaren om te turnen naar een natuurtuin waarbij er ruimte is voor allerlei wilde vogels en andere dieren. De voortgang hiervan houden we bij en delen we in een terugkerende blog met jullie. In deel zeven bespreken we het groeiseizoen van 2024.

5 mei 2024 – 1 december 2024

Poel (De Natuur van hier)
De poel ruim een halfjaar na aanleg (De Natuur van hier)

Inhoudsopgave

Lente en zomer

Meteen na het publiceren van Natuurtuin in ontwikkeling – Deel VI, kregen we enkele menselijke bezoekers in onze tuin. Podcastmakers Tjif & Tjaf kampeerden in onze tuin. Twee dagen namen we samen enkele podcastaflevering op in de omgeving, op zoek naar de bijzondere zomertortel en bijeneter én verkenden we het Kempen~Broek.

Niet veel later vond er nog een bijzonder tafereel plaats in onze tuin. In onze poel specifieker gezegd. Hier veranderde namelijk een larve van de grote keizerlibel, een van de grootste libellen in ons land, in een volwassen exemplaar. Dit uitsluipen (het ondergaan van een onvolledige gedaanteverwisseling) hebben we weten vast te leggen. Het hele proces nam ruim één uur in beslag.

Beheer van de natuurtuin

Gedurende de lente en zomer heeft er weinig beheer plaatsgevonden in de natuurtuin. Enkel om het gras te beheren zijn werkzaamheden uitgevoerd. Het plan is om het grasland drie keer per jaar te maaien: de eerste keer rond half/eind mei, de tweede keer begin juli en de laatste maaibeurt begin november, aan het einde van het groeisezoen.

Het gras wordt gemaaid en het maaisel wordt afgevoerd. Dit zorgt ervoor dat de voedselrijkdom van het grasland afneemt. Hierdoor worden grassen minder dominant en komt er meer plaats voor kruidachtige planten. Bloeiende planten trekken op hun beurt weer insecten aan en insecten trekken weer vogels aan. Het totaalplaatje zorgt voor een kleurrijk grasland met een hoge biodiversiteit. Het beheerplan past daarnaast ook binnen de criteria van een onverwachte, maar zeer aangename (én zeldzame) gast in onze tuin.


Lees ook: wat is het verschil tussen juffers en libellen?


Herfst

Toen we in het najaar namelijk de laatste maaironde uit aan het voeren waren, zagen we (gelukkig op tijd) een felgroen kikkertje in het hoge gras zitten. Dit kon natuurlijk niets anders zijn dan een heuse boomkikker! We wisten dat deze zeldzame amfibieën in de nabij gelegen natuurgebieden te vinden waren, maar hadden absoluut niet verwacht er zo snel een in onze eigen natuurtuin tegen te komen. Zeker niet omdat er (nog) geen geschikt voortplantingswater aanwezig is.

Boomkikker (de Natuur van hier)
De prachtige boomkikker, verscholen in het groene gras (de Natuur van hier)

We hopen in de toekomst de natuurtuin verder geschikt te maken voor de boomkikker. Een struweel, gemengde haag en braamstruiken zijn al aangeplant. We zijn nog van plan een grote poel aan te leggen, die voldoet aan de specifieke eisen die boomkikkers daaraan stellen. Wellicht kan deze poel in de toekomst dan een belangrijk voortplantingshabitat vormen voor boomkikkers in de regio.

Zoogdieren

Tijdens een maaibeurt in het voorjaar kwamen we een ander dier tegen dat zich schuil hield in het hoge gras. Het was een jonge haas die we vonden. De haas was nog erg jong, hoogstens een aantal weken oud. Het stuk waar de jonge haas zat hebben we met rust gelaten.


Lees ook: wat is het verschil tussen een haas en een konijn?


Sinds de herfst zijn intrede heeft gedaan zien we steeds vaker een vrij jonge haas in onze tuin, druk knabbelend aan het hoge gras en de afgevallen bladeren. De witte vlek op zijn hoofd (zie onderstaande foto) verraadt dat het om een jonge haas gaat. We hebben sterke vermoedens dat de jonge haas die we in het voorjaar vonden dezelfde is als de iets grotere (maar nog steeds jonge) haas die we de afgelopen weken zien. Het gefaseerd maaien blijkt hoe dan ook een positieve ontwikkeling te hebben op de hazen in onze natuurtuin.

Haas (de Natuur van hier)
De witte vlek tussen het oog en de neus verraadt dat het om een jonge haas gaat (de Natuur van hier)

Steenmarter

Sinds enkele weken hebben we ook nog bezoek van een ander zoogdier, de steenmarter. De eerste keer zagen we deze marterachtige met de wildcamera, in de buurt van de kerkuilenkast. Zo’n twee weken later kwam de steenmarter op een koude zondagochtend onder de auto vandaan toen we deze startten. Om schade te voorkomen gaan we maatregelen treffen zodat deze niet meer onder de auto’s kan en ook niet in de nestkast van de kerkuil kan. Daarnaast gaan we ergens achterin de tuin een plek maken waar de marter kan schuilen. Dit kan heel simpel door een rommelhoek te maken met daarop een stuk golfplaat. Hierdoor kan de steenmarter droog en ongestoord rusten en is de kans dat deze onder de auto of zelfs in huis (spouwmuren) gaat rusten een stuk kleiner.

Steenmarter (De Natuur van hier)

Wildcamera
De steenmarter bezoekt regelmatig ’s nachts onze tuin. Ben je zelf ook benieuwd wat er zich ’s nachts in jouw tuin afspeelt? Zet dan zelf ook een wildcamera of nestkastcamera neer om alle soorten in jouw tuin te ontdekken. Via Green Backyard zijn kwalitatief goede wildcamera’s en nestkastcamera’s te krijgen, waarmee je alles in je tuin in beeld kunt brengen.

Vogels

Ook bij de vogels was het alles behalve rustig. De buizerds hebben weer gebroed op hetzelfde nest als vorig jaar, in de bosrand bij het kasteel. Gedurende het seizoen hebben we ze van heel dichtbij kunnen waarnemen. Roepend vanaf het nest, majestueus in de lucht en in een immer durend conflict met de zwarte kraaien.

Daarnaast liet een kleine rover zich ook vaak zien, de torenvalk. Laag hangend boven het grasland op zoek naar veldmuizen en soms druk roepend in de lucht. De steenuil horen we de afgelopen maand ook meerdere keren roepen tijdens de schemering en vlak daarna. Ook de kerkuil is sinds een maand weer vaste gast. Hij (of zij?) gebruikt de nestkast overdag weer als rustplaats, net zoals vorig jaar.

Inmiddels hebben de boerenzwaluwen, kwikstaarten en roodstaarten plaats gemaakt voor de gaaien, kauwen, roeken en staartmezen. De gaaien, kauwen en roeken komen naar onze tuin voor de wal- en hazelnoten. De staartmezen trekken in groepjes door de hoge bomen. Daarnaast zien we de merel, zowel man als vrouw, regelmatig vanuit de nabij gelegen boomgaard en struweelhaag naar onze taxus vliegen, waar ze zich te goed aan de bessen.

Uitzicht (De Natuur van hier)
Uitzicht vanuit de tuin, op een mistige herfstochtend(De Natuur van hier)

Resultaten

In totaal hebben we nu 469 soorten organismen waargenomen in onze natuurtuin. Ruim 21% hiervan zijn planten, ruim 15% nachtvlinders en micro’s en 12% vogels. Enkele bijzondere waarnemingen deze periode zijn: de grijze wespenboktor (zeldzaam), grauwe spaandermot (zeldzaam), de roestbruine kniptor (zeldzaam) en de boomkikker (zeldzaam).

Natuurtuin december 2024 (De Natuur van hier)
Natuurtuin overzicht, december 2024 (De Natuur van hier)

Lees verder in natuurtuin in ontwikkeling deel VIII


Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

Van tegeltuin naar groene tuin!

Groene tuinen zijn een geschikt leefgebied voor vinken (de natuur van hier)

Je kent het wel: je koopt een huis en gaat binnen aan de slag met verbouwen en het huis naar je smaak maken. Als dit klaar is blijft de tuin nog over: een groot tegelpaleis welke in de zomer véél te warm is en welke blank staat wanneer het in het najaar begint te regenen. Tijd voor een groene oase! Maar waar begin je? In deze blog laten we je stap voor stap zien hoe je van deze tegeltuin een levendige groene tuin maakt!

omslagfoto: de Natuur van hier

Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Inhoudsopgave

Waarom is een groene tuin belangrijk?

Een groene tuin kent veel voordelen ten opzichte van een tegeltuin. Het extreme weer waar we tegenwoordig mee te kampen hebben zorgt in steden en dorpen steeds vaker voor wateroverlast. Dit komt omdat er veel beton, asfalt en tegels in steden aanwezig zijn, waardoor het water allemaal via de riolering afgevoerd moet worden. Groene tuinen zorgen ervoor dat niet al het water via het afvoerputje hoeft weg te lopen, maar dat het rustig in de grond kan infiltreren.

Daarnaast is een tegeltuin veel warmer dan een groene tuin. Handig zou je in eerste instantie denken, maar wanneer het meer dan 30 graden in de zomer wordt ben je blij dat je wat schaduw hebt in je tuin. Als we ervoor kiezen om steden te vergroenen kan de gevoelstemperatuur in steden met meer dan 10 graden zakken op hete dagen! Plant dus planten, struiken en bomen in je tuin, om hittestress te voorkomen.

Tot slot dragen groene tuinen bij aan de lokale biodiversiteit en is het goed voor de mentale gezondheid.


Lees ook: 10 tips voor meer vogels in je tuin


Van tegeltuin naar groene tuin

Reden genoeg dus om je tegeltuin om te turnen naar een groene oase. Maar hoe pak je dit aan? Voordat je enthousiast aan de slag gaat, is het goed om eerst een en ander op papier te zetten. Dit kan met een simpele schets, of door een echt tuinontwerp te maken.

Ontwerp

Belangrijk is om goed na te denken wat je allemaal wil in je tuin. Wil je een terras in je tuin? Denk dan goed na over wanneer je gebruik maakt van dit terras. Heb je een ‘gewone’ 9-5 baan? Kies er dan voor je terras op die plek te leggen waar je in de namiddag zon hebt. Werk je bijvoorbeeld in de horeca en ben je vooral ’s ochtends vrij? Kies er dan voor je terras op een plek te leggen waar je kunt genieten van de ochtendzon.

Heb je veel buren en wil je geen inkijk hebben? Zorg er dan voor dat je genoeg (winter)groene struiken en (lei)bomen aanplant om het zicht te belemmeren. Denk ook na of je een vijver wil (zorg dan dat deze niet de hele dag in de schaduw ligt), een gazon, plantvakken en wellicht een moestuin.

Ontwerp
Voordat je aan de slag gaat is het goed om je ideeën op papier te zetten

Vlekkenplan

Als je alle dingen hebt opgeschreven die zeker in je tuin terug moeten komen, is het tijd om een vlekkenplan te maken. Met een vlekkenplan maak je een schets van je tuin waarin je alle elementen die in de tuin terug moeten komen een plekje krijgen. Dit kun je digitaal doen, er zijn veel gratis en betaalde softwareprogramma’s te vinden, maar dit kan ook heel prima met de hand. Ook als je geen grafisch ontwerper of tekenaar bent kun je dit doen. Het gaat erom dat het voor jou duidelijk is waar wat moet komen en dat je er voldoende plek voor gereserveerd hebt.

Tegels eruit

Dan is het eindelijk zover dat de handen vies gemaakt kunnen worden. Allereerst moeten die tegels eruit! Gooi ze niet gelijk weg, deze kun je prima hergebruiken. Als je de stoeptegels doormidden slaat, kun je ze heel mooi gebruik om stapelmuren en borders mee te maken. Stapel deze dan met de ruwe kant naar buiten en plant er zo nu en dan een muurplantje tussen. Zo krijg je een robuuste stapelmuur, welke bijzonder geschikt is voor allerlei dieren om tussen te kruipen. Meer tips over hoe je een stapelmuur maakt vind je hier!


Lees ook: tips voor meer bijen en vlinders in je tuin


Een goede bodem

Nu de tegels eruit zijn kijk je waarschijnlijk tegen een laag gele zand aan. Volledig ongeschikt om planten in te zetten. Verwijder de gele zand (zet als gratis af te halen op Marktplaats, wellicht heb je geluk en hoef je zelf niet eens te scheppen!) en vul het ontstane gat op met tuinaarde. Of gebruik het gat om een grote vijver te maken! Als alle gele zand eruit is kun je eindelijk gaan nadenken over opnieuw inrichten!

Inrichten

Als het goed is heb je in je ontwerp of vlekkenplan bedacht waar je groen wil, waar je een terras wil, waar een gazon en waar een waterpartij. Zodra je klaar bent met het terras kun je starten met het water en het groen.

Water

Afhankelijk van de grote van je tuin kun je een kleine of grote waterpartij maken. Een kleine waterpartij kan een simpel waterornament zijn, of een kleine voorgevormde vijverbak. Als je enkel plaats hebt voor een waterornament, kies hier dan zeker voor. Vogels zoals huismussen, kool- en pimpelmezen komen hier graag uit drinken. Heb je iets meer ruimte ga dan voor een poel of vijver. Naast vogels zullen amfibieën zoals kikkers, padden en salamanders het water gauw vinden. Wil je het helemaal perfect maken voor amfibieën? Laat vissen dan achterwege. Deze eten namelijk de eitjes van de amfibieën, waardoor deze zich lastig kunnen huisvesten. Een poel zonder vissen is in no-time bevolkt door amfibieën!

Een groene tuin is een bron van leven
Water in de vorm van een poel of vijver zorgt voor meer biodiversiteit in de tuin (De Natuur van hier)

Gazon

Ook een gazon mag niet ontbreken in een groene tuin. Onder andere merels maken dankbaar gebruik van een gazon, om te zoeken naar regenwormen. Kies ervoor een deel van het gazon (of helemaal) minder te maaien. Hierdoor krijgen kruidachtige inheemse planten de kans om te groeien en tot bloei te komen, perfect voor insecten. Paardenbloem, pinksterbloem, witte klaver, rode klaver en biggenkruid zijn voorbeelden van bloemen die met minder maaien zomaar in je gazon kunnen komen. Maai maar één keer per maand (of nog minder) en voer het gemaaid gras altijd af. Om het proces te bevorderen kun je er ook voor kiezen een inheems bloemenmengsel in te zaaien.

Minder maaien is meer kruiden in je gazon (de Natuur van hier)
Minder maaien is meer kruiden in je gazon (de Natuur van hier)

Groen

Dan is het eindelijk tijd om het groen aan te planten. Hierbij zijn er een paar dingen belangrijk om ervoor te zorgen dat je voldoende insecten naar je tuin lokt. Varieer genoeg, kies voor inheems en bij voorkeur ook voor biologisch. Niet biologische planten worden bespoten met bestrijdingsmiddelen, wat dodelijk is voor insecten. Als je zo’n plantje koop bevat deze vaak nog bestrijdingsmiddelen waardoor insecten die erop af komen niet lang meer zullen leven. Wil je een levende tuin, dan is dit natuurlijk het laatste wat je wil.

Variatie

Er zijn verschillende soorten groen die je in je tuin kunt gebruiken. Op plekken waar je wil dat het groen niet te hoog wordt (vooraan in de plantenborder bijvoorbeeld) kun je gebruik maken van bloembollen (deze kunnen ook in het gazon gestoken worden), mossen, een- en tweejarige planten, vaste planten en varens. Daarachter gebruik je (hogere) vaste planten of struiken. Zo krijg je laagtes in het groen, wat zorgt voor verschillende micro-klimaten. In iedere micro-klimaat houden zich weer andere dieren op. Vergeet daarnaast niet om bomen aan te planten. Bomen zorgen voor schaduw tijdens warme zomer dagen, houden water vast en zijn een ware biodiversiteitsbron. Een tuin zonder bomen is dus niet af!

Tot slot kun je er nog voor kiezen om een heg aan te planten. Vogels vinden een veilige broedplek in heggen. Daarnaast zitten op de stammetjes vaak rupsen, perfect voedsel voor kool- en pimpelmezen. Wanneer de heg voldoende oud wordt komt er misschien zelfs wel een hele mussenfamilie wonen!

Kies voor inheems én biologisch!
Door te kiezen voor inheemse planten heb je inheemse insecten veel meer te bieden. Inheemse planten bloeien op de momenten dat insecten deze ook nodig hebben. Daarnaast doen inheemse planten het veel beter in ons klimaat dan al die exotische soorten. En zeg nou zelf, wat is nou mooier: een inheemse plant die volop groeit en rijkelijk bloeit, of een exotische soort die zielig in een hoekje staat weg te kwijnen? Biologisch gekweekte planten zijn vrij van gif, waardoor de insecten die op de nectar afkomen dus niet dood gaan! Sprinklr heeft een uitgebreid assortiment aan inheemse en biologische planten. Bekijk hier het volledige aanbod!

Of eerst nog wat meer inspiratie nodig?
Inheemse beplanting: de complete gids
De beste inheemse vaste planten
De beste inheemse schaduwplanten
De beste inheemse klimplanten
Vijf onmisbare kruiden voor in de tuin of pot
De beste inheemse vijverplanten
De beste waardplanten voor vlinders
De beste inheemse bijenplanten
De beste inheemse planten voor in de volle zon

Aan de slag met een klein budget

Het aanleggen van een nieuwe tuin kan veel geld kosten. Zeker wanneer je net klaar bent met het huis van binnen opknappen kan de rekening voor de tuin flink tegenvallen. Hier een aantal tips om op deze kosten te besparen.

  • Voer het werk zelf uit. Als je een beetje handig bent en je hebt groene vingers dan loont het om zelf aan de slag te gaan. Op deze manier kun je al gauw een paar honderd tot (meer dan) duizend euro besparen.
  • Hergebruik materialen, zoals het voorbeeld wat we gaven van de stoeptegels. Maar ook dakpannen, andere tegels en oude schuttingen kunnen op een creatieve manier hergebruikt worden.
  • Heb je een grote voor- en achtertuin? Ga dan gefaseerd te werk. Vind je de achtertuin het belangrijkste? Pak deze dan eerst aan en laat de voortuin nog een jaar liggen.
  • Doe een oproep op social media. Veel mensen die al een tuin hebben met inheemse soorten hebben na een aantal jaren veel plantmateriaal over, omdat inheemse soorten hard groeien. Soms kun je op deze manier gratis stekjes van vaste planten, vijverplanten, struiken en bomen ophalen.
  • Kijk eens op Marktplaats of andere 2e hands websites. Hier zijn vaak ook goede kopen te doen met betrekking tot planten, struiken en bomen. Wil je een grote struik of boom overnemen die ergens in de volle grond staat? Bereid je goed voor en vergis je niet in het gewicht. Struiken en bomen kunnen het beste verplaatst worden vanaf november t/m februari, omdat de grond dan voldoende nat is. Hierdoor kan de struik/boom sneller aangroeien op zijn nieuwe plek. Ook sites zoals Meer bomen nu en Voer de bij bij hebben soms (gratis) plantmateriaal beschikbaar.
  • Wil je graag een vijver, maar past dit niet binnen het budget? Kies dan voor een Wadi in plaats van een folievijer. Hiervoor graaf je enkel een gat op een laagpunt in de tuin. Leidt het water van het dak naar deze Wadi zodat er voldoende water in komt. Hier beginnen vanzelf waterminnende plantensoorten te groeien!
  • Wil je nestkastjes ophangen in je tuin? Maak deze dan zelf van afvalhout. Deze gaan wellicht iets minder lang mee, maar afvalhout is vaak wel gratis of voor weinig geld te krijgen. Als zo’n kastje na een aantal jaren slecht wordt, maak je gewoon weer een nieuwe. Op onze site vind je tal van voorbeelden van nestkastjes die je zelf kunt maken. Je kunt er ook een nestkastcamera inhangen en het hele broedproces van dichtbij meemaken!

Tot slot

Als je eenmaal klaar bent is het tijd om van je groene tuin te gaan genieten. Als je stoeptegels hebt verwijderd, kun je dit nog doorgeven bij het NK tegelwippen. Hier wordt ieder jaar bijgehouden hoeveel stoeptegels in tuinen vervangen zijn door groen. Heb je in je tuin vooral inheemse en streekeigen soorten gebruikt, dan kun je je tuin ook nog aanmelden bij Streektuinen.

Nu je een groene tuin hebt is het een kwestie van tijd voordat de eerste diersoorten zich gaan melden. Vind je het leuk om bij te houden welke soorten je allemaal ziet en wil je bijdragen aan de wetenschap? Kies er dan voor om mee te doen aan de jaarrond tuintelling. Hier kun je alle waargenomen soorten doorgeven. Dit is zeer belangrijk voor onderzoek naar (algemene) tuinsoorten.

Tot slot zijn wij ook razend benieuwd naar je tuin metamorfose. Dus heb jij jouw tuin flink onderhanden genomen en ben je trots op het eindresultaat? Laat het ons dan zeker weten. Dit kun je doen door onder deze blog een opmerking achter te laten. Of stuur ons een bericht (of tag ons) op Instagram (@denatuurvanhier). Wij kijken uit naar jouw tuinproject!

Meer natuur in je tuin e-book
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

Natuurtuin in ontwikkeling – deel VI

Natuurtuin (De Natuur van hier)

Ongeveer gelijktijdig met de start van deze website hebben we een huis kunnen kopen met ongeveer 3500m2 grond erbij. Ons doel is deze 35 are de komende jaren om te turnen naar een natuurtuin waarbij er ruimte is voor allerlei wilde vogels en andere dieren. De voortgang hiervan houden we bij en delen we in een terugkerende blog met jullie. In deel zes bespreken we de afgelopen winterperiode en het begin van de lente.

4 mei 2024

Uilen

In deel V van de natuurtuin in ontwikkeling serie schreven we dat we sinds enkele tijd bezoek krijgen van maar liefst twee uilensoorten: de steenuil en de kerkuil. Deze bezoeken hebben zich gedurende de winter en het begin van de lente voortgezet.

Steenuilen

Te beginnen met de steenuiltjes. Nadat we deze in het najaar een enkele keer gezien hadden, bleef het stil. In de tussentijd hadden wij niet stil gezeten, via STONE (steenuilenwerkgroep) hadden we een nestkast aangeschaft en opgehangen in een van de notenbomen. Even leek het erop dat het meteen raak was. Enkele avonden (en nachten) in het vroege voorjaar hoorden we de steenuilen luidkeels roepen en elegante vluchten achter elkaar aan maken.

Steenuil
Steenuil bij de ingang van de nestkast (De Natuur van hier)

Helaas lijkt het er niet op dat het tot een succesvol broedpaar heeft geleid in onze nestkast. We hebben echter wel vernomen dat een paar honderd meter verderop een paartje aan het broeden is. Dus wie weet kunnen we volgend jaar wel een paartje in onze nestkast bewonderen. In deze video zijn het vrouwtje en mannetje samen voor de nestkast te zien.

Kerkuil(en)

Dan de kerkuil. Gedurende de winter heeft een kerkuil de nestkast dagelijks gebruikt als rustplek. Begin januari zagen we echter dat er naast een ongeringde kerkuil ook nog zo nu en dan een geringde kerkuil voor de camera verscheen. Er moeten dus minstens twee exemplaren de schuur gebruikt hebben tijdens de winter. Een keer is het gelukt om beide kerkuilen gelijktijdig op de wildcamera vast te leggen.

Sinds het begin van de lente zijn de kerkuilen niet meer dagelijks aanwezig in de nestkast. Ons vermoeden is dat er op een andere plek wordt gebroed. Wel zien we we de kerkuilen nog minstens een aantal keren per week voor de wildcamera verschijnen. In deze video zie je een van de twee kerkuilen de nestkast binnen komen. Ook kun je hier het (angstaanjagende) geluid horen wat kerkuilen maken.


Lees ook: tips voor het aanleggen van een natuurtuin


En verder in de natuurtuin

Lente betekent ook trekvogeltijd. Dit voorjaar zagen (en hoorden) we maar liefst drie keer grote groepen kraanvogels over ons huis trekken. De waarneming van de grootste groep was het bijzonderste. Boven ons bleef een groep van ongeveer 100 kraanvogels een aantal minuten rondcirkelen, waarna er van diverse kanten kleine groepjes kraanvogels aansloten. Uiteindelijk vertrokken er zo’n 200 kraanvogels weer in noordelijke richting.

Kraanvogel
Kraanvogels verzamelen zich boven ons huis, om na een aantal minuten weer in een grote groep verder te trekken (De Natuur van hier)

Paringsgedrag en nieuwkomers

Er wordt ook weer gebroed in de natuurtuin dit jaar. In een van de nestkasten heeft een koolmezenpaar al jongen en de houtduif zit ook stevig te broeden in de taxus. Van onder andere merels, pimpelmezen, zwarte roodstaarten en tortelduiven hebben we paringsgedrag waargenomen, maar (nog) geen broedplekken in de tuin weten te ontdekken. Wellicht volgen deze later in het seizoen nog, of zitten ze niet ver van hier te broeden.

Daarnaast zien we dit jaar voor het eerst twee wilde eenden (mannetje en vrouwtje) gebruik maken van de poel in de tuin. Ook hebben we tot twee keer toe twee patrijzen waargenomen. De patrijzenpopulatie nam de afgelopen 40 jaar met bijna 90% (!) af in Europa, we zijn dus erg blij dat onze tuin aantrekkelijk genoeg is voor deze soort. Vanaf dit jaar worden aangrenzende akkers ook ingericht met patrijzenbeheer via het ANLb (Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer). Hopelijk kunnen we de patrijs dan ook vaker gaan zien in onze tuin.

Wildcamera’s
Benieuwd geworden wat er zoal in jouw tuin te zien is, wanneer jij van huis bent of in bed ligt? Met behulp van een wildcamera kun je bewegingen in je tuin vastleggen via foto’s of videos. Via bol.com zijn wildcamera’s in alle prijsklassen te bestellen, dus toegankelijk voor iedereen. Besluit jij zelf een wildcamera aan te schaffen, dan kun je dat doen via deze link. Wij ontvangen hiervoor dan een kleine vergoeding (het kost jou niets extra’s), waardoor we dit soort content kunnen blijven maken.

Beheer natuurtuin

Wat betreft beheer is het een redelijk rustige periode geweest. We hebben in de voortuin een witte paardenkastanje (Aesculus hippocastanum) aangeplant. Daarnaast hebben we nog twee sterappeltjes (een lokaal ras) aangeplant.


Lees ook: hoe plant ik een boom?


Daarnaast is het grasland door het wisselvallige weer (vooral héél véél regen) weer flink aan het groeien. Om meer kruiden te krijgen zijn we het, in het verleden intensief bemeste, grasland daarom zo’n 3x per jaar aan het maaien (inclusief afvoeren van het maaisel). De eerste maaironde wordt nu gefaseerd uitgevoerd. Tot slot hebben we voorbereidingen getroffen voor een kleine keverbank te maken, achterin de natuurtuin. Hierover in het volgende deel meer!

Resultaat

In totaal hebben we nu 355 soorten organismen in de natuurtuin waargenomen, verdeeld over 18 soortgroepen en 174 families. Enkele bijzondere waarnemingen deze periode waren de dwarsbandkakkerlak (zeldzaam), bruingemarmerde schildwants (zeer zeldzaam), ovale dennenspanner (zeldzaam) en pocota (zeer zeldzaam). Deze laatste is een zweefvlieg welke een hommel imiteert (mimicry).

Natuurtuin kwartaal 1 2024
Natuurtuin overzicht (De Natuur van hier)

Lees ook in natuurtuin in ontwikkeling deel VII


15 sterke inheemse schaduwplanten voor een natuurlijke tuin

Vingerhoedskruid

Een schaduwrijke tuin wordt vaak gezien als een uitdaging. Toch zijn er verrassend veel prachtige inheemse planten die juist uistekend groeien op plekken waar de zon maar beperkt komt. Van kleurrijke voorjaarsbloeiers tot sterke bodembedekkers en indrukwekkende structuurplanten: met de juiste soorten maak je ook van een schaduwborder of bostuin een levendige en biodiverse plek.

In dit artikel ontdek je 15 sterke inheemse schaduwplanten die geschikt zijn voor schaduw en halfschaduw. Daarnaast leggen we uit wat schaduw precies is, welke soorten het beste passen bij jouw tuin en hoe je een natuurlijke, soortenrijke beplanting samenstelt.

Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Inhoudsopgave

Wat verstaan we onder schaduw?

Maar wat verstaan we precies onder schaduw? Er zijn plekken die vrijwel de hele dag geen zon zien, maar ook plekken die bijvoorbeeld maar een dagdeel in de schaduw en de rest van de dag in de zon. Beide situaties vragen een andere plantkeuze, dus is het goed om eerst te kijken naar de verschillende soorten schaduw die er zijn.

Volle schaduw

Allereerst is er de volle schaduw. Dit zijn plekken waar (vrijwel) de hele dag geen zon te zien is. Voorbeelden van volle schaduw zijn in de praktijk vaak plekken aan de noordzijde van het huis, of plekken onder grote bomen met een dicht bladerdek. Deze plekken zijn een stuk koeler en hebben een vochtige tot natte bodem.

Halfschaduw

We spreken over halfschaduw als een plek een gedeelte van de dag in de schaduw ligt en een ander gedeelte van de dag in de zon. Schijnt de zon bijvoorbeeld ´s ochtends op een plek in de tuin, maar verdwijnt deze na de middag achter het huis of de schuur, dan kun je deze plek bestempelen als halfschaduw. Een plek in de halfschaduw krijgt in de regel enkele uren per dag zon.

Lichte schaduw

Je zou ook nog lichte schaduw kunnen onderscheiden. Lichte schaduw kan ontstaan bij een open boomkroon (bijvoorbeeld een berk of een es) of bij een bosrand. De boom of de bomen (van een bosrand) zorgen wel voor schaduw, maar er valt toch nog wel licht doorheen.

Waarom kiezen voor inheemse schaduwplanten?

Inheemse schaduwplanten zijn volledig aangepast aan het Nederlandse klimaat en bieden voedsel en beschutting aan talloze insecten en andere dieren. Veel inheemse schaduwplanten dienen als waardplant of nectarplant voor diverse soorten insecten, zoals dagvlinders, nachtvlinders, bijen en zweefvliegen.

Bovendien vragen ze vaak weinig onderhoud wanneer ze op de juiste standplaats groeien. Door gebruik te maken van verschillende soorten schaduwplanten, zoals bodembedekkers en structuurplanten, creëer je een border die weinig onderhoud nodig heeft.

Kies je dus voor inheemse schaduwplanten, dan lever je een belangrijke bijdrage aan de biodiversiteit. Meerdere inheemse tuinen in een gebied kunnen zelfs een zeer belangrijke bijdrage aan het leefgebied van bijzondere soorten in het gebied.

Gele dovenetel
Inheemse schaduwplanten zijn waardevoller voor de biodiversiteit dan uitheemse planten

De beste inheemse schaduwplanten

Hier volgende 15 beste inheemse planten om te gebruiken in een schaduwrijke tuin of schaduwborder. We bespreken soorten die in het voorjaar volop bloeien, planten die uitstekend geschikt zijn als bodembedekker, bloeiende soorten voor in de halfschaduw en structuurrijke planten.

Voorjaarsbloeiers

In ons land hebben we een aantal typische voorjaarsbloeiers, die onze bossen in het voorjaar kleur geven. Deze inheemse vaste planten zijn ook uitstekend te gebruiken in een schaduwrijke tuin of onder een bomengroep of onder inheemse struiken.

Bosanemoon (Anemone nemorosa)

Standplaats: halfschaduw tot schaduw

Hoogte: 10-20 centimeter

Bloei: wit | maart – mei

Bodem: humusrijk, vochtig

Goed voor: vroege bijen en andere bestuivers

Bosanemoon is een van de eerste planten die in het voorjaar kleur geeft aan een schaduwrijke tuin. Al vroeg in het seizoen verschijnen witte bloemen, vaak nog voordat de bomen volledig in blad staan. De soort groeit van nature in loofbossen en vormt daar soms prachtige witte tapijten. Bosanemoon is een uitstekende keuze voor een natuurlijke bostuin of schaduwborder.

Bosanemoon
Bosanemoon bloeit in het voorjaar met prachtige witte bloemen

Daslook (Allium ursinum)

Standplaats: halfschaduw tot schaduw

Hoogte: 20-40 centimeter

Bloei: wit | april – mei

Bodem: humusrijk, vochtig

Goed voor: bijen en zweefvliegen

Daslook is een bekende inheemse bosplant, die geliefd is vanwege de witte bloemen en het aromatische blad. De soort groeit van nature op vochtige, voedselrijke bosgronden en kan zich op geschikte plekken langzaam uitbreiden. Tijdens de bloei wordt daslook druk bezocht door bestuivende insecten, zoals bijen en zweefvliegen.

Daslook is ook uitstekend te gebruiken in de keuken, als vervanger voor knoflook. Daslook is bij diverse gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt verkrijgbaar, waaronder Sprinklr en Vivara.

Daslook is een uitstekende plant voor in de schaduw en bloeit rijkelijk met prachtige witte bloemen
Daslook is een uitstekende plant voor in de schaduw en bloeit rijkelijk met prachtige witte bloemen

Slanke sleutelbloem (Primula elatior)

Standplaats: halfschaduw

Hoogte: 15-30 centimeter

Bloei: geel | maart – mei

Bodem: humusrijk, vochtig

Goed voor: bijen en hommels

Slanke sleutelbloem behoort tot de mooiste voorjaarsbloeiers van onze inheemse flora. De zachtgele bloemen verschijnen vroeg in het seizoen en bieden nectar aan verschillende insecten. De plant groeit van nature in vochtige bossen en langs bosranden en voelt zich thuis op een voedselrijke en kalkhoudende bodem.

De nectar in de gele bloemen van slanke sleutelbloem is zeer geliefd bij insecten
De nectar in de gele bloemen van slanke sleutelbloem is zeer geliefd bij insecten

Bodembedekkers

De volgende schaduwplanten zijn uitstekend toe te passen als inheemse bodembedekker in de schaduw. Hiermee creëer je dichte borders die weinig onderhoud vergen.

Gele dovenetel (Lamium galeobdolon)

Standplaats: halfschaduw tot schaduw

Hoogte: 20-60 centimeter

Bloei: geel | april – juni

Bodem: humusrijk, vochtig

Goed voor: bijen en hommels

Gele dovenetel is een sterke bodembedekker voor schaduwrijke plekken. De plant vormt dichte matten en bloeit in het voorjaar met opvallende gele bloemen. Vooral hommels weten de bloemen goed te vinden. Door de snelle groei is gele dovenetel ideaal om kale plekken onder bomen en struiken te bedekken.

Gele dovenetel is – biologisch gekweekt – verkrijgbaar bij diverse gespecialiseerde winkels, zoals Sprinklr en Vivara.

Gele dovenetel
Gele dovenetel is een drachtplant voor onder andere hommels en wilde bijen

Bosaardbei (Fragaria vesca)

Standplaats: halfschaduw

Hoogte: 10-20 centimeter

Bloei: wit met geel | april – juni

Bodem: humusrijk, goed doorlatend

Goed voor: bijen en vogels

Bosaardbei is een aantrekkelijke bodembedekker voor in de lichte schaduw. De witte bloemen trekken insecten aan, terwijl de rode vruchten geliefd zijn bij vogels en andere dieren. De soort verspreidt zich via uitlopers en vormt daardoor geleidelijk een natuurlijk tapijt.

Reserveer voor bosaardbei een plekje in je tuin dicht bij de deur. De zoete geur die de plant verspreid zal je steeds verrassen. De kleine, zoete aardbeitjes zijn daarnaast eetbaar, wat het natuurlijk helemaal handig is als ze dicht bij de deur staan.

Voor de aardbeivlinder, een kleine en zeldzame vlinder, is bosaardbei de waardplant. Bosaardbei is, biologisch gekweekt, verkrijgbaar bij diverse gespecialiseerde winkels, waaronder Sprinklr en Vivara.

bosaardbei
Bosaardbei heeft naast de witte bloei ook een kenmerkende, kleine aarbei

Kruipend zenegroen (Ajuga reptans)

Standplaats: halfschaduw tot schaduw

Hoogte: 10-30 centimeter

Bloei: blauw | april – juni

Bodem: vochtig, humusrijk

Goed voor: bijen en hommels

Kruipend zenegroen is een sterke en wintergroene bodembedekker die zich via uitlopers verspreidt. De blauwe boeiaren steken in het voorjaar mooi af tegen het donkergroene blad. De plant groeit goed op plekken waar andere soorten het moeilijk hebben om zicht te vestigen. In onze natuurtuin gebruiken we kruipend zenegroen aan de noordzijde van het huis, waar nauwelijks zon komt. Hier breidt deze vrolijke bodembedekker zich gestaag uit met uitlopers en bloeit zelfs uitbundig!

Via diverse gespecialiseerde winkels, zoals Sprinklr en Vivara, is kruipende zenegroen biologisch gekweekt verkrijgbaar.

We hebben kruipend zenegroen staan aan de noordzijde van ons huis. Hier komt heel weinig zon, kruipende zenegroen bloeit en groeit er echter volop (de Natuur van hier)
We hebben kruipend zenegroen staan aan de noordzijde van ons huis. Hier komt heel weinig zon, kruipende zenegroen bloeit en groeit er echter volop (de Natuur van hier)

Lievevrouwebedstro (Galium odoratum)

Standplaats: schaduw tot halfschaduw

Hoogte: 15-30 centimeter

Bloei: wit | mei – juni

Bodem: humusrijk, vochtig

Goed voor: kleine bestuivers

Lievevrouwebedstro is een typische bosplant die een prachtig tapijt vormt onder bomen en struiken. De kleine witte bloemen verschijnen in het voorjaar en geven schaduwrijke plekken een natuurlijke uitstraling. De plant wordt al eeuwenlang toegepast in bostuinen. Bij het kneuzen van de bladeren verspreidt de plant een heerlijke geur.

Lievevrouwebedstro is biologisch gekweekt verkrijgbaar bij onder andere Sprinklr en Vivara.

Lievevrouwebestrok doet het goed in de (half)schaduw en is uitstekende te gebruiken als bodembedekker
Lievevrouwebestrok doet het goed in de (half)schaduw en is uitstekende te gebruiken als bodembedekker

Bloeiende toppers voor halfschaduw

Dan volgen nu een aantal bloeiende vaste planten die zich het prettigst voelen in de halfschaduw. Met deze soorten lok je gegarandeerd insecten naar je tuin.

Vingerhoedskruid (Digitalis purpurea)

Standplaats: halfschaduw

Hoogte: 80-150 centimeter

Bloei: Paars, wit | juni – oktober

Bodem: humusrijk, licht vochtig

Goed voor: hommels en bijen

Vingerhoedskruid behoort tot de meest opvallende inheemse schaduwplanten. De hoge bloeiaren vol klokvormige zijn een echte blikvanger en trekken veel bestuivers aan. De soort voelt zich thuis langs bosranden en in open plekken in het bos.

Het is een uitstekende plant om hommels en bijen te fotograferen. Ze blijven vaak lang in de bloem zitten en komen er dan helemaal onder het stuifmeel weer uit. Pas wel op met te vochtige/natte plekken. Wij hebben regelmatig last van slakken gehad, die de jonge, frisse bladeren eten.

Vingerhoedskruid is bij onder andere Sprinklr en Vivara biologisch gekweekt te verkrijgen.

Vingerhoedskruid is een van de mooiste schaduwplanten
Vingerhoedskruid is een van de mooiste schaduwplanten

Wilde akelei (Aquilegia vulgaris)

Standplaats: halfschaduw

Hoogte: 40-60 centimeter

Bloei: donkerblauw | mei – juli

Bodem: goed doorlatend, humusrijk

Goed voor: hommels

Wilde akelei is een sierlijke plant die goed groeit in lichte schaduw. De opvallende bloemen trekken vooral hommels aan, die dankzij hun lang tong gemakkelijk bij de nectar kunnen komen. Het mooie van wilde akelei is dat deze zich vaak vanzelf uitzaaien. In onze natuurtuin hebben we deze een aantal jaren geleden op één plek geplant, waarna deze zich langzaam door de tuin aan het verspreiden is.

Wilde akelei is, biologisch gekweekt, verkrijgbaar bij verschillende speciaalzaken, waaronder Sprinklr en Vivara.

Wilde akelei
Wilde akelei bloeit met prachtige, knikkende bloemen

Donkere ooievaarsbek (Geranium phaeum)

Standplaats: halfschaduw

Hoogte: 30-80 centimeter

Bloei: donkerpaars | mei – september

Bodem: humusrijk, lichtvochtig

Goed voor: bijen en zweefvliegen

Donkere ooievaarsbek bloeit met opvallende donkerpaarse bloemen en brengt kleur in schaduwrijke borders. De plant groeit compact en combineert mooi met varens en andere bosplanten. Dankzij de lange bloei is het een waardevolle nectarbrond.

Wij hebben donkere ooievaarsbek aan de noordzijde van ons huis staan, naast de achterdeur. De plant doet het hier uitzonderlijk goed en de lange bloei zorgt een groot deel van het jaar voor een fleurig gezicht bij binnenkomst.

Donkere ooievaarsbek is, biologisch gekweekt, verkrijgbaar bij diverse gespecialiseerde winkels, waaronder Sprinklr.

Donkere ooievaarsbek staat bij ons aan de noordzijde van het huis, maar doet het daar uitstekend (de Natuur van hier)
Donkere ooievaarsbek staat bij ons aan de noordzijde van het huis, en doet het daar uitstekend (de Natuur van hier)

Bosandoorn (Stachys sylvatica)

Standplaats: halfschaduw tot schaduw

Hoogte: 50-100 centimeter

Bloei: roze | juni – september

Bodem: humusrijk, vochtig

Goed voor: bijen en hommels

Bosandoorn groeit van nature in vochtige bossen en langs bosranden. De roze bloemen verschijnen gedurende een lange periode en worden druk bezocht door insecten. De plant geeft een natuurlijke uitstraling aan schaduwrijke delen van de tuin. Met behulp van wortelstokken kan bosandoorn kale plekken schaduwrijke plekken snel dichtgroeien.

Bosandoorn bloeit met prachtige roze bloemen en doet het goed in de (half)schaduw
Bosandoorn bloeit met prachtige roze bloemen en doet het goed in de (half)schaduw

Breed klokje (Campanula latifolia)

Standplaats: halfschaduw

Hoogte: 60-90 centimeter

Bloei: blauw | juni – augustus

Bodem: humusrijk, vochtig

Goed voor: bijen en hommels

Breed klokje is een statige bosplant met grote klokvormige bloemen. De soort komt van nature voor in bossen en langs bosranden en voelt zich thuis op een voedselrijke bodem. Door de hoogte vormt hij een mooi accent in een schaduwborder. Breed klokje groeit het best in de lichte schaduw of halfschaduw op een vochtige, humusrijke bodem.

Het breed klokje doet het uistekend op een plek in de halfschaduw, op een vochtige, humusrijke bodem (Saxifraga - Ed Stikvoort)
Het breed klokje doet het uistekend op een plek in de halfschaduw, op een vochtige, humusrijke bodem (Saxifraga – Ed Stikvoort)

Knopig helmkruid (Scrophularia nodosa)

Standplaats: halfschaduw

Hoogte: 60-120 centimeter

Bloei: rood | juni – september

Bodem: vochtig, voedselrijk

Goed voor: wilde bijen en wespen

Knopig helmkruid is misschien niet de meest opvallende plant uit deze lijst, maar ecologisch gezien behoort hij tot de toppers. Vooral wilde bijen en andere insecten bezoeken de bloemen veelvuldig. De soort groeit van nature langs bosranden en op vochtige plekken.

Deze vaste plant komt prachtig tot zijn recht op een vochtige, schaduwrijke plek langs een vijver of natuurlijke oever. De plant combineert mooi met varens en andere bosplanten draagt bij aan een gevarieerde oeverbeplanting. Ben je op zoek naar meer geschikte soorten? Bekijk dan ook onze blog over de beste inheemse vijverplanten.

Knopig helmkruid staat prachtig in een schaduwrijke oever (Saxifraga - Hans Boll)
Knopig helmkruid staat prachtig in een schaduwrijke oever (Saxifraga – Hans Boll)

Structuurplanten voor schaduw

Tot slot geven we nog een aantal suggesties waarmee je meer structuur in je schaduwborder krijgt. Voor een natuurlijke border wissel je bloeiende soorten af met een aantal structuurplanten.

Gewone smeerwortel (Symphytum officinale)

Standplaats: halfschaduw

Hoogte: 60-100 centimeter

Bloei: paars | april – juli

Bodem: vochtig, humusrijk

Goed voor: hommels, bijen en structuur

Gewone smeerwortel is een van onze favorieten planten, die we op veel plekken terugzien in onze natuurtuin. Gewone smeerwortel is een krachtige inheemse vaste plant die uitstekend groeit op vochtige, voedselrijke bodems. Hoewel de paarsroze tot roomwitte klokvormige bloemen rijkelijk bezocht worden door hommels en andere bestuivende insecten, ligt de grootste kracht van deze soort in zijn robuuste groei. Met zijn grote bladeren en forse pollen brengt gewone smeerwortel veel structuur aan in een natuurlijke border of schaduwrijke tuin.

Van nature groeit gewone smeerwortel langs beekjes, slootkanten en bosranden. Daardoor combineert de plant mooi met varens, knopig helmkruid en andere soorten die houden van een vochtige bodem. Gewone smeerwortel is, biologisch gekweekt, verkrijgbaar bij onder andere Sprinklr.

Gewone smeerwortel biedt naast een prachtige bloei ook structuur en schuilplekken met zijn grote bladeren en pollige groeiwijze (de Natuur van hier)
Gewone smeerwortel biedt naast een prachtige bloei ook structuur en schuilplekken met zijn grote bladeren en pollige groeiwijze (de Natuur van hier)

Dubbelloof (Blechnum spicant)

Standplaats: schaduw tot halfschaduw

Hoogte: 20-65 centimeter

Bloei: geen bloei (varen)

Bodem: vochtig, humusrijk

Goed voor: structuur en schuilplekken

Dubbelloof is een elegante inheemse varen die goed groeit op vochtige schaduwplekken. De sierlijke bladeren zorgen het hele jaar door voor structuur in de tuin. De plant combineert prachtig met bosanemoon, daslook en andere bosplanten.

Dubbelloofvaren (Saxifraga - Ed Stikvoort)
Dubbelloofvaren is een perfecte inheemse schaduwplant voor in de tuin (Saxifraga – Ed Stikvoort)

Tongvaren (Asplenium scolopendrium)

Standplaats: schaduw tot halfschaduw

Hoogte: 20-60 centimeter

Bloei: geen bloei (varen)

Bodem: humusrijk, kalkrijk en vochtig

Goed voor: structuur en schuilplekken

Tongvaren onderscheidt zich door zijn glanzende, onverdeelde bladeren. De soort groeit van nature op vochtige, schaduwrijke plekken en blijft vaak het hele jaar groen. Hierdoor zorgt tongvaren ook in de winter voor structuur en groen in de tuin.

Persoonlijk vind ik tongvaren het meest tot zijn recht komen op schaduwrijke plekken rondom een vijver of op een (oude) stapelmuur. In combinatie met water en stenen kun je met tongvaren (en veel andere varens) een prachtige natuurlijke tuin creëren.

Tongvaren
Tongvaren heeft een leerachtig blad en het blad is niet ingesneden, waardoor deze anders lijkt dan de meeste varensoorten

Welke schaduwplant past bij jouw tuin?

Niet iedere schaduwplek is hetzelfde. Sommige planten groeien het beste in een vochtige bostuin, terwijl andere soorten juist goed gedijen onder een boom waar de grond in de zomer behoorlijk droog kan worden. Door de juiste plant op de juiste plek te zetten, voorkom je teleurstellingen en geniet je jarenlang van een gezonde onderhoudsarme beplanting.

Voor een droge schaduwplek

Heb je een plek onder bomen of struiken waar weinig regen de grond bereikt? Kies dan voor sterke soorten zoals gele dovenetel, wilde akelei of bosandoorn.

Voor vochtige schaduw

Is de bodem juist humusrijk en blijft deze lang vochtig? Dan voelden daslook, gewone smeerwortel, dubbelloof en bosanemoon zich hier uitstekend thuis.

Voor een kleurrijke schaduwborder

Wil je zoveel mogelijk bloemen en insecten aantrekken? Combineer dan wilde akelei, vingerhoedskruid, donkere ooievaarsbek, bosandoorn en breed klokje. Zo ontstaat er van het voorjaar tot ver in de zomer een border die volop in bloei staat.

Veelgemaakte fouten bij schaduwplanten

Een veelgemaakte fout is denken dat schaduw automatisch betekent dat er weinig mogelijk is. Juist veel inheemse bosplanten voelen zich thuis op plekken waar de zon slechts een paar uur per dag schijnt. Een andere fout is geen onderscheid maken tussen droge en vochtige schaduw. Vooral onder grote bomen kan de grond in de zomer verrassend droog worden, waardoor niet iedere schaduwplant hier goed groeit.

Ook worden schaduwplanten vaak te ruim uit elkaar geplant. Veel soorten zoals gele dovenetel, bosaardbei en lievevrouwbedstro, vormen na verloop van tijd een mooi gesloten tapijt. Door ze voldoende dicht op elkaar te planten ontstaat sneller een natuurlijke beplanting en krijgen onkruiden minder kans.

Onze ervaring met schaduwplanten

In onze natuurtuin hebben we op verschillende plekken schaduw gecreëerd door bomen, struiken of hagen. Vooral soorten als gewone smeerwortel, kruipend zenegroen, donkere ooievaarsbek en vingerhoedskruid doen het goed in onze tuin. We merken bovendien dat schaduwplanten vaak minder onderhoud vragen dan planten op zonnige plekken. Wanneer de juiste soort op de juiste standplaats staat, hoef je nauwelijks water te geven of in te grijpen.

Een schaduwrijke tuin hoeft daarom zeker niet saai te zijn. juist door verschillende bloeitijden, bladstructuren en hoogtes te combineren ontstaat een natuurlijke beplanting die het hele jaar aantrekkelijk blijft.

Mooie combinaties van schaduwplanten

Door verschillende soorten met elkaar te combineren ontstaat een natuurlijke en gevarieerde schaduwtuin.

Bosachtige voorjaarsborder

Bosanemoon – daslook – slanke sleutelbloem

Schaduw onder bomen en struiken

Gele dovenetel – bosaardbei – lievevrouwebedstro – breed klokje

Bloeiende halfschaduwborder

Wilde akelei – vingerhoedskruid – donkere ooievaarsbek – breed klokje

Structuurrijke schaduwtuin

Gewone smeerwortel – dubbelloof – tongvaren – knopig helmkruid – bosandoorn

Afsluiting

Ook op een schaduwrijke plek kun je volop bijdragen aan de biodiversiteit. Door te kiezen voor inheemse schaduwplanten creëer je een natuurlijke tuin die weinig onderhoud vraagt en tegelijkertijd voedsel en beschutting biedt aan talloze insecten en andere dieren.

Ben je benieuwd welke inheemse planten geschikt zijn voor andere standplaatsen? Bekijk dan ook onze artikelen over:

Meer natuur in je tuin e-book
Met behulp van ons praktische e-book maak je van jouw tuin een tuin vol leven en voorkom je beginnersfouten

Wil je meer tips voor over inheemse planten, een klimaatbestendige tuin of andere tuintips? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief. Zo blijf je op de hoogte van nieuwe blogs, praktische tuintips en winacties!

Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

Bouwtekening nestkast ringmus

Ringmus

Een goede manier om de natuur, vogels in het bijzonder, een handje te helpen is door het plaatsen van nestkasten. Door de toenemende verstedelijking, kunnen vogels soms lastig een geschikte broedplaats vinden. Nestkasten kunnen hier op een goedkope en efficiënte manier een oplossing voor bieden. Het aantal ringmussen in Nederland is sinds 1990 gehalveerd. Een beetje hulp in de vorm van een nestkast kan de ringmus dus wel gebruiken.

De ringmus (Passer montanus)

De ringmus is een kleine vogel die behoort tot de familie mussen en erg veel lijkt op de beter bekende huismus. Er zijn echter enkele verschillen op te merken. Ringmussen bereiken een lichaamslengte van 12,5 tot 14 centimeter en een spanwijdte van ongeveer 21 centimeter. Daarmee blijven ze een fractie kleiner dan de huismus.

Ringmus 2
Het roodbruine kopje en de zwarte wangvlek zijn opvallend bij de ringmus

De mannetjes en vrouwtjes ringmussen lijken sprekend op elkaar. Ze hebben een roodbruine kop, zwarte wangvlek en bef en een witte halsring. Verder zijn ze overwegend bruin gekleurd met een witte vleugelstreep. Vooral op basis van het roodbruine kopje in combinatie met de zwarte wangvlek zijn ze goed te onderscheiden van mannetje huismus.

Verspreiding

Ringmussen zijn in tegenstelling tot huismussen niet overal in de stad te vinden, maar meer aan de stads- en dorpsranden en op boerderijen. Ze zoeken graag het kleinschalig cultuurlandschap op, waar ze gebruik maken van hagen, solitaire bomen en struiken en van aangrenzend bouwland om te foerageren. Dit verklaart ook meteen de afname in de populatie. De laatste decennia is dit type landschap op veel plekken in ons land verdwenen, waar het plaats heeft moeten maken voor monocultuurlandschappen en steriele en weinig groene (boeren)erven. Daarnaast is heeft veel graanteelt (een belangrijke voedselbron voor de ringmus) plaats moeten maken voor grootschalige maïsteelt.

In oktober zijn de meeste ringmussen in ons land te vinden. Bijna alle ringmussen in ons land zijn standvogels, maar in oktober krijgen ‘onze’ ringmussen bezoek van ringmussen uit Noord- en Oost-Europa, die hun broedgebied tijdelijk verlaten om hier (of verderop in West-Europa) te overwinteren.


Lees ook: bouwtekening nestkast merel


Voedsel en voortplanting

Het dieet van ringmussen is hoofdzakelijk plantaardig, aangevuld met dierlijk voedsel in de vorm van insecten. Ze eten hoofdzakelijk granen en zaden. Dit doen ze vaak in groepen, ook wel flocks genoemd, gemengd met andere zangvogels zoals huismussen en vinken. Al druk foeragerend over de grond zie je dan grote groepen zangvogels op zoek naar zaden of graanresten op boerenland. Vooral tijdens het broedseizoen wordt dit aangevuld met insecten. De jonge dieren krijgen in de eerste levensfase hoofdzakelijk eiwitrijk, dierlijk voedsel gevoerd.

Ringmus (Saxifraga - Piet Munsterman)
Het efficiënter worden van de landbouw heeft ervoor gezorgd dat ringmussen steeds vaker niet voldoende voedsel kunnen vinden (Saxifraga – Piet Munsterman)

Ringmussen broeden van nature in boomholtes, hagen en struiken. Daarnaast maken ze ook dankbaar gebruik van nestkasten. Per legsel worden er twee tot zeven eieren gelegd. Het aantal legsels per jaar varieert tussen de twee en vier. Beide ouders dragen zorg voor het uitbroeden van de eieren, wat zo’n twee weken in beslag neemt. Wanneer de juveniele dieren uit het ei zijn gekomen, duurt het nog ruim twee weken voordat ze kunnen vliegen.

Nestkast ringmus

Een nestkast voor een ringmus ophangen kan dus een goed idee zijn, mits in de juiste leefomgeving. Soms gebruiken ringmussen ook koolmees of pimpelmees nestkasten.

Meestal worden nestkasten van hout gemaakt, op onze bouwtekening gaan we daar ook vanuit, omdat dit praktisch is en vaak het goedkoopste. Uit onderzoek blijkt echter dat nestkasten gemaakt van houtbeton vaak succesvoller zijn. Ze worden daarnaast ook sneller en meer gebruikt. Dit heeft er waarschijnlijk mee te maken dat ze warmte beter vast houden en dat het in de nestkast net een beetje warmer is.

Heb je dus geen zin om zelf een nestkast te maken en wil je het beste resultaat, bestel dan hier je duurzame houtbeton nestkast. Als je de kast via deze link besteld, dan bestel je hem bij Vivara en lever je met je aankoop ook nog eens een bijdrage aan de Nederlandse natuur!


Lees ook: bouwtekening nestkast bosuil


Bouwtekening nestkast ringmus

Wil je wel graag zelf een nestkast voor een ringmus maken, gebruik dan gratis onderstaande bouwtekening. Op deze tekening staan alle gegevens die je nodig hebt om een goede nestkast te maken. Hierop vind je de afmetingen van de kast (en de invliegopening), welke houtsoort je het beste gebruikt en een zaagschema zodat je precies weet hoeveel hout je moet kopen. Bij veel bouwmarkten kun je het hout dat je koopt meteen in de juiste afmetingen laten zagen. Neem je bouwtekening dus mee naar de bouwmarkt, dat bespaart je een hoop werk.

Bouwtekening nestkast ringmus
Bouwtekening nestkast ringmus (De natuur van hier)

Als houtsoort kun je het beste beuken-, lariks- of eikenhout gebruiken. Daarnaast kan ook watervast multiplex gebruikt worden. Als dikte raden we 15 millimeter aan. Let bij het kopen van het hout op het FSC-keurmerk. Gebruik RVS schroeven om het hout mee vast te schroeven. RVS is beter bestand tegen roesten dan verzinkte schroeven, dus beter geschikt om buiten te gebruiken. Eventueel kun je het dak afwerken met dakleer, zodat het hout minder te verduren krijgt en de nestkast langer mee gaat.

Ophangen nestkast

Bij het ophangen van de nestkast is het belangrijk om met een aantal zaken rekening te houden. Hang de nestkast stevig op zodat deze niet valt. Hang de kast op ongeveer twee á drie meter hoogte, met de opening richting het noorden, noordoosten of oosten. Zo voorkom je dat het constant binnen regent en dat er minder overlast is van wind en zon. Zorg er daarnaast voor dat de kast niet goed bereikbaar is voor katten en andere roofdieren.

In het najaar (rond oktober) is het tijd om de nestkast schoon te maken. Gebruik hiervoor geen schoonmaakmiddelen, maar alleen heet water. Hang de nestkast daarna meteen weer op, want soms worden ze in de winter gebruikt als rustplek.

Ringmus
Ringmussen maken dankbaar gebruik van nestkasten als ze op de juiste plek hangen

Lees ook: bouwtekening nestkast boomkruiper


Veel gestelde vragen

Hoe lok ik een ringmus naar mijn tuin?

Om een ringmus naar je tuin te lokken is het zaak om op de juiste plek te wonen. Ringmussen leven aan de rand van dorpen en steden, in een halfopen landschap. Belangrijk is dat er voldoende schuilplekken in de vorm van hagen, heesters en bomen in de buurt zijn. Daarnaast is het belangrijk dat ze voedsel kunnen vinden, op bijvoorbeeld graanakkers.

Hoe maak ik een nestkast voor een ringmus?

Een nestkast voor een ringmus kun je maken van lariks-, beuken- of eikenhouten planken. Watervast multiplex is ook geschikt. De nestkast moet circa 12x12x27cm groot zijn. Gebruik de bouwtekening (inclusief zaagschema) in deze blog.

Hoe hang ik een nestkast voor een ringmus op?

Hang de nestkast op een beschutte plek, op ongeveer twee á drie meter hoogte stevig op, buiten het bereik van katten en andere roofdieren. Zorg dat de nestkast met de opening naar het noorden, noordoosten of oosten hangt, zodat het niet binnen regent.


Wat kun je nog meer doen voor ringmussen?

Om het ringmussen nog meer naar de zin te maken in je tuin of op je erf, kun je de volgende dingen nog overwegen. Plant bijvoorbeeld een brede gemengde haag aan met inheemse soorten zoals meidoorn, egelantier en veldesdoorn aan.

Daarnaast kun je biologisch voedsel in de vorm van zaden en zonnepitten aanbieden. Laat tot slot op een rustige plek een rommelhoekje staan waar ook wat onkruid mag groeien. Ringmussen zijn gek op onkruidzaden en kunnen dit zo in overvloed in je tuin vinden.


Wil je meer bouwtekeningen voor nestkasten. inspiratie over inheemse planten of andere tuin- of natuurtips? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief. Zo blijf je op de hoogte van nieuwe blogs, praktische tuintips en winacties!

Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

20 inheemse planten voor vlinders: nectar- en waardplanten voor een vlindertuin

rups koninginnepage

Vlinders zijn erg geliefd in tuinen. Helaas gaat het met veel vlindersoorten tegenwoordig slecht, door het verdwijnen van bloemrijke graslanden, het gebruik van bestrijdingsmiddelen en intensieve landbouw. Daarom is het belangrijk om in je tuin veel te doen om de vlinders te helpen.

Door te kiezen voor inheemse planten bied je vlinders precies wat ze nodig hebben. Sommige van deze planten leveren nectar voor volwassen vlinders, terwijl andere planten dienen als waardplant voor rupsen. Zonder deze planten kunnen veel vlinders zich niet voortplanten.

In deze blog bespreken we 20 inheemse planten voor vlinders die geschikt zijn voor tuinen in Nederland. Met deze planten creëer je een tuin die aantrekkelijk is voor veel verschillende vlindersoorten, zoals de dagpauwoog en kleine vos.

E-book meer natuur in je tuin - kleine vos
Wil je stap voor stap meer natuur in je tuin? In ons e-book ontdek je hoe je verschillende inheemse planten slim combineert tot een biodiverse tuin die het hele jaar aantrekkelijk is voor vogels, bijen en vlinders.

Inhoudsopgave


Waarom inheemse planten belangrijk zijn voor vlinders

Vlinders zijn voor hun voortplanting afhankelijk van specifieke planten. Veel soorten leggen hun eitjes namelijk alleen op bepaalde waardplanten, waar de rupsen zich na het uitkomen mee voeden. Per vlindersoort kan de waardplant en nectarplant verschillen. Zonder inheemse planten kunnen vlinders hun levenscyclus niet voltooien, ze hebben dan geen plant voor eiafzet en/of om nectar te halen. Wanneer waardplanten verdwijnen, verdwijnen uiteindelijk ook de vlinders die ervan afhankelijk zijn.

Brandnetel waardplant (De natuur van hier)
Brandnetel is voor veel vlindersoorten, zoals deze gehakkelde aurelia, een belangrijke waardplant (De natuur van hier)

In tuinen wordt bij het kiezen van planten vaak vooral gekeken naar de kleur of uitstraling van bloemen. Daardoor worden er regelmatig exotische tuinplanten gekozen. Sommige van deze soorten produceren wel nectar en kunnen daardoor volwassen vlinders aantrekken en voeden, maar ze zijn vaak niet geschikt als waardplant voor rupsen.

Als je in je tuin alleen zulke planten hebt staan, kunnen vlinders er wel nectar vinden, maar kunnen ze zich niet voortplanten. Door aan te planten met inheemse planten, creëer je een tuin waarin vlinders voedsel kunnen vinden en hun eitjes kunnen afzetten. Zo kunnen vlinders hun volledige levenscyclus doorlopen.

Wil je aan de slag met inheemse beplanting in je tuin, maar heb je geen idee waar je moet beginnen? Lees dan onze gids ‘inheemse beplanting voor een natuurlijke en diervriendelijke tuin’. Hierin laten we stap voor stap zien waar je aan moet denken om met behulp van inheemse beplanting een tuin vol leven te creëren!

Pas op met vlinderstruik

Een goed voorbeeld hiervan is vlinderstruik. Deze wordt massaal aangeboden (en gekocht) in tuincentra, met de boodschap dat het een uitstekende vlinderplant is. Dit is deels waar, maar het is voor bijna geen enkele vlinder een waardplant in Nederland.

Tel daarbij op dat de vlinderstruik steeds vaker in natuurgebieden verschijnt en inheemse planten daar verdringt (invasieve exoot), waardoor deze dus eigenlijk een negatief effect heeft op bijzondere inheemse vlinders. Ook blijkt op veel planten uit tuincentra gif te zitten.

Vlinderstruik

Nectarplanten en waardplanten

Veel mensen denken gelijk aan nectar als ze denken aan de behoeften van vlinders, maar waardplanten zijn minstens zo belangrijk. Het is dus van belang dat er zowel nectarrijke planten als waardplanten worden aangeplant in de tuin.

Nectarplanten

Dit zijn planten die voedsel leveren voor volwassen vlinders. Dit kan per soort verschillen. Inheemse planten zijn afgesteld op inheemse diersoorten en andersom, dus deze planten bieden vlinders meer dan exotische planten. Goede inheemse nectarplanten zijn onder andere:

  • Wilde marjolein
  • Koninginnekruid
  • Beemdkroon
  • Knoopkruid

Waardplanten
Waardplanten zijn onmisbaar in de ontwikkeling van ei naar vlinder. Dit zijn planten waarop vlinders hun eitjes leggen. Soms legt de vlinder de eitjes in de buurt, waarna de rupsen de plant opzoeken. De rupsen eten vervolgens van deze plant, gaan groeien en verpoppen zich uiteindelijk in of nabij de waardplant. Vaak wordt gedacht dat rupsen alleen het blad eten, maar sommige rupsen eten ook stengels, wortels, bloemen of zelfs zaden.

Net als met nectarplanten hangt het van de vlindersoort af welke plant gebruikt wordt als waardplant. Als de rupsen van één plantensoort eten, noem je dat monofaag. Als er meerdere plantensoorten (maar wel van dezelfde plantenfamilie) worden gegeten, noem je dat oliofaag. Soorten die allerlei planten eten, noem je polyfaag.

Wat zijn de beste waardplanten voor vlinders?

  • Grote brandnetel: atalanta, dagpauwoog, distelvlinder, gehakkelde aurelia, kleine vos, landkaartje en heel veel soorten dagvlinders
  • Pinksterbloem: oranjetipje, klein geaderd witje, klein koolwitje
  • Sporkehout: citroenvlinder, groentje, boomblauwtje, diverse nachtvlinders
Landkaartje rupsen (Saxifraga - Pieter van Breugel)
De vlinder legt de eitjes op, of in de buurt van de waarplant. De rupsen kunnen zo meteen beginnen met eten (Saxifraga – Pieter van Breugel)

Bloeikalender voor inheemse planten voor vlinders

Met onderstaande bloeikalender zorg je ervoor dat vlinders van het vroege voorjaar tot in de nazomer nectar kunnen vinden in je tuin. Door soorten te combineren die op verschillende momenten bloeien, ontstaat een continue voedselbron voor vlinders.

MaandBloeiende vlinderplanten
MaartBoswilg
AprilBoswilg, pinksterbloem
MeiPinksterbloem, look-zonder-look, gewone rolklaver
JuniKnoopkruid, slangenkruid, beemdkroon, duizendblad
JuliWilde marjolein, knoopkruid, gewone margriet, wilde peen
AugustusKoninginnekruid, grote kattenstaart, boerenwormkruid
SeptemberKoninginnekruid, duizendblad, echte guldenroede

Inheemse planten en moment van bloei

Hieronder vind je een overzicht van de 20 beste inheemse planten voor vlinders. Deze zijn gesorteerd op het moment waarop ze bloeien. Na deze lijst worden de soorten besproken.

Vroege soorten

  1. Boswilg
  2. Pinksterbloem
  3. Look-zonder-look
  4. Gewone rolklaver

Zomersoorten

  1. Knoopkruid
  2. Slangenkruid
  3. Beemdkroon
  4. Duizendblad
  5. Wilde marjolein
  6. Wilde peen
  7. Gewone margriet
  8. Grote centaurie
  9. Veldsalie

Nazomer

  1. Koninginnekruid
  2. Grote kattenstaart
  3. Boerenwormkruid
  4. Echte guldenroede

Belangrijke waardplanten

  1. Grote brandnetel
  2. Hop
  3. Sporkehout

Welke vlinders trek je met deze planten?

Met de juiste inheemse planten kun je verschillende vlindersoorten naar je tuin lokken. Elke soort heeft namelijk zijn eigen voorkeur voor waardplanten en nectarbronnen.

Enkele bekende voorbeelden:

Door verschillende waardplanten te combineren, vergroot je de kans dat meerdere vlindersoorten je tuin weten te vinden. Zo ontstaat er een levendige en natuurlijke tuin waarin vlinders zich thuis voelen.

20 inheemse planten voor vlinders

Dan is het nu tijd om de beste inheemse vlinderplanten te bespreken. Per soort vind je wanneer ze bloeien, de beste standplaats en hoe hoog de plant of struik wordt. Daarnaast vind je nog wat aanvullende informatie waarom het zo’n goede vlinderplant is.

Boswilg (Salix caprea)

Bloeitijd: maart-april

Standplaats: volle zon tot halfschaduw en vochtige, voedselrijke bodem

Hoogte: 6-10 meter

Soort: nectarplant & waardplant (nachtvlinders)

Boswilg bloeit als een van eerste struiken in Nederland. Daarom is het een belangrijke voedselborn voor insecten in het vroege voorjaar, wanneer er nog bijna niets bloeit. Al vanaf maart verschijnen de zachte katjes aan de takken, die rijk zijn aan stuifmeel en nectar. Er zijn in deze tijd van het jaar nog niet veel vlinders actief, maar vroege soorten zoals de citroenvlinder profiteert van de vroege bloei, evenals andere insecten. Daarnaast is de boswilg een waardplant voor verschillende nachtvlinders. Het is verder ook een uitstekende plant voor bijen in je tuin.

De struik groeit het beste op een zonnige tot halfschaduwrijke plek en kan uitgroeien tot een (kleine) boom.

De vroege bloei van boswilg is uitstekend voor vlinders en bijen (de Natuur van hier)
De vroege bloei van boswilg is een welkome voedselbron voor vlinders in het vroege voorjaar (de Natuur van hier)

Pinksterbloem (Cardamine pratensis)

Bloeitijd: april-juni

Standplaats: zon, lichte schaduw en vochtige tot natte, voedselrijke grond

Hoogte: 20-60 cm

Soort: nectarplant & waardplant

Pinksterbloem is een typische voorjaarsplant die vaak groeit in vochtige graslanden en langs slootkanten. Helaas zie je deze plant niet meer zoveel als vroeger. De lichtpaarse bloemen verschijnen in april en mei en zijn een belangrijke nectarbron voor vroege vlinders. De plant staat vooral bekend als waardplant voor het oranjetipje, waarvan de rupsen zich voeden met de zaden en bloemen. Het is daarnaast ook de waardplant van het klein geaderd witje en het klein koolwitje. Pinksterbloem doet het goed in een natuurlijke tuin waar de bodem licht vochtig mag blijven.

Pinksterbloem is – biologisch gekweekt – verkrijgbaar bij diverse gespecialiseerde winkels, zoals Sprinklr en Vivara.

Pinksterbloem is een goede inheemse plant voor vroege insecten
Pinksterbloem is een goede inheemse plant voor vroege insecten (De Natuur van hier)

Look-zonder-look (Alliaria petiolata)

Bloeitijd: april tot en met juni

Standplaats: half schaduw, vochtige en voedselrijke bodems (stikstofhoudend)

Hoogte: 15-90 cm (soms zelfs 100 cm)

Soort: waardplant

Look-zonder-look is een tweejarige plant die vaak groeit langs bosranden en op licht beschaduwde plekken. De kleine witte bloemen verschijnen in het voorjaar (van het tweede jaar, na overwintering) en trekken diverse insecten aan. Voor vlinders is deze plant vooral belangrijk als waardplant voor het oranjetipje en verschillende witjes. De rupsen eten van de bladeren en ontwikkelen zich hier tot pop. Look-zonder-look zaait zich gemakkelijk uit en past goed in een natuurlijke of iets verwilderde tuin. Het blad kun je eten. Het is een uitstekende plant om te gebruiken in de schaduw of halfschaduw.

Look-zonder-look is bij diverse gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt verkrijgbaar, waaronder Vivara.

Look-zonder-look bloeit en is een waardplant voor vlinders
Look-zonder-look is een waardplant voor verschillende vlindersoorten en biedt nectar aan allerlei insecten

Gewone rolklaver (Lotus corniculatus)

Bloeitijd: mei-september (soms zelfs oktober)

Standplaats: volle zon, vrijwel alle bodems

Hoogte: 10-30 cm

Soort: nectarplant & waardplant

Gewone rolklaver is een lage, kruipende plant met gele bloemen die van mei tot september bloeien. De plant groeit goed op droge, zonnige plekken en wordt vaak aangetroffen in bloemrijke graslanden. Voor vlinders is rolklaver een belangrijke nectarplant en tevens een waardplant voor verschillende blauwtjes, waaronder het icarusblauwtje en bruin dikkopje (ernstig bedreigd). Door zijn lange bloeiperiode vormt rolklaver een waardevolle aanvulling in een vlindervriendelijke tuin. In symbiose met een bacterie bindt gewone rolklaver stikstof uit de lucht, waardoor de plant de bodem verbetert. Gewone rolklaver doet het goed op een zonnige plek en droge grond.

Het icarusblauwtje gebruikt gewone rolklaver als waardplant
Gewone rolklaver dient als waardplant voor onder andere het icarusblauwtje

Knoopkruid (Centaurea jacea)

Bloeitijd: juni tot en met september

Standplaats: volle zon, droog tot matig vochtig en schrale bodem

Hoogte: 60-120 cm

Soort: nectarplant & waardplant (nachtvlinders)

Knoopkruid is een van de beste nectarplanten voor vlinders in Nederland. De paarse bloemen verschijnen vanaf juni en trekken veel insecten aan, waaronder vlinders, hommels en bijen. In de zomer zijn hier vaak soorten te zien zoals de distelvlinder en het icarusblauwtje. Het is een waardplant voor veel verschillende nachtvlinders. Daarnaast is het de waardplant van de in Nederland ernstig bedreigde veldparelmoervlinder. Knoopkruid groeit goed in zonnige borders en bloemrijke graslanden/tuinen en kan zich gemakkelijk uitzaaien door haar eigen zaden.

Het prachtige knoopkruid is bij diverse gespecialiseerde winkels, biologisch gekweekt, te verkrijgen, waaronder Sprinklr en Vivara.

bloeiende knoopkruid is erg goed voor vlinders
Knoopkruid is zowel een nectarplant als waardplant

Slangenkruid (Echium vulgare)

Bloeitijd: mei tot en met september

Standplaats: zonnig, droog en warme standplaats, voedselarme en zandige of rotsachtige bodem

Hoogte: 30-80 cm

Soort: nectarplant & waardplant (nachtvlinders)

Slangenkruid staat bekend om zijn opvallende blauwe bloemen en lange bloeiperiode. De bloemen zijn erg rijk aan nectar en trekken tal van insecten aan. Vlinders zoals de distelvlinder en de atalanta bezoeken deze plant regelmatig. Het is een waardplant voor talloze motten. Slangenkruid groeit het beste op droge, zonnige plekken met een arme bodem. Langs de oevers van de Grensmaas troffen wij slangenkruid aan, waar de bijzondere slangenkruidbij nectar haalde.

Slangenkruid is, biologisch gekweekt, te verkrijgen bij diverse speciaal winkels, waaronder Sprinklr.

Slangenkruid met slangenkruidbij
Slangenkruid biedt aan veel verschillende insecten nectar en is daarmee een belangrijke nectarplant

Beemdkroon (Knautia arvensis)

Bloeitijd: juni-september

Standplaats: volle zon, drogere tot vochthoudende grond, niet te voedselrijk

Hoogte: 40-80 cm

Soort: nectarplant

Beemdkroon heeft lila bloemen die veel nectar produceren. Hij bloeit van mei/juni tot in de herfst. Deze plant trekt verschillende vlinders en andere insecten aan en wordt bezocht door soorten zoals bijvoorbeeld groot dikkopje, koninginnenpage, oranjetipje en zilveren maan (zeldzaam).

Beemdkroon groeit het liefst op een zonnige plek met een goed doorlatende, vochtige en kalkhoudende bodem. Beemdkroon staat op de Rode Lijst, dus voor zowel de plantensoort als voor de insecten die de plant nodig hebben, is het een goed idee om in je tuin aan te planten. Op zoek naar meer planten die het goed doen in de volle zon? Kijk dan eens in onze blog hierover, daar vind je nog meer suggesties voor inheemse planten in de volle zon.

Het prachtige beemdkroon is bij diverse gespecialiseerde winkels (biologisch gekweekt) te verkrijgen, zoals Sprinklr en Vivara.

Bloeiende beemdkroon biedt veel nectar
Beemdkroon biedt voor veel vlinders en andere insecten heel veel nectar en stuifmeel

Wilde marjolein (Origanum vulgare)

Bloeitijd: juli tot en met september

Standplaats: zonnige, warme plek, goed doorlatende bodem, matig voedselrijk, kalkhoudend

Hoogte: 30-60 cm

Soort: nectarplant

Wilde marjolein is een uitstekende nectarplant voor vlinders. De roze bloemen verschijnen in juli en augustus en trekken veel insecten aan. De plant bloeit tot in september. Wilde marjolein groeit het beste op warme, zonnige plekken en is een vaste, winterharde plant.

Doordat de plant zoveel nectar bevat, komen er veel insecten en vlinders op af. Vlinders die op wilde marjolein af komen, zijn bijvoorbeeld het icarusblauwtje, bruin blauwtje, klein koolwitje, kleine vos, dagpauwoog, gehakkelde aurelia, bont zandoogje, atalanta, distelvlinder, kleine vuurvlinder en nog enkele meer. Een echte vlindertrekker dus, deze plant!

Wij hebben deze multifunctionele plant dicht bij huis staan, op een plekje in de volle zon en tegen de gevel. Want naast dat wilde marjolein ontzettend veel insecten aantrekt en prachtig bloeit, geurt de plant ook nog eens heerlijk en is het blad ook te gebruiken als smaakmaker in de keuken. Heerlijk over de pizza of in de pasta!

Wilde marjolein is, biologisch gekweekt, verkrijgbaar bij diverse winkels, waaronder Sprinklr en Vivara.

Bruin zandoogje op wilde marjolein
Wilde marjolein is zeer geliefd bij talloze vlinders en andere insecten, zoals bij deze bruine zandoogjes

Duizendblad (Achillea millefolium)

Bloeitijd: juni-september

Standplaats: volle zon, verdraagt droogte goed en een goed doorlatende, matig voedselrijke, droge tot normale (tuin)grond

Hoogte: 40-125 cm

Soort: nectarplant & waardplant (nachtvlinders)

Duizendblad bloeit lang en produceert veel nectar. De plant bloeit van juni tot november. De schermbloemen bloeien wit tot soms roze. Duizendblad kan goed tegen droogte en zie je vaak op verstoorde grond, maar hij past ook prima in een border.

Je kunt hier wel spreken van een vergeten groente: in de zeventiende eeuw werden de jonge bladeren gebruikt als spinazie of soep. Daarnaast heeft de plant veel verschillende geneeskundige werkingen. De plant groeit goed in droge tot matig vochtige grond.

Omdat de nectar via de schermbloemen makkelijk te bereiken is, is het een geliefde plant bij vlinders (en andere insecten). Het is de waardplant van veel soorten motten. Dagvlinders als kleine vuurvlinder, kleine vos en oranje zandoogje bezoeken de plant voor nectar. De uitgebloeide bloemen in de winter kun je het beste laten staan, vogels pikken de zaden er dan uit. Een zeer veelzijdige plant.

In onze natuurtuin hebben we veel duizendblad in ons kruidenrijk gazon staan en bloeit hier rijkelijk. Doordat we het gazon gefaseerd maaien weten we de bloeitijd van duizendblad te verlengen en genieten we de hele zomer en herfst van de prachtige bloemen. Heb je geen duizendblad in je gazon? Dan kun je deze – biologisch gekweekt – verkrijgen in diverse kleuren bij onder andere Sprinklr en Vivara om duizendblad in je border of gazon aan te planten.

Bloeiende duizendblad
Duizendblad is met haar schermbloemen vol nectar zeer geliefd bij vlinders, motten en andere insecten

Wilde peen (Daucus carota)

Bloeitijd: juni-september (vanaf het tweede jaar, de plant heeft eerste koude nodig, om het jaar daarna te gaan bloeien)

Standplaats: volle zon tot halfschaduw, droge tot matig vochtige, kalkrijke en voedselarme tot matig voedselrijke bodem

Hoogte: 30-90 cm

Soort: nectarplant & waardplant

Dit is een van onze favorieten in onze natuurtuin. De bloei trekt zo veel leven aan, dat je elke keer een ander insect er op aantreft. Wilde peen vormt fijne witte schermbloemen die aantrekkelijk zijn voor veel insecten, omdat insecten met een korte tong ook makkelijk de nectar bereiken.

De plant is ook een waardplant voor de spectaculaire koninginnenpage, met haar opvallende rupsen. De rupsen hebben het blad en de bloemen nodig om te groeien. Daarnaast kun je ook blauwtjes, witjes en zandoogjes aantreffen op wilde peen.

Wilde peen groeit het best op zonnige plekken met een droge tot enigszins vochtige bodem. De bodem moet kalkhoudend en matig voedselrijk zijn, zoals op klei, zand of leem. De plant bloeit van juni tot en met september en vormt daarna de zaden. De bloem buigt dan naar binnen toe, waardoor hij lijkt op zijn bijnaam: een vogelnestje. Vogels (zoals vinken en putters) eten de zaden. ’s Avonds buigen de bloemhoofden naar beneden, om de volgende dag bij zonlicht zich weer op te richten.

Bloeiende wilde peen
Wilde peen is een plant die ontzettend veel leven trekt, je ziet er continu andere soorten insecten en vlinders op. De nectar is makkelijk te bereiken

Gewone margriet (Leucanthemum vulgare)

Bloeitijd: mei-juli (met soms uitloop tot in augustus/september)

Standplaats: volle zon, matig voedselrijke en goed doorlatende bodem

Hoogte: 40-80 cm

Soort: nectarplant

Vroeger zag je de gewone margriet veel, in de vele hooilanden die Nederland toen rijk was. Helaas zijn deze hooilanden er steeds minder. Als je deze mooie plant in je tuin hebt staan, wacht dan met maaien tot de bloem zaden heeft gevormd. Margriet zaait zichzelf makkelijk uit.

Gewone margriet produceert veel nectar en trekt daarmee vlinders en andere insecten aan. De plant is een mooie toevoeging aan een bloemrijke tuin. Ze heeft veel zon nodig. Vlinders die de gewone margriet bezoeken, zijn bijvoorbeeld het bruin en bont zandoogje, groot en klein koolwitje, icarusblauwtje, kleine vos, dagpauwoog, atalanta en de bijzondere dagactieve nachtvlinder de kolibrievlinder.

Gewone margriet is bij diverse gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt verkrijgbaar, waaronder Sprinklr en Vivara.

Bloeiende margrieten in een veld
Margrieten kwamen vroeger algemeen voor in Nederland, maar zie je steeds minder vaak door de intensivering van de landbouw. Margriet is een mooie plant om in je tuin te gebruiken, want het trekt vele vlinders aan

Grote centaurie (Centaurea scabiosa)

Bloeitijd: juni-oktober

Standplaats: zonnige plek, droge tot matig vochtige, kalkrijke bodem

Hoogte: 30-120 cm

Soort: nectarplant

Grote centaurie bloeit met prachtige, opvallende paarse en roze bloemen. Het is een echte magneet voor vele soorten vlinders. Het is een hele goede plant om in je tuin te zetten, omdat het zorgt voor veel biodiversiteit. Er komen niet alleen veel vlinders op af, maar ook bijen, hommels, zweefvliegen en andere insecten. De zaden worden na het bloeien gegeten door vogels, zoals verschillende soorten vinkachtigen.

Vlinders die op grote centaurie af komen, zijn bijvoorbeeld de distelvlinder, dambordje (zeer zeldzaam) en dagpauwoog. Grote centaurie is verwant aan knoopkruid en korenbloem. In de tuin doet de plant het goed op allerlei soorten bodems. Wij hebben hem op zuiden tegen de gevel aan staan, vol in de zon. Hier staat deze vaste plant dicht bij een raam, zodat we veel kunnen genieten van de prachtige bloemen. Vroeger werd grote centaurie gebruikt voor huidproblemen en wondverzorging.

Grote centaurie is bij verschillende gespecialiseerde winkels -biologisch gekweekt- te verkrijgen, waaronder Sprinklr en Vivara.

Bloeiende en uitgebloeide grote centaurie
Zet grote centaurie in je tuin en je zult veel verschillende soorten vlinders en andere insecten gaan zien (Foto: Saxifraga – Marijke Verhagen)

Veldsalie (Salvia pratensis)

Bloeitijd: juni tot en met augustus

Standplaats: zonnig, droge tot matig vochthoudende grond, goed doorlaatbaar

Hoogte: 40-75 cm

Soort: nectarplant

Veldsalie is een uitstekende plant in diverse soorten tuinen. Hij past goed in droge borders, bloemenweides en zonnige tuinen. De plant bloeit met paarsblauwe bloemen en produceert veel nectar. Veldsalie zorgt voor veel biodiversiteit, omdat er veel soorten insecten op af komen, waaronder ook verschillende soorten vlinders.

Veldsalie doet het goed op droge tot matig vochtige bodems, op verschillende typen grond, zo lang het bodemtype maar goed doorlatend is. Klei-, leem- en zandgronden zijn goed voor veldsalie. Bij gespecialiseerde winkels zoals Sprinklr en Vivara is veldsalie biologisch gekweekt verkrijgbaar.

Bloeiende veldsalie
Veldsalie bloeit met prachtige paarsblauwe bloemen waar onder andere vlinders graag nectar komen halen

Koninginnekruid (Eupatorium cannabinum)

Bloeitijd: juli tot en met september

Standplaats: zon tot half schaduw, op vochtige tot drassige en voedzame grond

Hoogte: 100-150 cm

Soort: nectarplant & waardplant (nachtvlinders)

Koninginnekruid is een van de beste vlinderplanten voor de nazomer. Bij oevers van poelen en vijvers doet koninginnekruid het goed, evenals vochtige borders. Deze plant krijgt tijdens de bloei roze tot rozerode schermachtige bloemen. Deze bloemen zijn erg geliefd bij vlinders. Op de plant aan onze natuurlijke vijver zien we regelmatig atalanta, dagpauwoog, distelvlinder en soms zelfs koninginnenpage! Andere vlinders die hier op af komen, zijn bijvoorbeeld keizersmantel, gehakkelde aurelia en kleine vos. De plant dient als waardplant voor verschillende nachtvlinders.

Een andere naam voor koninginnekruid is leverkruid. De plant werd namelijk van oudsher gebruikt tegen geelzucht, een leverziekte. Koninginnekruid is biologisch gekweekt verkrijgbaar bij onder andere Sprinklr en Vivara.

Spaanse vlag en keizersmantel op bloeiend koninginnekruid
Koninginnekruid is zeer geliefd bij vlinders, zoals Spaanse vlag (zeldzame dagactieve nachtvlinder) en keizersmantel

Grote kattenstaart (Lythrum sallicaria)

Bloeitijd: juni – augustus

Standplaats: zon – halfzon, natte en voedselrijke bodem

Hoogte: tot 100 centimeter

Soort: nectarplant & waardplant

Een andere prachtige zomerbloeier is grote kattenstaart. Deze vaste plant staat het liefst op een vochtige tot natte plek en kan daardoor ideaal als oeverplant bij een vijver worden gebruikt (hier vind je nog veel meer vijverplantentips).

Van juni tot en met augustus bloeit grote kattenstaart rijkelijk met roze bloemaren die in trek zijn bij insecten. De plant heeft haar naam te danken aan de gelijkenis met een kattenstaart. Het boomblauwtje heeft de plant nodig als waardplant. De rupsen eten de bloemen en vruchten. Ook andere vlinders, zoals de grote vuurvlinder, en vele andere insecten kun je bij de bloemen aantreffen.

Het liefst staat grote kattenstaart dus op een vochtige plek, in de zon of halfzon. Kattenstaart is bij diverse gespecialiseerde winkels biologisch gekweekt te verkrijgen, waaronder Sprinklr en Vivara.

Bloeiende grote kattenstaart langs een waterkant
Grote kattenstaart heeft een prachtige bloei, die veel biodiversiteit aantrekt in de vorm van allerlei verschillende soorten insecten

Boerenwormkruid (Tanacetum vulgare)

Bloeitijd: juli tot en met september

Standplaats: zonnig tot licht beschaduwd, voedselrijke en open bodem

Hoogte: 80-120 cm

Soort: nectarplant & waardplant (nachtvlinders)

Boerenwormkruid is een sterke vaste plant die goed groeit op droge grond. Het is een pionierplant, je ziet hem veel op verstoorde bodem. Hij bloeit met ronde knopjes van gele bloemhoofdjes. De gele bloemen verschijnen in de zomer en trekken verschillende insecten aan, waaronder verschillende soorten dagvlinders. Meerdere soorten nachtvlinders en ook wantsen hebben de plant nodig als waardplant.

Deze plant bloeit wat later in het jaar, waardoor je ook in de nazomer en begin najaar nog nectar kunt aanbieden aan vlinders en andere insecten in je tuin. De naam heeft de plant te danken aan zijn wormdrijvende kwaliteiten. Dieren in het wild eten van de plant om van wormen af te komen.

Vroeger werden er bosjes gedroogd boerenwormkruid opgehangen om insecten te weren. De geur werkt afschrikwekkend tegen insecten. Boerenwormkruid is, biologisch gekweekt, verkrijgbaar bij onder andere Sprinklr en Vivara.


Echte guldenroede (Solidago virgaurea)

Bloeitijd: juli-oktober

Standplaats: zonnig tot halfschaduw, matig voedselrijke tot vrije arme bodem, goed doorlaatbaar

Hoogte: 40-100 cm

Soort: nectarplant & waardplant (nachtvlinders)

Echte guldenroede vind je in de natuur in bosranden, bossen, heiden en op zandgronden. Omdat deze plant, net als boerenwormkruid, later in het seizoen bloeit, is het een belangrijke nectarbron voor vlinders in de nazomer.

Deze plant heeft veel nectar en is daarom geliefd bij zowel dag- als nachtvlinders. Je kunt op deze plant onder andere aantreffen: atalanta, dagpauwoog, citroenvlinder, groot en klein koolwitje, kleine vos, gehakkelde aurelia en oranje zandoogje. Daarnaast ook diverse nachtvlinders en microvlinders, maar ook bijen en zweefvliegen.

Echte guldenroede is dus een echte magneet voor meer leven in je tuin. Je bestelt echte guldenroede -biologisch gekweekt- bij Vivara.


Grote brandnetel (Urtica dioica)

Bloeitijd: juni-oktober/november

Standplaats: vochtige, natte gronden die stikstofrijk zijn, halfschaduw

Hoogte: 30-80 cm (met uitschieters naar boven)

Soort: waardplant

Grote brandnetel, wie kent hem niet? De een verafschuwt hem, de ander verwelkomt hem in de tuin. Als je vlinders een handje wil helpen, is brandnetel laten staan een zeer goed idee. Grote brandnetel is een van de belangrijkste waardplanten voor vlinders in Nederland, zoals voor de kleine vos, dagpauwoog, landkaartje en atalanta.

De plant maakt kleine, groenachtige bloemen aan in de oksels van de bladeren, die een soort pluimen vormen. Je ziet de plant veel in bossen, langs heggen, slootkanten, braakliggende grond en in voedselrijke tuinen. Wanneer je hem zijn gang laat gaan, kan hij wel tot twee meter groot worden. Die kans krijgt hij over het algemeen niet. Grote brandnetel is tweehuizig, dat betekent dat er mannelijke en vrouwelijke planten zijn.

Niet alleen voor vlinders is de plant van belang, ook wij als mens kunnen veel uit de plant halen. Grote brandnetel zit vol ijzer en je kunt hem gebruiken in de thee, soep of in stamppot. Het beste gebruik je hiervoor de jonge bladeren.

Rupsen op brandnetel als waardplant
Rupsen van meerdere soorten vlinders eten in mum van tijd brandnetels kaal. Grote brandnetel is een ontzettend belangrijke waardplant voor verschillende soorten vlinders

Ook worden de bladeren gebruikt om neteldoek (of kaasdoek) van te maken. Deze doeken kun je gebruiken om vloeistoffen te filteren, kaas ermee te maken, uitlekken, het afdekken van deeg en ook wordt het wel gebruikt voor kleding. Een ontzettend veelzijdige plant dus!

Een echte aanrader om in je tuin te zetten of te laten staan. In onze natuurtuin hebben we meerdere hoekjes waar de brandnetel zijn gang mag gaan. En ieder jaar zijn we weer verrast door de vele rupsen die we erin zien. Zie onderstaande post van ons wat brandnetel oplevert voor je natuurtuin. We plukken daarnaast ook bladeren om er zelf thee van te maken.


Hop (Humulus lupulus)

Bloeitijd: juli-augustus

Standplaats: zonnig tot halfschaduw, voedselrijke en vochthoudende grond, goed doorlaatbaar

Hoogte: 4-8 meter

Soort: nectarplant & waardplant

Hop is een sterke plant, die het goed doet op kalkrijke, leemachtige bodem. Het is een uitstekende inheemse klimplant, die je kunt zetten bij bijvoorbeeld schuttingen en muren. Wel moet je de plant wat steun geven bij het klimmen.

Van juli tot september verschijnen – aan de vrouwelijke planten – de kenmerkende hopbellen die ook als een van de belangrijkste ingrediënten van bier dient.

Naast dat deze hopbellen een prachtige sierwaarde hebben, zijn ze ook nog eens goed voor meer biodiversiteit in je tuin. De nectar en het stuifmeel in de hopbellen trekken bijen, hommels, vlinders en zweefvliegen aan. Tevens is hop de waardplant van een aantal vlinders zoals atalantagehakkelde aureliadagpauwoog en een aantal nachtvlinders.

Hop kan meer dan vier meter hoog worden en groeit ongelofelijk snel, dus regelmatige snoei is vereist. De plant is niet wintergroen, maar sterft in het najaar bovengronds af, waarna deze in het voorjaar weer uitloopt. De klimplant kent een windende groei, wat betekent dat deze een klimrek of spandraad nodig heeft om langs af te winden.

In onze natuurtuin gebruiken we hop als klimplant in een wilde, gemengde haag. Dit staat garant voor meer biodiversiteit in je tuin. Hop is, biologisch gekweekt, bij verschillende gespecialiseerde winkels verkrijgbaar, zoals Sprinklr.

Bloeiende hop (vrouwelijk)
Hop is een sterke klimplant die met aromatische hopbellen bloeit. Ze is een waardplant voor meerdere soorten vlinders en een lust voor het oog, dus genoeg redenen om deze klimplant ergens in je tuin of op je balkon te gebruiken

Sporkehout (Frangula alnus)

Bloeitijd: mei-september

Standplaats: zon tot halfschaduw, vochthoudende tot natte grond

Hoogte: 1,50 meter tot 5 meter

Soort: waardplant

De inheemse struik (of heester) sporkehout heeft een lange bloei en biedt daarmee voor lange tijd nectar aan insecten aan. Misschien ken je deze struik wel onder de andere bekende naam: vuilboom. Sporkehout of vuilboom heeft een hoge ecologische waarde.

De naam ‘vuilboom’ heeft een lange geschiedenis. Vroeger werden de bessen en gedroogde bast gebruikt als laxeermiddel. Op die manier hielp de plant om het lichaam te reinigen, oftewel te ontdoen van vuil (zoals verstoppingen of schadelijke stoffen). Let op wanneer je dit zelf wil testen: verse bessen en schors zijn giftig!

Een naam die met ere kan worden gedragen door deze snelgroeiende struik, is ook wel ‘koning van de biodiversiteit’. Hij is op meerdere manieren van groot belang voor de natuur. Het is de waardplant voor de citroenvlinder en het boomblauwtje. Hun rupsen eten uitsluitend de bladeren van sporkehout (en nauw verwante wegedoorn). Staat deze struik er niet, dan kunnen zij zich niet voortplanten.

Daarnaast biedt het door de lange bloei een constante nectarbron voor vele insectensoorten, ook als andere soorten allang zijn uitgebloeid. En tot slot bezoeken ook vogels deze plant graag, want na de bloei vormt de plant bessen die geliefd zijn bij bijvoorbeeld merel, grote lijster en kramsvogel.

Sporkehout (vuilboom) is biologisch gekweekt verkrijgbaar bij verschillende speciaalzaken, waaronder Vivara en Sprinklr.

Bloeiend sporkehout of vuilboom
Sporkehout is van groot belang voor biodiversiteit in je tuin: lange bloei en nectar voor vlinders en andere insecten en daarna bessen voor de vogels

Hoe maak je een vlindervriendelijke tuin

Om veel vlinders naar je tuin te trekken is het dus belangrijk om veel bloeiende, inheemse planten aan te planten. Denk er aan dat je zowel nectarplanten als waardplanten in je tuin gebruikt. Gebruik geen bestrijdingsmiddelen en andere pesticiden in je tuin, want daar zijn vlinder zeer gevoelig voor. Zorg er voor dat er van het voorjaar tot en met het najaar (maart-september/oktober) voldoende bloeien planten aanzwezig zijn voor het nodige nectar en stuifmeel. Zorg tot slot voor een niet te strakke tuin, waar ook ruimte is voor rommelhoekjes en uitgebloeide planten.

Veelgemaakte fouten bij vlinderplanten

Een van de meest voorkomende fouten is door alleen maar te focussen op (uitheemse) nectarplanten (denk bijvoorbeeld aan vlinderstruik). Deze bieden wel voedsel voor de volwassen dieren, maar rupsen kunnen er vaak niets mee. Het is dus net zo essentieel om ook voldoende waardplanten (bijvoorbeeld sporkehout) in je tuinplan op te nemen.

De nette en strakke tuinen zijn daarnaast ook een probleem voor vlinders en andere insecten. Rommelhoekjes bieden schuilplekken en uitgebloeide planten en hoge vegetatie bieden overwinteringsplekken. Ruim dus een keer wat minder op in je tuin en je doet veel dieren een plezier.

Uitgebloeide planten en rommelhoekjes zijn cruciaal voor vlinders en andere insecten (de Natuur van hier)
Uitgebloeide planten en rommelhoekjes zijn cruciaal voor vlinders en andere insecten (de Natuur van hier)

Een andere fout die vaak gemaakt wordt is dat er niet genoeg wordt nagedacht over de plantenkeuze, waardoor veel planten op hetzelfde moment bloeien en er op andere momenten vrijwel niets bloeit. Vlinders hebben het hele seizoen lang voedsel nodig in de vorm van nectar, kies dus voor planten die op verschillende momenten bloeien.

Afsluiting

Met de juiste inheemse nectarplanten en waardplanten kun je dus een natuurlijke tuin creëren waar veel vlinders op af komen. Wil je verder aan de slag met inheemse beplanting? Bekijk dan ook onze andere artikelen en ontdek hoe je stap voor stap een natuurlijke tuin kunt creëren met behulp van ons e-book.

Meer natuur in je tuin e-book
Met behulp van ons praktische e-book maak je van jouw tuin een tuin vol leven en voorkom je beginnersfouten

Wil je meer tips voor over inheemse planten, een klimaatbestendige tuin of andere tuintips? Meld je dan aan voor onze nieuwsbrief. Zo blijf je op de hoogte van nieuwe blogs, praktische tuintips en winacties!

Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

Zoeken

Categorieën

Op de hoogte blijven?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!