Zoeken

Categorieën

Op de hoogte blijven?

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief!


Natuurtuin in ontwikkeling – deel IV

Smeerwortel (Sandra Krol - De natuur van hier)

Ongeveer gelijktijdig met de start van deze website hebben we een huis kunnen kopen met ongeveer 3500m2 grond erbij. Ons doel is deze 35 are de komende jaren om te turnen naar een natuurtuin waarbij er ruimte is voor allerlei wilde vogels en andere dieren. De voortgang hiervan houden we bij en delen we in een terugkerende blog met jullie. In deze blog lees je wat er allemaal gebeurde in de lente!

27 juni 2023

In onze vorige blog, bijna vier maanden geleden, was het winter en was het relatief rustig in de natuurtuin. In deze periode hadden we ook weinig tijd om werkzaamheden uit te voeren in de tuin, en bleef het bij het ophangen van een vleermuizenkast, het plaatsen van een egelhuis en het bouwen en ophangen van een kauwenkast. In deze blog gaan we kijken naar de lente die zijn intrede doet, met de explosie van leven tot gevolg.

Zondersondergang in het vroeg voorjaar (Sandra Krol - De natuur van hier)
Zonsondergang in het vroege voorjaar (Sandra Krol – De natuur van hier)

Aanleggen van een poel

Voordat we meer kunnen vertellen over die explosie van leven, is het zaak om een van de oorzaken hiervan te bespreken. Een van onze grootste wensen was het aanleggen van een (of meerdere) poel(en) en begin maart namen we het besluit te beginnen met het maken van een klein poeltje, achter in de tuin. Het doel was om een klein poeltje te realiseren op een beschutte plek voor de voortplanting van kikkers, padden en salamanders en een drinkplaats voor vogels te creëren.

De grond die vrij kwam uit het gegraven gat, hebben we gebruikt om naast de poel een kleine heuvel te maken die we hebben ingezaaid met een inheems éénjarig akkermengsel. We hebben daarnaast enkele dode takken rechtop gezet rondom de poel, wat vogels kunnen gebruiken om veilig bij de poel te kunnen landen.

Witte kwikstaart
Een witte kwikstaart is een van de eerste bezoekers bij de pas aangelegde poel (De natuur van hier)

Kikkerdril bruine kikkers

Via via konden we een aantal hompen kikkerdril krijgen. Deze lagen nu in een verwaarloosd zwembad waar een kleine laag water in stond. Het opknappen van het zwembad stond in het voorjaar op de planning, dus de dril had er geen kans van slagen. Ondanks dat onze poel nog in de opstartfase zat, hebben we het aangedurfd om de kikkerdril in onze poel zich verder te laten ontwikkelen. En dat gebeurde.

Een van de hompen kikkerdril (Sandra Krol - De natuur van hier)
Een van de hompen kikkerdril (De natuur van hier – Sandra Krol)

Het feit dat de poel net enkele weken oud was en er nog nauwelijks macrofauna (belangrijk voedsel voor kikkers) in te vinden was, was natuurlijk een risico. Daarnaast zouden de kikkervisjes voor een grote onbalans in de poel zorgen. Maar dat is natuurlijk nog altijd beter dan in een verwaarloosd zwembad wachten totdat deze wordt aangepakt, met alle gevolgen van dien.

Kikkervisjes

Kikkervisjes warmen op in het ondiepe stuk van de poel (Sandra Krol - De Natuur van hier)
Kikkervisjes warmen op in het ondiepe stuk van de poel (De natuur van hier – Sandra Krol)

Na enkele weken zagen we de eerste kikkervisjes rondzwemmen. Eerst een paar, toen tientallen, vervolgens honderden en op het laatst misschien wel meer dan duizend kikkervisjes. Een explosie van nieuw leven, naarstig op zoek naar voedsel om zich verder te kunnen ontwikkelen. Omdat er in de poel nauwelijks wat te vinden was, moesten we met een creatieve oplossing komen. De daarop volgende weken hebben we iedere dag twee keer de kikkervisjes gevoerd met visvoer en gedroogde meelwormen.

Een kikkervisje samen met een gemetamorfoseerde kikker (De natuur van hier)
Een kikkervisje samen met een gemetamorfoseerde kikker (De natuur van hier – Mickeal Kurvers)

En met succes. Na verloop van tijd zagen we het eerste mini-bruine kikkertje dat aan land kroop. Geen staart meer, maar twee achterpoten. Geen dikke kop meer, maar een slank hoofd en een lichaam met een kleurenpatroon dat steeds meer lijkt op dat van de adulte kikkers. Iedere dag kwamen er meer kikkers het water uit gesprongen. Een prachtige levenscyclus in de natuur om van zo dichtbij mee te maken.

Een van de eerste bruine kikkers die na de gedaantewisseling het water uitkomt (Sandra  Krol - De natuur van hier)
Een van de eerste bruine kikkers die na de gedaantewisseling het water uitkomt (De natuur van hier – Sandra Krol)

Vogels, vogels en nog eens vogels!

Naast kikkers was er nog een soortgroep die zich volop heeft ontwikkeld de afgelopen maanden in onze natuurtuin: vogels. Waar we bij de eerste blog nog schreven dat er nauwelijks vogels in de ‘natuurtuin’ aanwezig waren, is dit na pakweg acht maanden totaal anders.

Koolmezen, pimpelmezen, vinken, distelvinken, zwarte roodstaarten, eksters, Turkse tortels en houtduiven zijn vaste gasten in de tuin en hebben allen hun eigen plek gevonden. De mussenfamilie die zich vorig jaar nog ophield in het struweel bij de overburen lijkt ook definitief de straat over gestoken te zijn. Daarnaast laten de zwarte kraaien, kauwen, spreeuwen, grote bonte- en groene spechten zich regelmatig zien. Zelfs de buizerd hebben we een paar keer aangetroffen op het dak van de schuur.

Een kakofonie aan geluiden

Er is dan ook regelmatig een kakofonie aan vogelgeluiden te horen in de tuin. Zeker in het voorjaar, wanneer de mannetjes de vrouwtjes proberen te versieren met hun mooiste zang. Door hier goed naar te luisteren en opnames te maken met de Merlin Bird ID app, ontdekten we ook de vogels die zich niet zo snel laten zien.

Grasmus – Sylvia communis

Grasmus (Saxifraga - Mark Zekhuis)
Grasmussen zijn onopvallende vogeltjes, maar de zang is daarentegen wel heel opvallend (Saxifraga – Mark Zekhuis)

Een van die onopvallende vogels is de grasmus. Grasmussen houden zich voornamelijk op in struweel of in de zoomvegetatie aan de rand van een bos. Ze gebruiken vervolgens enkele hogere bomen om hun prachtige zang zo ver mogelijk te laten reiken. Dat is ook het moment dat je ze kunt zien. Je kunt ze herkennen aan de witte keelvlek en de grijsachtige kopkap (vooral bij mannetjes duidelijk zichtbaar). Een ander opvallende kenmerk is de roestoranje vleugel. Hieronder hoor je de grasmus in onze tuin zingen.

Zang grasmus (De natuur van hier)

Kakofonie

Veel vogels in je tuin, betekent in het voorjaar ook veel vogelgeluiden. Naast de prachtige zang van de grasmus lieten nog tientallen vogels in de ochtend- en avonduren hun gezang horen. In onderstaande opname zijn maar liefst twaalf soorten te horen; de merel, zwartkop, vink, boerenzwaluw, grasmus, geelgors, boomkruiper, tjiftjaf, Turkse tortel, distelvink, koolmees en winterkoning!

Zang van diverse vogels (De natuur van hier)

Succesvolle broedsels

Al dat gezang heeft er uiteindelijk ook voor gezorgd dat er paartjes gevormd zijn. Enkele weken later zagen we namelijk meerdere bezette nestjes in onze tuin. De koolmezen hadden een nestkastje gevonden die we hadden opgehangen aan de achterkant van het tuinhuisje. De tortels hadden daarentegen een nest, op een ongemakkelijk uitziende plek, in de grote schuur gevonden. Beide soorten hebben met het eerste legsel van het jaar succesvol twee jongen op de wereld gebracht.

Later werden we nog verrast met enkele juveniele zwarte roodstaarten. Deze hielden zich in de schuur op en hebben daar schijnbaar ook een nestje gehad.

Turkse tortel (De natuur van hier)
De Turkse tortels hadden een succesvol eerste legsel van het jaar (Mickeal Kurvers – De natuur van hier)

Resultaten en planning

Uiteraard hebben we ook dit kwartaal weer de nieuwe soorten bijgehouden. Het vorige totaaloverzicht hebben we herzien en hier wat nieuwe gegevens in gezet. We kijken niet meer naar soorten in en rondom de tuin, maar hebben het enkel nog over soorten in de tuin. Hierbij tellen we bij planten en kleinere dieren enkel de soorten die we daadwerkelijk in de tuin hebben. Bij vogels en zoogdieren rekenen we alle soorten die we vanuit onze tuin kunnen zien. Daarnaast rekenen we uiteraard de plantensoorten die we aangeplant en ingezaaid hebben niet mee.

Soortenoverzicht
Soortenoverzicht natuurtuin 27-06-2023 (De natuur van hier)

In totaal hebben we nu 200 soorten waargenomen. Bij de vorige blog, een kleine vier maanden geleden, waren dit er nog 127. Een mooie stijging dus. Deze 200 soorten zijn verdeeld over 113 verschillende families en zijn ingedeeld in 17 soortgroepen. De twee soortgroepen die we nog steeds het meeste waarnemen zijn vogels en planten. We hebben daarnaast een grafiek toegevoegd die aangeeft hoe vaak we een zeldzaamheid waarnemen. Zoals je ziet is het overgrote deel van de waarnemingen algemeen voorkomend (volgens classificatie waarneming.nl). De data is overigens tot stand gekomen met behulp van de website waarneming.nl.

Planning

De komende periode staan er vooral wat onderhoudsklussen op de planning. Wellicht dat we aan een project beginnen dat iets te maken heeft met een plantenfilter en een stapelmuurtje. Over een kwartaal zullen we de voortgang van onze natuurtuin in ontwikkeling weer delen.

Disclaimer: in deze terugkerende blog spreken we over een natuurtuin. Echter is dit niet een standaard tuin waar de meest mensen aan denken bij het woord tuin. Het grootste deel van het perceel wordt aangeplant met uitsluitend inheemse soorten, die terugkeren in het omliggende landschap. Hier laten we de natuur vervolgens zoveel mogelijk haar gang gaan.

Tips voor het aanleggen van een natuurtuin

Een natuurtuin levert prachtige, magische beelden op

Of je nou een grote of een kleine tuin hebt, je kunt er hoe dan ook een natuurparadijs van maken. Natuurtuinen verschillen van gebruikelijke tuinen, doordat er minder beheer wordt toegepast en er meer ruimte is voor wilde, lokale flora en fauna. In deze blog geven we je de beste tips om van jouw tuin een natuurtuin vol leven te creëren.

Een natuurtuin kenmerkt zich door het gebruik van veelal inheemse soorten en een op den duur extensief beheer. Het is een tuin waar oog is voor biodiversiteit, rommelige hoekjes, plek voor mens en dier en waar een hart is voor flora en fauna.

Een natuurtuin levert prachtige, magische beelden op
Een natuurtuin levert prachtige, magische beelden op

Wat is een natuurtuin?

Het woord zegt het eigenlijk al: een natuurtuin is een tuin met ruimte voor de natuur en haar natuurlijke processen. Met het liefst zo weinig mogelijk ingrijpen. Een natuurtuin kan verschillende formaten hebben en kenmerkt zich door veel groen, verschillende soorten (inheemse) planten en met ruimte voor mens en dier. In deze blog vertellen we je meer over het beheer en de aanleg van een natuurtuin.

Beheer van een natuurtuin

Over het beheer van een natuurtuin kunnen we eigenlijk vrij kort zijn: in het begin is hard werken, daarna wordt je tuin steeds onderhoudsvrijer en tegelijkertijd vergroot je de biodiversiteit. Hieronder lichten we het beheer toe van verschillende onderdelen van een natuurtuin en de keuzes die je daarin kunt maken.


Lees ook: de beste inheemse vaste planten


Gazon of bloemenweide?

Veel mensen streven een keurig gazon na. Dat wil zeggen dat er met regelmaat wordt gemaaid, waardoor het er strak en ‘netjes’ bij ligt. Met een natuurtuin moedigen we je juist aan om de grasmaaier lekker te laten staan. Of in ieder geval minder vaak te pakken. Wanneer je andere soorten de kans geeft om zich te ontwikkelen, zul je zien dat je allerlei kruiden en bloemen in je tuin krijgt. De eerste tijd zal vooral gras domineren, maar door het verschralen van de bodem (op gezette momenten maaien en het maaisel afvoeren) komen de kruiden en bloemen meer op. Maai gefaseerd, zodat niet ineens het leefgebied voor kleine dieren verdwijnt. En maai van binnen naar buiten, zodat dieren kunnen vluchten en niet klem worden gereden.

Madeliefje is een van de soorten die je vaak als een van de eerste ziet opkomen wanneer je je gras een tijdje niet maait
Madeliefje is een van de soorten die je vaak als een van de eerste ziet opkomen wanneer je je gras een tijdje niet maait

Om de natuur een handje te helpen, kun je ervoor kiezen om (een deel van) je tuin in te zaaien met een (inheems) bloemenmengsel. Er zijn veel verschillende soorten. Wat van belang is om op te letten:

  • Kies voor inheemse soorten. Exoten kunnen onze eigen soorten overwoekeren, waar planten, insecten en vogels veel last van kunnen hebben.
  • Let erop dat het zadenmengsel biologisch geproduceerd is. Dan weet je zeker dat er geen gif, pesticiden of andere rommel in zit. Gif in zaden en gewassen heeft invloed op een groot deel van de voedselketen. Vogels eten zo bijvoorbeeld vergiftigde insecten, die op hun beurt gif binnen krijgen door het eten van de planten uit het mengsel.

Mos is ook iets wat veel mensen liever niet in hun tuin zien. Wij pleiten er voor om dit juist lekker te laten staan. Mossen horen uiteraard ook in een ecosysteem. Mos houdt vocht beter vast dan gras, ze zijn een goede basis voor het ontkiemen van vruchten en zaden en er leven talloze insecten in.

Tegelparadijs of groen?

Groen, natuurlijk! De laatste jaren zie je bij veel tuincentra en gemeentes het initiatief ’tegel eruit, plant erin’. Het idee is simpel: vervang een tegel (het liefst meer) door een plant. Het helpt niet alleen insecten en vogels, maar door meer groen in je buurt heb je ook minder last van hitte in de zomer en wateroverlast tijdens hoosbuien. In datzelfde kader is het ook een goed idee om je platte dak om te toveren naar een sedumdak. Ga van tevoren na of je dakconstructie dit aan kan.


Lees ook: poel aanleggen in de tuin


Tegels die je eruit haalt, kun je op een eenvoudige manier hergebruiken. Door de tegels bijvoorbeeld door midden te slaan en te stapelen, kun je een stapelmuur maken voor bijvoorbeeld een border. Duurzaam en ook weer goed voor de biodiversiteit, want er gaan allerlei kleine planten tussen de stenen groeien. Daarnaast zullen insecten, kleine zoogdieren, reptielen en amfibieën hier bijvoorbeeld schuilplekken vinden.

In onze vorige tuin hebben we de stoeptegels uit de voortuin (50 m2) hergebruikt. Door ze door midden te slaan en te stapelen, hebben we twee verhoogde borders gecreëerd. Tussen de kieren kun je zelf planten zetten of afwachten wat er uit zichzelf komt
In onze vorige tuin hebben we de stoeptegels uit de voortuin (50 m2) hergebruikt. Door ze door midden te slaan en te stapelen, hebben we twee verhoogde borders gecreëerd. Tussen de kieren kun je zelf planten zetten of afwachten wat er uit zichzelf komt (De natuur van hier)

Wanneer je toch tegels moet of wil laten liggen in je tuin, kun je ervoor kiezen om het (kleine) onkruid en mos wat er tussen groeit, te laten staan. Dit scheelt jezelf waarschijnlijk veel tijd -en een zere rug- en de natuur is je dankbaar. Gebruik geen bestrijdingsmiddelen om het onkruid weg te halen. Ook schoonmaakazijn kun je beter laten staan. Dat is namelijk ontzettend slecht voor de bodem en het bodemleven. Op de grond kun je bodembedekkers planten, zodat het dichtgroeit en een geheel wordt. Verder kun je ook je definitie van onkruid heroverwegen. Hoe meer planten je als onkruid ziet die verwijderd moeten worden, hoe meer werk je hebt.

Laat het 'onkruid' lekker staan. Het scheelt tijd en het is beter voor de natuur
Laat het ‘onkruid’ lekker staan. Het scheelt je tijd en het is beter voor de natuur

Maak het jezelf makkelijk

… en doe vooral niet teveel. Naast het minder maaien en onkruid laten staan, roepen we je ook op om je tuin niet zo netjes te maken. Laat hoekjes of bepaalde stukken rommelig worden. Je hoeft daar geen bladeren te vegen, oude potten op te ruimen enzovoorts. Kleine zoogdieren en insecten zijn dol op rommelhoekjes. Het biedt ze beschutting en voedsel. Daarnaast ontstaan rommelhoekjes vaak in hoeken waar je zelf niet vaak komt of bezig bent, waardoor dieren er rust hebben. Verwelkte en dode planten geven kleine dieren schuilmogelijkheden voor de winter, dus die kun je laten staan. In het voorjaar knippen en snoeien is vroeg genoeg.

Egels zijn een goed voorbeeld van een soort die veel belang hebben bij rommelhoekjes. Zo kunnen ze in een hoop bladeren hun winterslaap houden
Egels zijn een goed voorbeeld van een soort die veel belang hebben bij rommelhoekjes. Zo kunnen ze in een hoop bladeren hun winterslaap houden

Aanleg van een natuurtuin

Als je bovenstaande informatie over het beheer van een natuurtuin hebt gelezen en het spreekt je aan, kun je gaan nadenken over hoe je je natuurtuin wil aanleggen. In dit hoofdstuk nemen we je mee in de wereld van flora en fauna.

Flora

Wanneer je kiest voor inheemse plantensoorten in je natuurtuin, weet je zeker dat je de biodiversiteit daarmee helpt. Inheemse soorten komen van nature voor in ons land. Exoten kunnen inheemse soorten verdringen, waardoor onder andere het voedselaanbod voor dieren vermindert.

Heb je een grotere tuin? Dan kun je kiezen tussen verschillende typen begroeiing. Wissel af met hoge en lage soorten, zodat er structuur ontstaat. Kies ook voor voldoende verschillende soorten. Het mooist is om in ieder seizoen van het jaar bloeiende planten te hebben. De insecten hebben op die manier jaarrond voedselaanbod.

Braam is een veelzijdige soort. Ze bieden beschutting en voedsel. Bramen worden vaak onterecht als ongewild beschouwd, maar met goed beheer is het een mooie toevoeging in je natuurtuin
Braam is een veelzijdige soort. Ze bieden beschutting en voedsel. Bramen worden vaak onterecht als ongewild beschouwd, maar met goed beheer is het een mooie toevoeging in je natuurtuin

En heb je nou echt een serieus formaat tuin, dan is een voedselbos(je) nog een goed idee. Je kiest dan voor vruchtdragende bomen en planten, zoals een notenboom, fruitboom, bessenstruiken enzovoorts. Vogels, insecten en kleine zoogdieren hebben hier ook belang bij. Mocht je tuin wat kleiner zijn, kun je wellicht wat kleine boompjes of struiken in potten kwijt. In een kleinere tuin kun je ook verticaal tuinieren. Door te kiezen voor inheemse klimplanten als wilde kamperfoelie, klimop en hop zorg je voor een geurende, bloeiende verticale tuin.


Lees ook: de beste inheemse klimplanten


Er zijn veel planten waar bijen en hommels gek op zijn. Ook insecten kunnen helaas wel wat hulp van ons gebruiken. In onze blog over bijen en vlinders vertellen we er meer over en geven we suggesties voor plantensoorten die goed zijn voor insecten.

Je kunt boerenwormkruid aanplanten. Hier maak je allerlei soorten insecten blij mee, waaronder de wormkruidbij.
Je kunt bijvoorbeeld boerenwormkruid aanplanten of laten staan. Hier maak je allerlei soorten insecten blij mee, waaronder de wormkruidbij

Vaak wordt gedacht dat een tuin met veel planten veel onderhoud betekent. Het omgekeerde is waar: hoe meer planten, hoe minder onderhoud. En hoe meer tegels of gazon, hoe meer onderhoud. Wanneer je planten groter worden en meer ruimte innemen, krijgen ongewenste soorten minder licht en daarmee minder kans om te groeien. Heb geduld, geef het tijd en wacht tot het moment komt waarop jouw natuurtuin zichzelf onderhoudt.

Landschapselement: een (gemengde) haag

Door het planten van een (liefst gemengde) haag, bied je vogels en insecten nest- en schuilmogelijkheden. In een gemengde haag kun je ook klimplanten verwerken. Hagen snoei je in een A-vorm, zodat de onderkant van de heg ook licht krijgt om te groeien. Wanneer je niet te vaak snoeit, komen soorten als meidoorn en sleedoorn tot bloei. Zij bloeien al vroeg in het jaar en voorzien insecten daarmee van de eerste broodnodige nectar in het nog koude seizoen. Onder de heg kun je bloembollen planten, die ook al vroeg bloeien. Alles over de aanleg van een gemengde haag lees je hier.

Het snoeien van planten, struiken, hagen en bomen doe je uitsluitend buiten het broedseizoen. Het broedseizoen is van ongeveer 15 maart tot 15 juli. Echter broeden vogels ook voor en na die tijd. Vooraf controleer je of er geen broedsels of jonge dieren aanwezig zijn. Snoei waar het kan gefaseerd, zodat niet ineens het gehele leefgebied van kleine dieren verdwijnt.

Landschapselement: een poel

Niet alleen kleine zoogdieren en insecten zijn blij met een waterplek, maar ook amfibieën zullen erop af komen
Niet alleen kleine zoogdieren en insecten zijn blij met een waterplek, maar ook amfibieën zullen erop af komen

Naast een gemengde haag kun je er ook voor kiezen om een poel aan te leggen. Met het aanbod van water help je de biodiversiteit enorm. Er kunnen kleine zoogdieren, vogels, insecten zoals juffers en libellen en amfibieën op af komen. Sommige soorten enkel om te drinken, andere soorten hebben water nodig om zich voort te planten. Hoe dan ook is het een prachtig gezicht om het leven rondom de poel te kunnen observeren. Je zult verbaasd zijn hoe snel een poel ontdekt wordt. Jeuken je handen al om te beginnen? Lees hier alles over het aanleggen van een poel. En let ook hier op het gebruik van inheemse vijverplanten.

Wij hebben zelf ook een poel aangelegd en ook gekozen voor een gemengde haag en struweel. Je kunt hier de vorderingen van onze natuurtuin volgen.

Fauna

Zoals je in deze blog hebt kunnen lezen, help je veel verschillende diersoorten met een natuurlijkere tuin. In het begin is de tuin nog kaal en heeft het tijd nodig om te groeien. Wil je dieren extra helpen? Hieronder hebben we enkele tips voor je op een rijtje gezet:

  • Hang nestkasten op. Deze kun je (online) kopen, maar je kunt ze ook zelf maken. We hebben een aantal bouwtekeningen voor je om mee aan de slag te gaan. Let op duurzaam hout.
  • Creëer schuilmogelijkheden voor dieren. Dit kunnen nestkasten, egelhuisjes, insectenhotels of simpelweg wat hopen bladeren of een takkenril zijn.
  • Zorg voor waterplekken. Je kunt ergens waterschalen ophangen of neerzetten, maar een vijver of poel zijn ook mogelijkheden. Haal waterschalen in de winter tijdelijk weg, zodat de veren van vogels niet bevriezen wanneer het vriest.

Zelf hebben we twee nestkasten gekocht bij Vivara. Deze is geschikt voor de winterkoning, roodborst, witte kwikstaart en grauwe vliegenvanger. De andere is voor koolmezen, kuifmezen, boomklevers en bonte vliegenvangers. Dit jaar is er weer een nestje koolmezen in groot gebracht!

Wil je nog meer vogels in je tuin krijgen? Lees dan onze blog met tips daarover. De merel is een van de vogels die ook wel jouw helpende hand kan gebruiken.

Elke soort vogel verlangt een ander type nestkast. Nestkasten bieden schuil- en broedmogelijkheden. Klik hier voor onze bouwtekening voor een nestkast voor de spreeuw
Elke soort vogel verlangt een ander type nestkast. Nestkasten bieden schuil- en broedmogelijkheden. Klik hier voor onze bouwtekening voor een nestkast voor de spreeuw

Bouwtekening nestkast spreeuw

Spreeuw

Een goede manier om de natuur, vogels in het bijzonder, een handje te helpen is door het plaatsen van nestkasten. Door de toenemende verstedelijking, kunnen vogels soms lastig een geschikte broedplaats vinden. Nestkasten kunnen hier op een goedkope en efficiënte manier een oplossing voor bieden. Een erg leuke soort om naar je tuin te lokken met een (of het liefst meerdere) nestkast(en) is de spreeuw. Het is een van de meest voorkomende broedvogels in Nederland en een fantastische vogel om naar te kijken. Zeker als ze zich in het najaar in groepen verzamelen en hun prachtige show in de lucht opvoeren. Reden genoeg dus om een nestkast voor de spreeuw op te hangen.

De spreeuw (Sturnus vulgaris)

De spreeuw is een vogel uit de familie van de spreeuwen en de orde van de zangvogels. Deze 19 tot 22 centimeter grote vogel is overwegend zwart gekleurd met een paarsgroene glans in het verenkleed. Ze hebben daarnaast een gespikkeld lichaam. Ze hebben een spitse snavel die in het broedseizoen geel is, maar verder in het jaar donker van kleur. Jonge vogels zijn bruinachtig, met een lichtgekleurde keelstreek.

Spreeuwen leven in groepen. Ze komen voor in grasvelden en tuinen, maar ook in parken in steden. Ze zijn dus breed georiënteerd, en wellicht daarom een van de meest algemene broedvogels in Nederland. Ondanks dat ze het jaarrond in Nederland te zien zijn, zijn het echte trekvogels. In de wintermaanden zijn in Nederland de individuen te zien die het broedseizoen noordelijker hebben.

Spreeuw
Spreeuwen hebben in het broedseizoen een gele snavel. De rest van het jaar is deze donker gekleurd. Hormonen zorgen ervoor dat de snavel in het voorjaar van kleur verandert

Een opvallende vogel

Spreeuwen staan natuurlijk het meest bekend om hun ongeëvenaarde luchtshows. In het najaar verzamelen grote zwermen spreeuwen zich, nabij de slaapplaatsen. Ongeveer een uur voor zonsopgang vliegt de grote zwerm spreeuwen op en voeren een kunstzinnige dans op in de lucht. Een prachtig natuurfenomeen om waar te nemen.

Daarnaast zijn spreeuwen erg goede imitators. Deze eigenschap is bij spreeuwen niet aangeboren, maar wordt wanneer ze jong zijn aangeleerd door de ouders. Onder andere buizerds, spechten en zelfs kikkers en zoogdieren worden tot in perfectie geïmiteerd.

Voedsel en voortplanting

De belangrijkste voedselbron voor spreeuwen zijn insectenlarven. Het zijn echter eigenlijk alleseters. Naast insectenlarven eten ze ook spinnen, sprinkhanen, mieren, kevers en andere soorten insecten. Ze zijn echter het meest dol op emelten en engerlingen die in de graszoden van grasvelden zitten. Met hun spitse snavel pikken ze deze insectenlarven moeiteloos uit het gras. In de wintermaanden, wanneer er minder insecten te vinden zijn, voeden ze zichzelf ook met fruit.


Lees ook: bouwtekening nestkast grauwe vliegenvanger


Doordat spreeuwen zo graag emelten en engerlingen uit het gras plukken, worden ze gezien als natuurlijke bestrijders van deze insectenlarven op sportvelden zoals golfterreinen en voetbalvelden. Emelten en engerlingen kunnen grote schade aanbrengen aan sportvelden omdat ze de grassprieten eten en zo hele sportvelden kaal kunnen vreten. Spreeuwen bieden hiervoor dus een uitkomst. In 2016 deed de KNVB (de nationale voetbalbond) zelfs een oproep, om rondom voetbalvelden meer spreeuwen nestkasten te hangen. Bij een aantal golfterreinen was namelijk bewezen dat dit het aantal emelten en engerlingen in het gras serieus liet dalen. Daarnaast zijn spreeuwen vaak eerder aanwezig dan de kauw en zwarte kraai. Dit is gunstig voor sportveldbeheerders, omdat kraaiachtigen met hun grote snavels schade kunnen aanrichten aan het gras.

Spreeuwen zijn natuurlijke bestrijders van emelten en engerlingen op veel sportvelden
Spreeuwen zijn natuurlijke bestrijders van emelten en engerlingen op veel sportvelden

Voortplanting

Spreeuwen broeden in de periode tussen april en juni. Soms volgt er later in het jaar nog een tweede legsel. Per legsel worden er vier tot zes eieren gelegd. Ze broeden ongeveer twaalf dagen, waarna de jongen uit het ei komen. Na circa 20 dagen vliegen de jongen uit, maar ze worden daarna nog een tijdje bijgevoerd door de ouders. Het mannetje is overigens grotendeels verantwoordelijk voor de bouw van het nest.

Nestkast spreeuw

Het broeden doen spreeuwen graag met meerdere broedparen bij elkaar, ondanks dat het geen echte koloniebroeders zijn. Bomen, kieren en spleten in gebouwen en speciaal gemaakte nestkasten kunnen uitstekende broedplaatsen zijn. Ze broeden graag op hoogte. Broedplaatsen boven de zeven meter hoogte zijn niet uitzonderlijk.

Ondanks dat de spreeuw een van de meest algemene broedvogels in Nederland is, gaan de aantallen de laatste jaren hard achteruit. De intensivering van de landbouw, wat het bodemleven ernstig aantast (en daarmee het voedsel van de spreeuw), is daarvoor de belangrijkste reden. Daarnaast kunnen spreeuwen lastiger geschikte nestlocaties vinden in verstedelijkt gebied. Het plaatsen van nestkasten is daardoor een effectieve maatregel in de bescherming van de spreeuw.

Bouwtekening nestkast spreeuw

De nestkast, en de plaatsing daarvan, moet wel aan een aantal eisen voldoen voordat deze geschikt is. Op onderstaande afbeelding is een bouwtekening zichtbaar voor het maken van een nestkast voor spreeuwen. Hierop staan alle afmetingen, invliegopening en een zaagschema om de nestkast te kunnen maken. Wanneer je de nestkast klaar hebt, kun je deze het beste zo hoog mogelijk, maar minstens 2,5 meter hoog ophangen. Plaats de nestkast op een stevige plek, tegen een grote oude boom of een gevel. Hang wanneer mogelijk twee of drie nestkasten bij elkaar. Zorg dat de invliegopening naar het noorden of oosten gericht is en dat deze vrij toegankelijk is.

Bouwtekening nestkast spreeuw
Bouwtekening nestkast spreeuw (De natuur van hier)

Wij raden aan om als houtsoort beuken-, lariks- of eikenhout, van 15mm dik te gebruiken. Dit is hardhout wat erg duurzaam is en wat lokaal geproduceerd wordt. Let bij het kopen ook op het FSC-keurmerk. Watervast multiplex kan ook gebruikt worden. Onderaan de tekening staat een zaagschema. Als je hout haalt bij de bouwmarkt kan het zijn dat ze een zaagafdeling hebben. Hier kun je soms kosteloos je hout al in de juiste maten laten zagen. Neem je tekening dus mee als je naar de bouwmarkt, het scheelt je wellicht wat zaagwerk!

Gebruik RVS schroeven om het hout mee vast te schroeven. RVS is beter bestand tegen roesten dan verzinkte schroeven, dus beter geschikt om buiten te gebruiken. Bij de bouwmarkt kun je hout en schroeven halen voor je nestkast. Als je nog hout overhoudt, gooi dit dan niet weg! Dit kun je in de toekomst gebruiken om een andere nestkast te maken.

Heb je geen zin om zelf te klussen, maar koop je liever een kant-en-klare kast? Dat kan via deze link (vivara). Deze zijn gemaakt van gerecycled materiaal, met een ademende structuur. Dit zorgt ervoor dat er een beter microklimaat in de kast bereikt wordt, met soms meer en succesvolle legsels tot gevolg.

Nestcamera

Wil je van dichtbij meemaken hoe en wanneer de nestkast gebruikt wordt? Dan kun je een camera in de nestkast plaatsen om alles live te volgen. Wij gebruiken de camera’s van Green Backyard. Deze geeft je eenvoudig via een app live toegang tot de camera. Daarnaast ontvang je een melding wanneer er beweging is in de nestkast en kun je video’s downloaden en opslaan. Ze hebben verschillende types camera’s, wij gebruiken de Longe Range Camera, deze heeft een bereik tot 180 meter! Op onderstaande video zie je een groepje spreeuwen die een torenvalk nestkast onderzoeken (gefilmd met de Longe Range Camera).

Spreeuwen onderzoeken een torenvalk nestkast (De Natuur van hier)

Lees ook: bouwtekening nestkast ringmus


Veelgestelde vragen

Hoe lok je een spreeuw naar je nestkast?

Zorg ervoor dat je nest stevig en hoog in een boom of aan een gevel hangt, het liefst twee of drie bij elkaar. De invliegopening moet vrij zijn en in de omgeving moet een grasveld aanwezig zijn waar ze insectenlarven kunnen vinden.

Hoe maak ik een nestkast voor een spreeuw?

Een nestkast voor een spreeuw maak je het beste van beuken- of eikenhout. De nestkast moet 25x22x30 centimeter groot zijn, met een invliegopening van 4,5 centimeter (diameter). Maak gebruik van bovenstaande bouwtekening, inclusief zaagschema.

Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

De beste inheemse vijverplanten

Vijverplanten inheems

In een natuurlijke tuin mag een vijver niet ontbreken. Vijvers zijn er in allerlei soorten en maten en er zijn eindeloos veel (vijver)planten voor te verkrijgen. Als je echter op zoekt bent naar een vijver vol leven, dan zijn inheemse vijverplanten de planten die je moet hebben. In deze blog laten we zien welke soorten vijverplanten er allemaal zijn en welke inheemse soorten de biodiversiteit in jouw vijver een boost geven!

Inhoudsopgave

Waarom een vijver?

Heb je nog geen vijver? Dan is er een maken zeker het overwegen waard. Een vijver is de blikvanger in je tuin en, zoals gezegd, een bron van leven. Je kunt er vissen in houden, maar het trekt vanzelf al allerlei andere dieren aan. Amfibieën zoals kikkers, padden en salamanders weten heel snel je vijver te vinden. Maar ook insecten, vogels en soms zelfs reptielen worden er door aangetrokken. Ook (kleine) zoogdieren zoals muizen, of zelfs vleermuizen, maken ook dankbaar gebruik van het water. Een bron van biodiversiteit dus!

Water in de tuin zorgt daarnaast voor veel sfeer. Het geluid van kabbelend water op een zomeravond zorgt voor ontspanning en rust. Daarnaast zijn er ontzettend veel mogelijkheden in het aanleggen van een vijver, waardoor er erg creatieve ideeën zijn ontstaan. Dit zorgt ervoor dat iedere vijver uniek is. In deze blog geven we tips voor het aanleggen van een poel of vijver. Dit kun je dus gebruiken als startpunt.

Kikker vijver
Een vijver in de tuin trekt allerlei soorten dieren en planten aan

Welke soorten inheemse vijverplanten zijn er?

Net zoals er vele soorten vijvers zijn, is er ook een legio aan vijverplanten te verkrijgen. Als je voor het eerst voor vijverplanten gaat, kun je door de bomen het bos niet meer zien. Grofweg spreken we van vijf soorten vijverplanten; oeverplanten, moerasplanten, drijvende planten, zuurstofplanten en diepwaterplanten. We zullen deze elk kort bespreken.

Vijverplanten
In een gezonde vijver is er een combinatie te vinden van de vijf verschillende soorten vijverplanten

Oeverplanten

We starten met de oeverbeplanting. Deze groeien, zoals de naam al zegt, op de oever aan de waterkant. Ze groeien in de grond rondom de vijver. Er zijn soorten die van een wat drogere grond houden en soorten die van natte voeten houden. Ze kleden samen de oever van een vijver aan en bloeien vaak met kleurrijke bloemen. Het zijn uitstekende planten om juffers en libellen aan te trekken. Voorbeelden van oeverplanten zijn grote kattenstaart en lissen.


Lees ook: de beste inheemse vaste planten


Moerasplanten

Naast de oeverplanten zijn er nog de moerasplanten die de rand van de vijver aankleden en kleur geven. Deze platen staan in het moerassige gedeelte van de vijver, net onder het wateroppervlak. Vanuit deze beplanting kun je in het voorjaar de kikkers horen kwaken. Voorbeelden van moerasplanten zijn de dotterbloem en het moeras vergeet-me-nietje.

Drijvende planten

De volgende groep zijn de drijvende planten, die aan het wateroppervlak drijven. Drijvende planten zijn onmisbaar voor een vijver omdat ze CO2 binden uit de lucht. Hierdoor zijn ze niet afhankelijk van het CO2 gehalte in het water. Dit kan vooral voor nieuwe vijvers erg nuttig zijn, omdat zuurstofplanten in het begin vaak nog niet genoeg zuurstof produceren omdat er te weinig CO2 aanwezig is in het water.

Let er wel op dat niet meer dan 50% van het wateroppervlak bedekt is met drijvende planten. Te veel drijvende planten kan er voor zorgen dat de vijver in het voorjaar niet snel genoeg opwarmt. Voorbeelden van drijvende planten zijn krabbenscheer en waternoot.

Kikkerbeet (Saxifraga - Rutger Barendse)
Kikkerbeet is een uitstekende inheemse drijvende plant (Saxifraga – Rutger Barendse)

Zuurstofplanten

Absoluut de belangrijkste beplanting in de vijver is die je het minste ziet: de zuurstofplanten. Zuurstofplanten zorgen voor zuurstof in het water, wat noodzakelijk is om organische stoffen af te breken. Zuurstofplanten zorgen ervoor dat de algengroei onderdrukt wordt, waardoor de vijver in balans komt. Voorbeelden van zuurstofplanten zijn waterpest en waterviolier.

Diepwaterplanten

Dan zijn er als laatste nog de diepwaterplanten. Deze planten worden op de bodem van de vijver gezet en vormen bladeren aan het wateroppervlak. Dit zijn hoofdzakelijk de waterlelies. De enige twee inheemse soorten zijn gele plomp en de witte waterlelie.


Lees ook: de beste inheemse klimplanten


Exoten

Kies zoveel mogelijk voor inheemse soorten in je vijver. Dit zorgt enerzijds voor het aantrekken van meer leven naar je tuin, maar kan anderzijds ook ernstige schade voorkomen. Een aantal geïmporteerde (vijver)planten kan zeer veel schade aanbrengen aan de inheems natuur wanneer ze verwilderen. Deze soorten noemen invasieve exoten en zorgen ervoor dat veel inheemse soorten worden bedreigd. Het bekendste voorbeeld hiervan is de grote waternavel, afkomstig uit Noord-Amerika. Plant deze dus absoluut niet in de vijver!

Soorten inheemse vijverplanten

Het best kies je dus voor inheemse soorten. Naast dat ze geen bedreiging vormen (ze komen hier immers van nature voor), zorgen ze ook voor een veel hogere biodiversiteit in, en om je vijver heen. Veel insecten zijn afhankelijk van deze planten, waardoor ze erdoor worden aangetrokken. De insecten gelden op hun beurt weer als belangrijke voedselbron voor andere dieren zoals vogels, reptielen en amfibieën.

Hier geven we enkele van de beste inheemse vijverplanten om toe te passen in je tuin.

Krabbenscheer (Stratiotes aloides)

Krabbenscheer is een drijvende plant die in het najaar op de bodem van de vijver ligt, maar in het voorjaar naar de oppervlakte drijft. De plant zorgt ervoor dat nitraten en fosfaten uit het water worden ontrokken en zuurstof wordt afgegeven. Daarnaast is het een uitstekende plant voor onder andere amfibieën wanneer toegepast in een visvijver. Vissen houden niet van de stekelige bladeren, waardoor amfibieën en andere dieren er een beschutte plek kunnen vinden. Je kunt hier biologisch gekweekte krabbenscheer bestellen bij bol.com.

Krabbenscheer (Saxifraga - Hans Dekker)
Krabbenscheer biedt een uitstekende schuilplek voor amfibieën (Saxifraga – Hans Dekker)

Moerasvergeet-me-nietje (Myosotis scorpioides)

Een goede moerasplant voor in de vijver is het moerasvergeet-me-nietje. Je kunt hem overigens ook op de oever zetten, maar zorg dan dat deze vochtig genoeg komt te staan. Deze klein blijvende plant (tot ongeveer 60 centimeter hoog), krijgt kleine geel met blauwe bloemetjes in de periode mei tot augustus. De bladeren van deze plant zorgen voor een goede kraamkamer voor watersalamanders. Ze zetten in het voorjaar tussen de bladeren vaak hun eieren af. Je kunt Moerasvergeet-me-nietje hier biologisch gekweekt bestellen via bol.com.

Moeras vergeet-me-nietje (Saxifraga - Bart Vastenhouw)
Moeras vergeet-me-nietje is een kleurrijke verschijning aan de rand van de vijver (Saxifraga – Bart Vastenhouw)

Gele plomp (Nuphar lutea)

Een van de twee inheemse waterlelies is de gele plomp. Een uitstekende diepwaterplant voor in de vijver. In het voorjaar komen de grote drijvende bladeren boven drijven, waarna de grote gele bloemen niet veel later zullen volgen. De bloemen drijven niet, maar steken boven het water uit. De grote gele bloemen trekken veel insecten aan. Bestel de gele plomp voor jouw eigen vijver via deze link (bol.com).

Gele plomp
Gele plomp bloeit met prachtige gele bloemen

Aarvederkruid (Myriophyllum spicatium)

Een van de belangrijkste planten in deze lijst. Het aarvederkruid is een fantastische zuurstofplant die niet in je vijver mag ontbreken. Door het constant afgeven van zuurstof aan het water, draagt het aarvederkruid een belangrijke bijdrage aan het bereiken van biologisch evenwicht in de vijver. Daarnaast is het een goede schuilplaats voor kikkervisjes in het voorjaar. Verwar het aarvederkruid niet met het parelvederkruid. Dit is namelijk een exoot en een bedreiging voor inheemse waterflora. Het aarvederkruid is via deze link (bol.com) biologisch te bestellen.

Aaarvederkruid (Saxifraga - Ed Stikvoort)
Aarvederkruid draagt een belangrijke bijdrage aan het bereiken van een biologisch evenwicht in de vijver (Saxifraga – Ed Stikvoort)

Gele lis (Iris pseudacorus)

Een van de andere inheemse vijverplanten die zeker niet mag ontbreken is de gele lis. De gele lis is een oever- en moerasplant. Ze houden in ieder geval van natte voeten en kunnen goed tegen een wisselend waterniveau. De kenmerkende zwaardvormige bladeren en gele bloemen mogen esthetisch gezien niet ontbreken aan de waterkant, maar er is nog een reden waarom deze plant een must-buy is. Het zijn namelijk uitstekende waterfilters en kunnen zelfs zware metalen uit het water filteren (fytoremediatie). Vooral op het gebied van nitraat uit het water filteren levert de gele lis uitstekend werk, waardoor je vijver minder last zal hebben van algengroei. Via deze link is gele lis biologisch te bestellen.

Gele lis (Saxifraga-Marijke Verhagen)
Gele lis mag met zijn uitstekend filterend vermogen niet ontbreken in de vijver (Saxifraga – Marijke Verhagen)

Lees ook: de beste inheemse bijenplanten


Glanzend fonteinkruid (Potamogeton lucens)

Tot slot bespreken we nog een uitstekende zuurstofplant. Glanzend fonteinkruid geeft ontzettend veel zuurstof af aan het water en zorgt ervoor dat algen in toom worden gehouden. De grote stengels en bladeren zorgen daarnaast voor veel schuilmogelijkheden in het water, wat de hoeveelheid micro-organismen in het water ten goede komt. Glanzend fonteinkruid zou tot de basis van iedere vijver moeten behoren.

Glanzend fonteinkruid (Saxifraga-Peter Meininger)
Glanzend fonteinkruid is een uitstekende inheemse zuurstofplant voor in de vijver (Saxifraga – Peter Meininger)

Slot

Met deze inheemse vijverplanten zou er een goede basis moeten liggen voor een gezonde vijver. Iedere vijver heeft, meer of minder, tijd nodig om in balans te komen. Deze vijverplanten zouden dat proces kunnen versnellen.

Naast vijverplanten is het raadzaam in de omgeving ook nog andere beplanting aan te brengen. In deze blog bespreken we vijf kruidachtige planten voor in de tuin, die een mooie toevoeging zouden kunnen zijn. Wil je meer bijen en vlinders in je tuin en rondom de vijver hebben? Lees dan hier verder. Gezamenlijk zal dit zorgen voor een levendige vijver in de tuin!

Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

Natuurtuin in ontwikkeling – deel III

Fazant

Ongeveer gelijktijdig met de start van deze website hebben we een huis kunnen kopen met ongeveer 3500 m2 grond erbij. Ons doel is deze 35 are de komende jaren om te turnen naar een natuurtuin waarbij er ruimte is voor allerlei wilde vogels en andere dieren. De voortgang hiervan houden we bij en delen we in een terugkerende blog met jullie. In deze blog lees je wat er te beleven valt in de tuin in de winter, wat we de afgelopen drie maanden hebben gedaan en wat we verwachten voor het aanstaande voorjaar.

05 maart, 2023

In de vorige blog, die we drie maanden geleden schreven, heb je kunnen lezen dat we flink wat hebben aangeplant. Een gemengde haag, een struweel en veel losse heesters en bomen moeten dit jaar voor veel groen in de tuin gaan zorgen. Nu, aan het einde van de winter, gaan we kijken wat de tuin in ruste nog heeft gedaan en wat ons te wachten staat voor het groeiseizoen dat voor de deur staat.

Winter, maar toch leven te ontdekken

Ondanks dat het winter is en de meeste planten geen blad hebben, zie je dat het struweel en de overige beplanting, die we pas recentelijk aangeplant hebben, al volop gebruikt worden door kleine zangvogels. Ze vliegen van stammetje naar stammetje, druk zoekend naar voedsel. Twee pimpelmezen zijn duidelijk al bezig met het voorjaar. Er is constant een interactie tussen de twee vogels zichtbaar, en ze lijken elkaar gevonden te hebben. Wellicht dat ze eind maart een van onze nestkastjes opzoeken.

Pimpelmees
Pimpelmezen zijn sinds dag één een vaste bezoeker in onze tuin

De natuurtuin wordt volop bezocht door leuke soorten. Op een vroege ochtend kwam ik buiten en zag ik dat onze notenboom dienst deed als slaapplek voor een mannetjesfazant. Fazanten zoeken in de avond een boom op voor de roest (slaap), waar ze veilig zitten voor vossen die ’s nachts op pad zijn.

Maar goed dat de fazant voor zijn slaap een boom op zoekt, want in februari hebben we een vos achter in de tuin waargenomen met onze wildcamera. Net voor middernacht doorkruist de vos onze tuin. Het is tot nog toe bij deze waarneming gebleven.

Vos wildcamera (De natuur van hier)
Een vos vastgelegd met de wildcamera (De natuur van hier)

Bijzondere bezoekers

In januari hoorden we plotseling een knal tegen het raam aan in de woonkamer. Toen we uit het raam keken, zagen we een sperwer bedeesd om zich heen kijken, en maakte haast om in de dichtstbijzijnde boom beschutting te zoeken. Even zat hij met prooi in de boom, waarna hij naar het struweel in het aangrenzende weiland vloog.


Lees ook: tips voor het aanleggen van een natuurtuin


In februari zagen we op een zonnige dag, tegen de schemering aan, tot onze verbazing op zo’n 80 meter afstand een hertachtige staan. We dachten een paar weken eerder een zestal reeën gezien te hebben, op een wat grotere afstand, dus we gingen er vanuit dat dit ook een ree was. Toen we hem wat langer bekeken zagen we dat het geen ree betrof, maar een damhert. Damherten zijn door de Romeinen in ons land geherintroduceerd en zijn wat groter dan een ree, maar kleiner dan een edelhert. Opmerkelijk, omdat de omgeving niet per definitie erg bosrijk is.

Damhert
Het damhert naderde onze tuin tot op zo’n 80 meter (De natuur van hier – Mickeal Kurvers)

Maatregelen

Na de grote aanplant die we in oktober/november hebben gedaan, hebben we deze maanden in de tuin vrij weinig gedaan. We hadden binnenshuis onze prioriteiten liggen, waardoor we geen tijd hadden om in de tuin nog grote dingen aan te pakken. We hebben echter wel een paar kleine aanpassingen gedaan.

Allereerst hebben we een vleermuizenkast gekocht, en deze zo hoog mogelijk tegen de gevel geplaatst. Omdat we eerder in het jaar een paar keer een egel hebben waargenomen, hebben we ook een egelmand geplaatst. Het nieuw aangeplante struweel leek ons hiervoor een goede plek. Deze bevindt zich achter in de tuin, waardoor de egel zo min mogelijk wordt gestoord en de heesters zullen daarnaast ervoor zorgen dat de egel ook om het huis heen bescherming vindt.


Lees ook: gemengde haag aanplanten


Om de mand waterdicht te maken, hebben we hier eerst een laag plastic overheen gemaakt. Deze plastic hebben we afgedekt met bladeren en ten slotte takken om alles op zijn plek te houden en het een natuurlijke uitstraling te geven. Dit geheel zorgt ervoor dat het egelhuis wind- en waterdicht is.

Egelhuis stap 2
In het struweel hebben we een egelmand geplaatst. De mand hebben we afgedekt met plastic, bladeren en takken om deze wind- en waterdicht te maken (De natuur van hier – Mickeal Kurvers)

Ten slotte hebben we nog een nestkast voor kauwen gemaakt en geplaatst. Dit is een erg grote kast, met een invliegopening van maar liefst 12 centimeter in doorsnee. De nestkast hebben we op circa drie meter hoogte, stevig opgehangen in één van de twee notenbomen. Hopelijk zal deze kast in de toekomst bezocht worden door een paartje kauwen, zodat we deze bijzondere vogels van dichtbij kunnen volgen!

kauw nestkast
Een nestkast voor een kauw moet groot en stevig zijn, met een grote invliegopening (De natuur van hier – Mickeal Kurvers)

Resultaten en planning

Ondanks dat het winter is, bijna alles in rust is en we weinig maatregelen hebben getroffen, hebben we toch weer een aantal nieuwe soorten weten waar te nemen. In totaal staat de teller nu op 127 soorten, waarvan er 116 in de tuin en 11 rondom de tuin. Dit zijn er 20 meer dan in de vorige blog. Veruit de meeste soorten die we hebben waargenomen zijn planten en vogels. Onderaan deze blog staat het gebruikelijke soortenoverzicht.

Winterkoning
Het winterkoninkje heeft zich deze winter veelvuldig laten zien (De natuur van hier – Mickeal Kurvers)

Helaas hebben we door tijdsgebrek afgelopen kwartaal niet meer kunnen doen. We zijn voornemens het komende kwartaal wel wat tijd vrij te maken om nog enkele aanpassingen te doen in onze natuurtuin. Een van de dingen die we als eerste willen creëren is een kleine poel. Het aanleggen van een poel is een must voor iedere tuin en zorgt voor een snelle toename van biodiversiteit in je tuin. Deze poel willen we verder aankleden met wat kruidachtige planten en dood hout.

Daarnaast willen we een takkenwal in de tuin aanbrengen. Wanneer er tijd is zullen we hier ook al een begin mee maken. Over ongeveer drie maanden zullen we weer met een update komen over hoe de natuurtuin er dan bij ligt.


Lees ook: hoe plant ik een boom?


Disclaimer: in deze terugkerende blog spreken we over een natuurtuin. Echter is dit niet een standaard tuin waar de meest mensen aan denken bij het woord tuin. Het grootste deel van het perceel wordt aangeplant met uitsluitend inheemse soorten, die terugkeren in het omliggende landschap. Hier laten we de natuur vervolgens zoveel mogelijk haar gang gaan.

Soortenoverzicht
Soortenoverzicht natuurtuin 5-3-2023 (De natuur van hier)

Vijf onmisbare kruiden voor in de tuin of in pot

Kruiden zijn goed voor jezelf en voor de biodiversiteit in je omgeving

De mens gebruikt al duizenden jaren kruiden, voor allerlei verschillende doeleinden. Er zijn tekeningen van kruiden teruggevonden in grotschilderingen, de Romeinen gebruikten kruiden om hun eten langer eetbaar te houden en tijdens de Middeleeuwen legden monniken kruidentuinen aan, waarmee ze de planten bekender maakten en hielpen verspreiden. Nog later, tijdens lange overzeese tochten, haalden we in grote getale de meest exotische kruiden naar Nederland. Tegenwoordig vind je kruiden van over de hele wereld in het kruidenschap bij de plaatselijke supermarkt op de hoek. Welke kruiden zijn nu echt onmisbaar om in eigen tuin te hebben?

Kruiden worden gebruikt om het eten meer smaak te geven, maar ook voor zuiverende en geneeskrachtige gebruiken. We hebben hier een aantal uitgelicht, maar er zijn nog zoveel meer. De kruiden die we hier benoemen, hebben allemaal hun eigen kenmerken. Je kunt ze goed in je eigen tuin of in potten of bakken op je balkon zetten. Vaak spreken we over kruiden en planten, maar eigenlijk komt het erop neer dat kruidachtige planten of kruiden plantensoorten zijn die niet of nauwelijks verhouten.

Je kunt kruiden kopen bij je (lokale) tuincentrum, maar ook online bij Bol.com of Vivara zijn ze te verkrijgen. Kies bij aankoop het liefst voor biologische kruiden, zodat er geen giftige bestrijdingsmiddelen in de omgeving vrijkomen. Helaas wordt er nog altijd veel gif gebruikt.

Inhoudsopgave

Echte kamille (Matricaria chamomilla)

Kamille is vrij makkelijk te herkennen en lijkt enigszins op een madeliefje
Kamille is vrij makkelijk te herkennen en lijkt enigszins op een madeliefje

Kamille is een éénjarige plant. Op het eerste oog lijkt het op een madeliefje, maar de groei van de plant is heel anders. Kamille is ook gekend om haar geur. De geur is sterk en herken je snel na de eerste keer. Van kamille kun je lekkere thee (eigenlijk maak je een aftreksel van het kruid) zetten, die op meerdere gebieden goed voor je is. Kamille werkt namelijk pijnstillend en kun je gebruiken als je last hebt van bijvoorbeeld buikpijn, een opgeblazen gevoel en tandpijn. Ook is het een rustgevende drank om te drinken voor dat je gaat slapen.

Kamille bloeit van juni tot de herfst. Je kunt kamille het beste plukken in de maanden tussen juli en september. Kamille is een inheemse plant, dus wanneer je deze plant, doe je ook gelijk iets goed voor je lokale ecosysteem.

Zaden van echte kamille zijn te bestellen via deze link bij bol.com.


Lees ook: tips voor het aanleggen van een natuurtuin


Echte salie (Salvia officinalis)

Echte salie is een ware bijentrekker, maar ook goed voor jezelf
Echte salie is een ware bijentrekker, maar ook goed om voor jezelf te gebruiken

Deze vaste, vrij winterharde, plant komt oorspronkelijk uit Zuid-Europa, maar kun je inmiddels overal ter wereld tegenkomen. Een echte exoot dus (maar niet voortplantend in de natuur). Salie groeit uit tot een struik van zo’n 80 centimeter. Het bloeit vanaf juni met lange stengels met paarse bloemen, maar je kunt salie ook in andere kleuren kopen. Witte salie is hier een voorbeeld van. Bijen komen in grote getale op de bloei af, waardoor deze plant zeer geschikt is wanneer je je tuin bijvriendelijker wil maken. Dankzij de lange bloei kun je vele maanden van salie genieten.

De bladeren van salie zijn langwerpig en spits. Ze voelen zacht aan en lijken bijna van fluweel gemaakt te zijn. De bladeren geuren sterk en kun je gebruiken voor je thee
De bladeren van salie zijn langwerpig en spits. Ze voelen zacht aan en lijken bijna van fluweel gemaakt te zijn. De bladeren geuren sterk en kun je gebruiken voor je thee

Salie staat ook bekend als een heilig kruid. Je kunt het gebruiken om te desinfecteren en het werkt zuiverend voor de luchtwegen. Wanneer je je mond ermee spoelt, helpt het tegen ontstekingen aan je tandvlees en in je keel. Je kunt de bladeren van salie het beste plukken in de maand mei, voor de eerste bloei. De geplukte salie laat je eerst drogen, voordat je het gebruikt. Salie kun je als kruid in de keuken gebruiken, maar je kunt er ook thee van maken.

Biologische zaden van echte salie bestel je via deze link bij bol.com.

Duizendblad (Achillea millefolium)

Duizendblad bloeit wit tot lichtroze, waar je de hele zomer en nazomer van kunt genieten
Duizendblad bloeit wit tot lichtroze, waar je de hele zomer en nazomer van kunt genieten

Laten we eerst de Latijnse naam eens ontleden, want die bestaat uit twee verschillende delen. Achillea komt van Achilles, een Romeinse krijgsheer (die ken je vast ook wel van ‘achilleshiel’). Hij nam tijdens de krijgstochten duizendblad mee om de wonden te verzorgen. Millefolium duidt aan dat de bladeren van dit kruid dubbel veerdelig zijn. Het lijkt daarom net alsof de plant allemaal kleine blaadjes heeft.

Als we dan toch met namen bezig zijn, is het ook nog interessant om de Engelse naam uit te leggen. In het Engels heet duizendblad ook wel nosebleed. Dit komt van de bloedingstimulerende werking van duizendblad. Je kunt er dus ‘spontaan’ een bloedneus van krijgen. Vanwege dit effect van duizendblad moet je er niet te veel van gebruiken.

De bladeren van duizendblad hebben de vorm van een veer, waardoor het allemaal kleine blaadjes lijken. De bladeren zijn vaak al vroeg in het jaar te zien, als rozetten nog plat op de grond. Later groeit de plant uit tot zo'n 50 centimeter
De bladeren van duizendblad hebben de vorm van een veer, waardoor het allemaal kleine blaadjes lijken. De bladeren zijn vaak al vroeg in het jaar te zien, als rozetten nog plat op de grond. Later groeit de plant uit tot zo’n 50 centimeter

Duizendblad is een hele makkelijke plant, die vrijwel overal goed gedijt. Je kunt hem dus op veel verschillende plekken tegenkomen. Het is een vaste en inheemse plant. Dus ook hier geldt: goed voor de lokale natuur.

Ook deze plant kent, net als vele andere kruidachtige planten, een lange geschiedenis. Zo werd duizendblad een tijd gebruikt met het bierbrouwen, voordat de mens een andere plant, hop, ontdekte en ging gebruiken. Overigens wordt hop tegenwoordig nog altijd gebruikt. Maar duizendblad stond ook op het menu met het eten. Je kunt de bladeren van duizendblad op dezelfde manier klaarmaken als spinazie. Ook kun je het gebruiken in soep.

Je kunt ook thee maken van duizendblad. Deze thee is goed voor vocht afdrijven en helpt kalmerend tegen buikpijn en darmkrampen. Ook heeft duizendblad een ontstekingsremmende werking. In duizendblad zitten veel vitaminen, mineralen en flavonoïden. Flavonoïden zijn stoffen die in planten (en in groente en fruit, maar ook bepaalde noten en chocola) zitten. Deze stoffen zorgen voor de kleur van de plant, maar ook voor antioxidanten. Daarom is het goed voor je immuunsysteem.

Duizendblad kun je herkennen aan de bloeiende schermbloemen, die weer bestaan uit allerlei kleine bloemetjes
Duizendblad kun je herkennen aan de bloeiende schermbloemen, die weer bestaan uit allerlei kleine bloemetjes

Duizendblad kun je herkennen aan de witte bloei, met schermbloemen. De kleur kan ook richting roze variëren. In tuincentra kun je nog meer kleuren kopen. De plant bloeit van juni tot en met september, maar met de steeds zachtere herfst en winters wordt de bloeitijd langer. Zo stond duizendblad tot in december in onze tuin in bloei. Oogsten doe je in de bloeitijd. Laat de geoogste delen van het kruid op een donkere, koele plek drogen. De geur van duizendblad is heel eigen en moeilijk te vergelijken met een andere geur. Ruik er maar eens aan, als je het tegenkomt of in je tuin hebt staan.

Duizendblad is volgens bijgaande links biologisch gekweekt te bestellen bij Vivara. Via deze link bestel je wit duizendblad, via deze link bestel je geel duizendblad.


Lees ook: de beste inheemse klimplanten


Grote brandnetel (Urtica dioica)

Brandnetel heeft vele werkzaamheden en zou je op een bepaalde plek in je tuin een plek kunnen geven
Brandnetel heeft vele werkzaamheden en zou je een plek in je kunnen geven (De natuur van hier – Sandra Krol)

Een plant die je misschien niet gelijk zou verwachten, omdat deze plant door veel mensen als vervelend onkruid wordt beschouwd. Maar de brandnetel heeft, net als alle levende organismen in een ecosysteemdienst, vele functies. Voor jou, maar ook voor de natuur om hem heen. Deze inheemse plant, heeft als bekendste kenmerk de brandharen, die zorgen voor het prikkende gevoel als je de stengel of de bovenkant en randen van het blad aanraakt. Gevolg: je krijgt jeuk.

De bloemen hangen als een soort hangende trosjes naar beneden. Na het bloeien zaait deze plant zich makkelijk uit, een van de redenen waarom je hem in grote getale kunt aantreffen. De plant bloeit van mei tot in november en tijdens deze periode kun je de brandnetel ook oogsten. De toppen en wortel kun je gebruiken om er thee van te maken. De jonge bladeren kun je drogen of gebruiken in de keuken. Grote brandnetel is een meerjarige plant. De plant heeft een felle, groene kleur.

Grote brandnetel bloeit met bloemen die naar beneden hangen. Ze zaaien zichzelf makkelijk uit (Saxifraga - Ed Strikvoort)
Grote brandnetel bloeit met bloemen die naar beneden hangen. Ze zaaien zichzelf makkelijk uit (Saxifraga – Ed Strikvoort)

Brandnetel kun je verwerken in soep en thee voor inwendig gebruik, maar je kunt brandnetel ook gebruiken voor uitwendig gebruik, bij bijvoorbeeld een vette huid, eczeem, acne en zweren. Doordat je de bladeren van de plant kookt of droogt, prikken de brandharen niet meer. Wanneer je soep of een aftreksel van brandnetel eet of drinkt, kan dit je helpen met de spijsvertering, het oplossen van slijm in je luchtwegen en is goed voor je bloed. Brandnetel werkt ontstekingsremmend, omdat het vol zit met vitamines en mineralen. Een ander gebruik van brandnetel is het verwerken tot vezels. Deze kun je gebruiken om er kleding van te maken, een duurzaam alternatief voor bijvoorbeeld katoen.

Verder is brandnetel ook belangrijk voor andere soorten. Het is bijvoorbeeld een waardplant van vele vlindersoorten, zoals de atalanta en kleine vos. Deze interactie noemen we een symbiose (de vlinders vinden voedsel en verspreiden daarnaast stuifmeel voor de brandnetel). Dieren hebben onder andere door hun vacht geen last van de brandharen. Door het hoge stikstofgehalte eten herbivoren graag brandnetels. Dit is namelijk goed voor hun fysieke ontwikkeling en overleving.

Brandnetel is een plant die erg kan gaan woekeren wanneer je grond voedselrijk is (hij neemt stikstof op uit de grond) en door zijn wortelstokken. Het is misschien ongebruikelijk, maar je kunt brandnetel ook goed in een pot zetten. Brandnetel is een sterke plant, die rustig terugkomt na snoeien en/of uittrekken. Als je de goede kanten van deze plant kunt waarderen, zul je hem vast als minder vervelend ervaren in je tuin.


Lees ook: de beste inheemse vijverplanten


Citroenmelisse (Melissa officinalis)

Citroenmelisse smaakt en ruikt naar citroen en kun je goed gebruiken om thee van te maken
Citroenmelisse smaakt en ruikt naar citroen en kun je goed gebruiken om thee van te maken

Dit is een vaste plant die, de naam verraadt het al, naar citroen ruikt en smaakt. Citroenmelisse is geen inheemse plant, maar groeit vooral in het zuiden van Europa. Hij kan wel goed overwinteren in Nederland, dus je kunt hem prima in de tuin hebben. Citroenmelisse is dus ook een exoot. Let er wel op dat deze plant vrij makkelijk kan woekeren, omdat zijn wortelstokken lange uitlopers onder de grond blijven maken. Citroenmelisse is makkelijk bij te houden. Na de bloei kun je hem vrij kort knippen, waarna hij opnieuw zal gaan groeien.

Deze plant bloeit onopvallend, in de periode juni tot in september. Tijdens de bloei verschijnen er kleine, witte bloemetjes aan de basis van het blad. Deze bloemetjes worden dankbaar bezocht door onder andere bijen, want er zit veel nectar in. Muggen en katten houden er daarentegen helemaal niet van. Kort voordat citroenmelisse gaat bloeien, kun je delen afsnijden en de bladeren drogen. De bladeren zijn dan frisser dan na de bloei. Die kun je vervolgens gebruiken om er thee van te maken. De bladeren van citroenmelisse zijn ook lekker in onder andere soepen, sauzen en salades.

Ook citroenmelisse heeft geneeskrachtige werkingen. Het is goed tegen slapeloosheid, migraine, spanningen en nervositeit. Ideaal om in je tuin te hebben dus.

Citroenmelisse bestel je via deze link biologisch gekweekt bij Vivara. Met je aankoop draag je ook nog eens bij aan diverse natuurherstelprojecten doorheen heel Europa!

Kortom, deze vijf kruidachtige planten zijn een leuke aanvulling aan je tuin of balkon. De meeste kennen een rijkelijke bloei en zijn vaak goed voor bijen en andere insecten (lees hier voor meer tips voor bijen in je tuin). Ten slotte hebben ze ook allemaal nog meerdere toepassingen. Om thee van te zetten, als kruid in de keuken te gebruiken, of als medicijn te gebruiken. Genoeg redenen dus om een plekje in je tuin of op je balkon te geven!

Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

Bouwtekening nestkast boomkruiper

Gewone boomkruiper

Een goede manier om de natuur, vogels in het bijzonder, een handje te helpen is door het plaatsen van nestkasten. Door de toenemende verstedelijking, kunnen vogels soms lastig een geschikte broedplaats vinden. Nestkasten kunnen hier op een goedkope en efficiënte manier een oplossing voor bieden. Als je het geluk hebt één, of meerdere, volwassen bomen in je tuin te hebben, dan kan het interessant zijn om een nestkast voor een boomkruiper op te hangen. Deze nieuwsgierige, kleine vogels zijn een genot om naar te kijken, wanneer ze druk speurend langs de stam van een boom af hoppen, op zoek naar insecten.  

De gewone boomkruiper (Certhia brachydactyla)

Boomkruiper
De boomkruiper is goed te herkennen aan zijn omlaag gebogen snavel, overwegend bruine kleur met witte buik

De gewone boomkruiper, of kortweg boomkruiper, is een kleine zangvogel van maximaal twaalf centimeter groot, die behoort tot de familie echte boomkruipers. De boomkruiper komt algemeen voor in Nederland. Naast de gewone boomkruiper komen er nog twee andere boomkruipers voor in Nederland, de kortsnavelboomkruiper en taigaboomkruiper. Deze zijn echter veel zeldzamer en komen meer geconcentreerd voor in Nederland.   

De gewone boomkruiper is een klein blijvende soort met een overwegend bruinachtige kleur, een witte buik en een lichte wenkbrauwstreep. Ze hebben een kenmerkende, omlaag gebogen snavel waarmee ze insecten onder de bast van een boomstam vandaan krijgen. Ze hebben een relatief lange staart die ze gebruiken om evenwicht te houden wanneer ze over de boom hoppen en welke helpt bij het afzetten bij het vliegen.  

Boomkruipers zijn echte standvogels, wat betekent dat ze het hele jaar door in ons land verblijven. Ze broeden met grote aantallen in ons land, maar ook in de meeste andere delen van Europa. 

Voedsel en voortplanting

Boomkruipers danken hun naam aan de manier waarop ze naar voedsel zoeken. Wanneer ze opzoek gaan naar voedsel, landen ze onderaan de stam van een boom. Deze ‘kruipen’ ze spiraalsgewijs omhoog en zoeken dan driftig naar spinnen, insecten en insectenlarven die zich schuilhouden onder de bast van de boomstam.


Lees ook: bouwtekening nestkast bosuil


In tegenstelling tot de boomklever, die ook voornamelijk op de stam van bomen leeft, kruipt de boomkruiper de stam enkel omhoog en niet omlaag. Wanneer de boomkruiper de bovenkant van de boomstam nadert, vliegt hij naar een andere boom in de buurt en land daar onderaan de stam, om vervolgens weer langzaam omhoog te kruipen, zoekend naar insecten onder de bast.

Boomkruiper vlieg
Boomkruipers zoeken op de stammen van oude bomen naar insecten

Voortplanting

In april, mei of juni worden de eieren gelegd door de boomkruipers. Soms vindt er later in het jaar nog een tweede legsel plaats. Er worden gemiddeld vijf tot zeven eieren per legsel gelegd. De eieren zijn wit van kleur met roze stippen, voornamelijk op het uiteinde van het ei. De eieren worden gelegd in een nest dat de vogels gemaakt hebben in boomholten, tussen stukken bast van de stam, of in speciaal gemaakte nestkasten. Als deze nestkasten op een juiste manier gemaakt en opgehangen worden, wordt hier door de kleine boomkruipers dankbaar gebruik van gemaakt. Verderop in deze blog vertellen we hoe je een perfecte nestkast maakt voor de boomkruipers in jouw tuin.

Nadat de eieren gelegd zijn, wordt er zo’n achttien dagen gebroed door het vrouwtje, voordat de eieren uitkomen. Drie weken lang worden de juveniele boomkruipers gevoed door de ouders. Hierna zijn ze klaar om het nest uit te vliegen. Na het uitvliegen keren de juvenielen nog een aantal keren ’s nachts naar het nest terug, om de nacht hier samen met de ouders door te brengen.

Nestkast boomkruiper

Boomkruipers stellen niet veel eisen aan de plek waar ze broeden. Zoals gezegd doen (nauwe) boomstamholtes en stukken los zittende bast dienst als nestlocaties. Daarnaast maken ze ook dankbaar gebruik van nestkasten. Maar als ze niet veel eisen stellen aan de nestplaats, waarom zouden we dan moeite doen om speciaal gemaakte nestkasten op te hangen, zou je denken? Een nestkast zorgt voor een duurzame plek om meerdere jaren te broeden en kan daarnaast meer bescherming bieden tegen predatoren (bijvoorbeeld marterachtigen en de grote bonte specht) dan een stukje los zittende bast. Het plaatsen van nestkasten kan dus bijdragen aan een hogere slagingskans van het groot brengen van de juveniele boomkruipers.

Grote bonte specht

Predatoren zoals de grote bonte specht vormen een bedreiging voor de pasgeboren boomkruipers. Een nestkast kan bescherming bieden

Plaatsen nestkast

Als je hieronder de bouwtekening van de nestkast voor een boomkruiper ziet, zul je opmerken dat deze nestkast er anders uit ziet dan de meeste nestkasten. Dit heeft te maken met de levenswijze van deze kleine vogels. Omdat ze veel tijd op boomstammen doorbrengen, moeten we de nestkast, en de plaatsing daarvan, hier ook op aanpassen. Het is dus overbodig om te zeggen dat je de nestkast van een boomkruiper tegen een boomstam plaatst.

Kies een wat oudere, stevige en dikke boom uit. Ideaal is het als je op de boom al een keer een boomkruiper hebt zien kruipen, maar dit hoeft natuurlijk niet. Gezien de algemene verspreiding van de boomkruiper in Nederland heb je een goede kans dat er vanzelf een boomkruiper jouw nestkast vindt. Hang de kast stevig op en minstens twee meter boven de grond. Dit zorgt ervoor dat deze minder toegankelijk is voor bepaalde roofdieren, zoals katten. Zorg er tenslotte voor dat de opening (die bevindt zich aan de zijkant van de kast) makkelijk toegankelijk is vanaf de boomstam.


Lees ook: bouwtekening nestkast grauwe vliegenvanger


Bouwtekening nestkast

Hieronder vind je de gratis bouwtekening voor een nestkast voor de boomkruiper. Wij raden aan om als houtsoort beuken-, lariks- of eikenhout, van 15mm dik te gebruiken. Dit is hardhout wat erg duurzaam is en wat lokaal geproduceerd wordt. Watervast multiplex kan ook gebruikt worden. Let hierbij op het FSC-keurmerk, zodat je weet dat je hout koopt uit goed beheerde bossen. Onderaan de tekening staat een zaagschema. Als je hout haalt bij de bouwmarkt kan het zijn dat ze een zaagafdeling hebben. Hier kun je soms kosteloos je hout al in de juiste maten laten zagen. Neem je tekening dus mee als je naar de bouwmarkt gaat!

Gebruik RVS schroeven om het hout mee vast te schroeven. RVS is beter bestand tegen roesten dan verzinkte schroeven, dus geschikter om buiten te gebruiken. Bij de bouwmarkt kun je hout en schroeven halen voor je nestkast. Als je nog hout overhoudt, gooi dit dan niet weg! Dit kun je in de toekomst gebruiken om er een andere nestkast mee te maken.Heb je geen zin om zelf te gaan klussen maar wil je wel graag een nestkastje ophangen? Bestel dan een kant-en-klare nestkast voor je tuin (bol.com).

Bouwtekening nestkast boomkruiper
Bouwtekening nestkast boomkruiper

Veel gestelde vragen

Hoe krijg ik een boomkruiper in mijn tuin?

Boomkruipers zijn afhankelijk van bomen. Zorg er dus voor dat je meerder (half)volwassen bomen in je tuin hebt, die redelijk in de buurt van elkaar staan. Dit zorgt ervoor dat de boomkruiper voedsel kan vinden in je tuin, waardoor je tuin aantrekkelijk wordt als leefgebied.

Hoe maak ik een nestkast voor een boomkruiper?

Een nestkast voor een boomkruiper kun je maken van beuken-, lariks-. of eikenhout. Watervast multiplex is ook geschikt. Let op het FSC-keurmerk. De nestkast is ongeveer 36x14cm groot, met de invliegopening aan de zijkant. Zie de bouwtekening in dit artikel.

Hoe plaats ik een nestkast voor een boomkruiper?

Hang de nestkast op een rustige plek, tegen een oude stevige boom. Zorg dat de invliegopening vrij is, en de kast minimaal twee meter boven de grond hangt. Zorg dat er geen spechtenholen of -nestkasten in de buurt zijn.

Bouwtekening nestkast torenvalk

Torenvalk

Een goede manier om de natuur, in het bijzonder de vogels, een handje te helpen is door het plaatsen van nestkasten. Als je een wat grotere tuin hebt, kan het interessant zijn een nestkast voor een torenvalk te plaatsen. Ondanks dat het een van de kleinere roofvogels is die we in Nederland kennen, is het absoluut een pracht om deze dieren van dichtbij te kunnen observeren. En wat is er nou gaver dan een torenvalk met juvenielen in je tuin? In deze blog delen we onze bouwtekening van een nestkast voor de torenvalk met je, zodat je zelf aan de slag kunt gaan.

De torenvalk (Falco tinnunculus)

Torenvalk
De torenvalk is een van de kleinere roofvogelsoorten in ons land

De torenvalk was lange tijd de meest voorkomende roofvogel in ons land, maar moet deze titel tegenwoordig laten aan de buizerd. Gelukkig is de soort tegenwoordig nog steeds een zeer algemene vogel in het open veld. Als broedvogels is deze echter vrij schaars. De torenvalk wordt gerekend tot de kleinere roofvogels in ons land en bereikt een lichaamslengte van 30-38 centimeter. De spanwijdte is 65-80 centimeter.

Torenvalken zijn goed te herkennen aan de roodbruine rug die zowel mannetjes als vrouwtjes in alle kleden hebben. Ze hebben een lange blauwgrijze staart met een zwarte eindband. Het mannetje is van het vrouwtje te onderscheiden door te kijken naar de kop. Deze is bij het mannetje grijsblauw gekleurd, net zoals de staart. Het vrouwtje heeft een bruine kop.

Geluid torenvalk (Xeno canto – SonoNatura)
Torenvalk man
Het mannetje van de torenvalk heeft een opvallend blauwgrijze kop

De belangrijkste eisen die torenvalken stellen aan hun leefgebied, is dat het een open karakter moet hebben en een goede (woel)muizenpopulatie. Hier broeden ze in solitaire bomen of maken ze dankbaar gebruik van geplaatste nestkasten.


Lees ook: bouwtekening nestkast kauw


Torenvalk met ekster en kauw (de Natuur van hier)

Voedsel

Zoals hierboven genoemd, zijn torenvalken op zoek naar gebieden met een hoge populatie muizen. En dan het liefst woelmuizen. Het gros van het dieet bestaat dan ook uit woelmuizen, zoals de veldmuis en Noordse woelmuis. Er werd altijd gesteld dat torenvalken in staat zijn het UV-licht in de urinesporen van muizen te zien. Recent onderzoek heeft echter aangetoond dat het oplichten van muizenurine door UV-licht zo minimaal is dat deze theorie niet helemaal waar blijkt te zijn. Het blijft echter bewonderenswaardig hoe torenvalken van zo een hoge afstand dergelijke kleine muizen in het grasland kunnen opsporen en vangen. Al biddend (zwevend in de lucht op één plek) zoekt de torenvalk naar muizen. Zodra deze er een gezien heeft, duikt hij met hoge snelheid erop af en grijpt de prooi zodra deze binnen handbereik is.

Naast muizen jaagt de torenvalk ook op duiven en zangvogels. Daarnaast pakt het soms nog grote insecten, zoals sprinkhanen.

Torenvalk biddend
Torenvalk biddend in de lucht, op zoek naar woelmuizen in het open veld

Voortplanting

Torenvalken bouwen zelf geen nesten en zijn dus des te meer gebaat bij het plaatsen van nestkasten door ons, de mens. Als je dus zelf een nestkast voor een torenvalk bouwt en plaatst, weet je dus zeker dat je iets goeds doet voor de natuur. Naast door mens gemaakte nestkasten maken ze soms ook gebruik van oude kraaiennesten en nissen van gebouwen.

Ze zijn geslachtsrijp na zo’n tien maanden en leggen dan vrijwel altijd één legsel per jaar, meestal rond april/juni. Dit legsel bestaat uit vier tot zes wit tot geelachtige eieren met rode spikkels. Deze komen na ongeveer een maand uit. De jongen vliegen na ongeveer een maand uit, maar blijven dan wel nog een tijd bij de ouders.

Nestkast torenvalk

Gezien het feit dat de torenvalken zelf geen nesten bouwen, zullen ze dankbaar gebruik maken van een nestkast. Er zijn wel een paar dingen waar over nagedacht moet worden, voordat je zo’n nestkast bouwt en plaatst. Onderaan deze blog vind je een gratis bouwtekening. Hierop staan de afmetingen en een zaagschema, zodat je precies ziet hoe je moet zagen en hoeveel hout je in huis moet halen.

Torenvalk kuikens
Jonge torenvalkjes verkennen de omgeving vanuit de nestkast

Plaatsen nestkast

Nadat je de nestkast gemaakt hebt, is het tijd om deze te plaatsen. Houd hiervoor rekening met een paar zaken. Zorg dat de nestkast is een open veld geplaatst wordt, bijvoorbeeld een weiland, akker of braakliggend stuk. Plaats de nestkast met de invliegopening richting het zuidoosten. Het beste plaats je de kast in een stevige solitaire boom, op circa vier meter hoogte met een goede invlieg mogelijkheid. Geen boom in de buurt? Dan kun je er nog voor kiezen om de kast op een paal te bevestigen die stevig in de grond staat. Maak de nestkast jaarlijks schoon.

Bezoek

Niet alleen torenvalken kunnen gebruik maken van je pas geplaatste nestkast. Ook kauwen en holenduiven maken graag gebruik van dergelijke halfopen nestkasten. Ook deze soorten zijn prachtig om te volgen als ze in je nestkast gaan broeden!


Lees ook: bouwtekening nestkast boomkruiper


Bouwtekening nestkast

Tot slot nog de bouwtekening. Wij raden aan om als houtsoort beuken-, lariks-, of eikenhout van minimaal 15 millimeter dik te gebruiken. Dit is hardhout dat erg duurzaam is en dat lokaal geproduceerd wordt. Let bij het kopen op het FSC-keurmerk. Watervast multiplex kan ook gebruikt worden. De bouwtekening is voorzien van een zaagschema. Neem deze mee naar de bouwmarkt, vaak kunnen ze de planken meteen op maat zagen.

Gebruik RVS schroeven om het hout mee vast te schroeven. RVS is beter bestand tegen roesten dan verzinkte schroeven, dus beter geschikt om buiten te gebruiken. Eventueel kun je het dak afwerken met dakleer. Als bedding kun je houtsnippers of houtkrullen gebruiken.

Heb je geen zin om zelf te gaan klussen, maar wil je wel graag een nestkastje ophangen? Bestel dan een kant-en-klare nestkast. Via deze link (vivara) is een nestkast voor torenvalken te bestellen.

Bouwtekening nestkast torenvalk (de Natuur van hier)
Bouwtekening nestkast torenvalk (de Natuur van hier) *Dit is een nieuwe versie van de bouwtekening. Wil je graag nog de oude tekening ontvangen? Stuur dan even een mail naar info@denatuurvanhier.nl.

Nestcamera

Wil je van dichtbij meemaken hoe en wanneer de nestkast gebruikt wordt? Dan kun je een camera in de nestkast plaatsen om alles live te volgen. Wij gebruiken de camera’s van Green Backyard. Deze geeft je eenvoudig via een app live toegang tot de camera. Daarnaast ontvang je een melding wanneer er beweging is in de nestkast en kun je video’s downloaden en opslaan. Ze hebben verschillende types camera’s, wij gebruiken de Longe Range Camera, deze heeft een bereik tot 180 meter! Op onderstaande video zie je een groepje spreeuwen die een torenvalk nestkast onderzoeken (gefilmd met de Longe Range Camera).

Veelgestelde vragen

Hoe lok je een torenvalk naar je nestkast?

Zorg dat je de nestkast in een open gebied, bijvoorbeeld een weiland of akker, plaatst, met het liefst een grote muizenpopulatie. Het liefst in de buurt van een houtwal, dan is de kans op voldoende muizen het grootst.

Hoe maak ik een nestkast voor een torenvalk?

Een nestkast voor een torenvalk maak je het beste van beuken- of eikenhout. De kast moet 50x55x35cm groot zijn, met een grote invliegopening. Maak gebruik van bovenstaande bouwtekening, inclusief zaagschema.

Hoe plaats ik een nestkast voor een torenvalk?

De torenvalk nestkast plaats je het beste in een solitaire boom of op een houten paal in een open stuk, met de invliegopening naar het zuidoosten gericht. Zorg dat de nestkast stevig hangt en waterdicht is. Plaats de nestkast op zo’n vier meter hoogte.

Niets meer missen? Volg ons op onze socials!

Gemengde haag aanplanten

Huismussen haag

Een goed idee voor meer groen en een hogere biodiversiteit in je tuin, is het aanplanten van een haag. Een nog beter idee is het aanplanten van een gemengde haag. Een gemengde haag bestaat uit meerdere soorten haagplanten, wat ervoor zorgt dat er meer dieren op af komen. Daarnaast bloeien de haagplanten op andere momenten, waardoor je dus langer een bloeiende tuin hebt. In deze blog lees je alles wat je moet weten om zelf een gemengde haag vol leven aan te planten.

Gemengde haag (Saxifraga - Hans Boll)
Een gemengde haag is een schat aan biodiversiteit (Saxifraga – Hans Boll)

Geschikte soorten gemengde haag

Bij een haag denken de meeste mensen aan de bekende haagplanten zoals beuk, meidoorn, laurier en liguster. Maar voor een haag kun je tal van soorten gebruiken. De meeste hagen die we zien zijn eendimensionaal en bestaan uitsluitend uit haagplanten, maar kies er eens voor een driedimensionale haag aan te planten. In zo’n haag gebruik je naast haagplanten ook klimplanten, bloembollen en bodembedekkers. We zullen in deze blog de soorten kort uitlichten die we zelf gebruikt hebben. Tot slot zullen we nog een aantal soorten noemen die ook geschikt zijn en geven we handige tips voor bij de aanplant.


Lees ook: waar is biodiversiteit goed voor?


Haagplanten

De basis van je gemengde haag wordt gevormd door haagplanten. Deze laten zich gemakkelijk snoeien en zorgen voor een stevig, dicht geraamte. Zorg er dus voor dat het grootste gedeelte van je haag uit haagplanten bestaat. Er zijn talloze haagplanten te gebruiken. Wij hebben ervoor gekozen vijf soorten te combineren.

Wilde roos – Rosa rubignosa

Wilde roos
Als de wilde roos niet jaarlijks gesnoeid wordt bloeit deze in de zomer met prachtige bloemen (Saxifraga – Willem van Kruijsbergen)

De wilde roos, ook wel de egelantier genoemd, is een struik die in de Nederlandse natuur één tot drie meter hoog kan worden. De soort laat zich goed snoeien, waardoor deze zich uitstekend leent als haagplant. In de zomer krijgt de egelantier prachtige bloemen en in het najaar verschijnen de rozenbottels, die geliefd zijn bij merels, zanglijsters en koperwieken.


Lees ook: 10 bijzondere trekvogels


Beuk – Fagus sylvatica

De beuk is een veel toegepaste haagplant in Nederland. De beuk heeft gedurende het jaar fris groen blad en het grootste verschil met de beukenhaag (Carpinus betulus) is dat de beuk zijn dorre bladeren vasthoudt gedurende de winter en ze dan pas laat vallen. Dit heeft als voordeel dat de beuk enigszins wintergroen is. De beuk is ook in een rode variant te krijgen (Fagus sylvatica ‘Atropunicea’).

Eenstijlige meidoorn – Crataegus monogyna

Een andere inheemse heester die perfect gebruikt kan worden als haag is de meidoorn. Deze heester behoort tot de rozenfamilie, wat te zien is aan de doorns op de takken. Vroeger werd deze soort ook veelvuldig toegepast tussen weilanden, als veekering. De meidoorn heeft in april en mei prachtige witte bloemen en later vormen er eetbare bessen aan de haagplant. Het feit dat de meidoorn doorns heeft (bescherming) en in het najaar bessen (voedsel), maakt dit een geliefde haagplant bij vogels. Onder andere merels, geelgorzen en kramsvogels komen de meidoorn graag bezoeken. Een soort die wat ons betreft niet mag missen in een gemengde haag.

Wilde kardinaalsmuts – Euonymus europaeus

Wilde kardinaalsmuts (Saxifraga - Ed Stikvoort)
De rode bessen van de wilde kardinaalsmuts vallen goed op in het najaar (Saxifraga – Ed Stikvoort)

Een soort die wat minder vaak, ten onrechte, wordt gebruikt in een (gemengde) haag is de wilde kardinaalsmuts. Het is een inheemse heester die in het wild tot zes meter hoog kan worden. De soort is goed te snoeien waardoor, deze toe te passen is als haagplant. De soort begint te bloeien na de meidoorn, in de periode mei en juni, maar bloeit vrij onopvallend met witgele bloemen. Ondanks dat de bloei onopvallend is, is deze wel ontzettend belangrijk voor allerlei insecten.

In het najaar heeft de kardinaalsmuts kenmerkende rode bessen die giftig zijn voor mensen, maar een uitstekend menu voor van allerlei vogels. Bijkomend voordeel van de kardinaalsmuts is dat de bladeren in de herfst prachtige rode tinten krijgen.

Veldesdoorn – Acer campestre

Een andere inheemse soort die veel toegepast wordt als haag is de veldesdoorn. De veldesdoorn stelt weinig eisen aan de grond en zorgt ervoor dat je haag snel dicht groeit. De soort bloeit vroeg in het jaar (april-mei) met kleine onopvallende bloemen, die veel bezocht wordt door bijen en andere insecten. In de herfst kleuren de bladeren van de veldesdoorn geel.

Klimplanten

Naast haagplanten kun je ook prima klimplanten in je haag gebruiken. Klimplanten hebben vaak wel wat steun nodig om tegen aan te groeien. Daarnaast kunnen sommige soorten andere (haag)planten overwoekeren, dus pas maar een klein percentage van je totale aanplant als klimplant toe. Klimplanten groeien daarentegen relatief snel (en beter horizontaal dan veel haagplanten), wat ervoor zorgt dat je haag snel vol en dicht is.


Lees ook: tips voor meer bijen en vlinders in je tuin


Wilde kamperfoelie – Lonicera periclymenum

Als je besluit klimplanten te gebruiken, dan mag de inheemse wilde kamperfoelie zeker niet ontbreken. De kamperfoelie produceert van juni tot oktober veel sterk geurende bloemen. Vooral ’s avonds zijn deze bloemen goed te ruiken. Het is dan ook een uitstekende plant voor het aantrekken van nachtvlinders. De bloemen van de kamperfoelie zijn geelachtig, maar wanneer deze in de volle zon staat zullen de bloemen wat roder kleuren.

Hop – Humulus lupulus

Hopbellen, de vrouwelijke bloemen van de hopplant
Hopbellen, de vrouwelijke bloemen van de hopplant

De hop is een van de andere klimsoorten die van nature in onze Nederlandse struwelen en bossen groeit. Vele zullen de hop kennen van de hopbellen (de vrouwelijke bloem), die een van de belangrijkste ingrediënten vormt voor ons bier. Echter zijn deze hopbellen ook prachtig om te zien en trekken ze veel dagvlinders aan. Hop groeit erg snel, dus gebruik er niet te veel van, anders wordt deze te dominant.

Bosrank – Clematis vitalba

De derde en laatste klimplant die we gebruikt hebben, is bosrank. Voor sommige beter bekend onder zijn wetenschappelijke naam: clematis. Het is een veel toegepast tuinplant die in allerlei cultivators te verkrijgen is. Wat veel mensen niet weten, is dat de clematis inheems is. Dit is degene die wij gekozen hebben. De Clematis vitalba bloeit met witte bloemen van juli tot september. Ook deze bloemen zijn erg in trek bij insecten, wat op zijn beurt weer meer vogels aantrekt.


Lees ook: vinken in Nederland – deel I


Bloembollen

Bloembollen kunnen de onderkant van je gemengde haag opfleuren. Vooral in het voorjaar kunnen bloembollen een ontzettende dienst bewijzen aan allerlei insecten, wanneer veel haag- en klimplanten nog niet aan bloeien moeten denken. Kies voor verwilderende soorten. Let er op bij het kopen dat je bloembollen koopt die voorzien zijn van een keurmerk. Keurmerken als MPS, Planetproof en EKO geven aan dat bloembollen pesticidevrij gekweekt zijn en geen schade brengen aan de insecten die de bollen bezoeken. Wij kozen ervoor onderstaande vier soorten te gebruiken.

Krokussen – Crocus tomassinianus

Een van de meest bekende bolsoorten, en een die zeker niet in deze gemengde haag mag ontbreken, zijn de krokussen. Krokussen komen in allerlei kleuren en zijn vaak een van de eerste bloeiers. Ze bloeien vaak in februari al en houden dit vast tot in april. Tegen die tijd zijn er genoeg andere planten in de haag die het over kunnen nemen.

Blauwe druifjes – Muscari armeniacum

Blauwe druifjes bloeien rijkelijk
Blauwe druifjes bloeien rijkelijk

Net na dat de krokussen zijn gaan bloeien, beginnen de blauwe druifjes ook. Wie kent ze niet? Deze mini hyacinten bloeien voltallig in blauwe druifachtige bloemen. De blauwe druifjes zorgen ervoor dat bijen en andere insecten in het vroege voorjaar voedsel weten te vinden. Daarnaast zorgt het ervoor dat je tuin al kleurrijk aandoet als andere tuinen er nog verwelkt bij liggen.

Echte trommelstokken – Allium sphaerocephalon

Echte trommelstokken, beter bekend als sieruien, maken je gemengde haag tot een ware pracht. Met hun paars rode bloemen stelen ze de show van juni tot augustus. Echte zomerbloeiers dus. Echte trommelstokken, die hun naam te danken hebben aan hun vorm, zorgen ervoor dat er in de zomer voedselaanbod is voor lager bij de grond levende insecten, wanneer de andere bloembollen zijn verwelkt.

Blauwe anemonen – Anemone blanda

De laatste bloembol en tevens laatste voorjaarsbloeier die we gebruikt hebben, is de blauwe anemone. Net als de andere voorjaarsbloeiers hebben we deze gekozen om de insecten een handje te helpen, als de meeste haag- en klimplanten nog blad aan het vormen zijn. Vooral wilde bijen zullen met dit aanbod erg content zijn, en deze kunnen wel een beetje hulp gebruiken.

Bodembedekkers

De laatste plantensoort wat we gebruikt hebben zijn bodembedekkers. Zoals de naam al doet vermoeden doen deze planten het goed op de bodem, onder andere planten. Daarnaast zorgen ze ervoor dat de grond minder snel uitdroogt, waar de haagplanten profijt van hebben. Woekerende onkruiden hebben ook minder kans, waardoor je zelf minder onderhoud hebt. Ten slotte bloeien bodembedekkers vaak veelvuldig in kl;eine bloemen, wat ideaal is voor insecten. Een win-win situatie dus.

Kruipend zenegroen – Ajuga reptans

Kruipend zenegroen is een inheemse bodembedekker die we in het wild vaak vinden in (graslanden) in de buurt van beekloopjes en waterkanten. De soort bloeit in april en mei met blauwe bloemen. Ze hebben bovengrondse uitlopers, waarmee ze de bodem van de haag fijn bedekken.

Driekleurig viooltje – Viola tricolor

Driekleurig viooltje
Driekleurig viooltje zorgt voor een bonte bloei aan de voet van de haag

De volgende inheemse bodembedekker die we gebruikt hebben is het driekleurig viooltje. Zoals de naam al doet vermoeden is het driekleurig viooltje een bonte verschijning. De kleuren variëren van blauwpaars tot lichtlila en geelwit. Naast de vele kleuren heeft het viooltje ook een lange bloei. Van mei tot en met augustus kun je van deze zomerbloeier genieten.

Bosanemoon – Anemone nemorosa

Bosanemoon bloeit in het vroege voorjaar in Nederlandse bossen met een rijke bodem. Grote oppervlakten in het bos kleuren dan wit door de bloemen van de bosanemoon. Naast ondergroei in het bos, kan deze bodembedekker uitstekend dienst doen als bodembedekker onder onze gemengde haag.

Al met al

Al met al telt onze gemengde haag vijftien soorten. Deze vijftien soorten zorgen er samen voor dat we bijna jaarrond een aanbod hebben van bloemen of vruchten, zoals zichtbaar in onderstaande tabel. Met uitzondering van de maanden januari en december is er constant een aanbod voor insecten en/of vogels in onze tuin, en dat is precies wat willen bereiken met onze natuurtuin.


Lees ook: tips voor het aanleggen van een natuurtuin


Bloeiboog gemengde haag
Een overzicht van het aanbod van bloemen en bessen voor vogels en insecten (De natuur van hier – Mickeal Kurvers)

Andere soorten en tips bij aanplant

Naast die vijftien soorten die wij gebruikt hebben, zijn er nog veel meer soorten geschikt om in een gemengde haag te gebruiken. Soorten als sleedoorn, hondsroos, wide liguster, hulst en krentenboom zijn ook geschikt. Lees je goed in voordat je een haag aanplant, sommige soorten worden breder/groter dan anderen. Dus kijk altijd goed wat het beste bij jouw situatie past. Hieronder geven we je alvast enkele tips om een goede start te maken.

Vivimus

Bij de aanplant is het belangrijk om de bodem te verbeteren. Dit zorgt ervoor dat je planten een goede start hebben, doordat er voeding in de bodem zit en de bodem een goede lucht-/waterbalans heeft. Voeg Vivimus toe tijdens de aanplant om je planten een goede start te geven. Vivimus is hier te bestellen, in zakken van 40 liter (bol.com).

Druppelslang

Leg een druppelslang aan tijdens de aanplant. Met onze steeds droger wordende zomers is dit geen overbodige luxe. Ook op latere leeftijd is de druppelslang handig bij extreem droge periodes. Leg de druppelslang in de grond in plaats van op. Dit zorgt ervoor dat het water niet verdampt tijdens de warme zomerdagen. Via deze link is een druppelslang, inclusief belangrijke onderdelen, te bestellen bij bol.com.

Vogelhuisjes

Plaats vogelhuisjes in je gemengde haag. Plaats ze ver genoeg uit elkaar zodat vogels privacy hebben of kies er juist voor om meerdere dicht bij elkaar te plaatsen om een mussenfamilie te lokken. Hier vind je al onze bouwtekeningen van nestkasten voor vogels.

Water

Zet een emmer water klaar tijdens de aanplant. Zodra je het plantje uit het potje trekt, dompel je hem even onder in de emmer met water. Dit zorgt ervoor dat de plant voldoende vocht heeft bij de start.

Steun

Zorg ervoor dat de haagplantjes en klimplanten bij de aanleg steun hebben. Zet ze tegen een afrastering, of gebruik palen en draad om een houvast te bieden.

Bloembollen

Plant bloembollen met de punt omhoog. Dit is namelijk de kant waar de bol in het voorjaar uit begint te groeien;

Snoeien

Snoei direct na de aanplant de haagplanten door de middelste tak die het hoogste groeit af te knippen. Dit zorgt ervoor dat de plant in het voorjaar vertakt waardoor je sneller een dichte haag hebt;

Egelmand

Plaats aan de stam van de haag een egelmand. Bedek de egelmand met bladeren, plastic en nog eens bladeren en zorg dat de opening niet gericht is naar het noorden of noordoosten. Grote kans dat de koning van de hagen dan jouw haag komt koloniseren. Een egelmand is via deze link te bestellen bij bol.com;

Onkruid

Probeer niet alles wat er van nature gaat groeien uit te trekken en te zien als onkruid. Veel van deze soorten horen onder dergelijke hagen en zorgen voor meer biodiversiteit.


Lees ook: 10 tips voor meer vogels in je tuin


Natuurtuin in ontwikkeling – deel II

Natuurtuin

Ongeveer gelijktijdig met de start van deze website hebben we een huis kunnen kopen met ongeveer 3500m2 grond erbij. Ons doel is deze 35 are de komende jaren om te turnen naar een natuurtuin waarbij er ruimte is voor allerlei wilde vogels en andere dieren. De voortgang hiervan houden we bij en delen we in een terugkerende blog met jullie. In deze tweede blog over onze natuurtuin vertellen we je hoe we flink wat planten hebben gezet, welke bijzondere bezoekers we hebben gehad en wat de resultaten zijn tot nu toe.  

01 december , 2022

De opstartfase

In de eerste blog hebben we de startsituatie van de tuin besproken. We hebben in die eerste paar weken maar een paar kleine wijzigingen aangebracht, zoals vogelvoer en nestgelegenheden aangeboden. Na drie weken stond de teller op zo’n 22 soorten die we in en rondom de tuin hadden waargenomen. Nu, drie maanden later, zijn we al vele ontwikkelingen verder en soorten rijker.

Dauw in de ochtend
Dauw in de vroege ochtend (De natuur van hier – Sandra Krol)

Eerste soorten in het najaar

Eind september waren de walnoten van onze twee walnootbomen rijp en vielen massaal van de bomen af. Na zelf een groot deel geraapt te hebben, bleven er nog voldoende liggen in het gras. Het duurde niet lang totdat de kraaiachtigen de resterende noten ontdekt hadden. Onze tuin werd druk bezocht door kauwen, zwarte kraaien, eksters en roeken die een noot wisten te bemachtigen en deze elders open gingen kraken. Hiervoor zochten ze een harde ondergrond, deze vonden ze in de doorgaande weg waar ons huis aan staat. Met allerlei trucs en capriolen lieten ze de noot zo hard mogelijk op de weg vallen totdat deze open spleet.

In het najaar werd het naastgelegen weiland opnieuw ingezaaid en dit zorgde voor de komst van een nieuwe buurman. Sinds die tijd is er een buizerd, met een overwegend wit verenkleed, dagelijks te gast op het weiland om tussen het gekiemde gras te jagen op wormen en kevers. Dit doet hij door op een komisch uitziende wijze kleine stukjes door het weiland te sprinten, op jacht naar zijn prooi.

November was de maand dat de bessen aan de taxus hingen. En hoewel deze voor mens en (de meeste) dieren giftig zijn, komen sommige vogels er juist op af. Dit komt omdat vogels de bessen eten en de zaden weer onverteerd uitpoepen. Hierdoor blijft het gif binnen de zaadhuls zitten en kan de vogel dus ongestoord van de sappige bes genieten. Vooral lijstersoorten als de merel en de zanglijster zijn gek op deze besjes. We hebben een zanglijster in en uit de taxus zien vliegen, maar helaas zijn er nog geen merels op af gekomen.

Zanglijster
De zanglijster is een terugkerende gast in onze natuurtuin

Stappen op weg naar een natuurtuin

Ondanks deze soorten is er toch nog voldoende ruimte voor verbetering. Eén van de belangrijkste zaken was om meer groen in de tuin aan te brengen. Dat hebben we de afgelopen maanden dus ook gedaan.

Meer groen!

Na een aantal weken zijn we gestart met het afrasteren van het perceel en deze gedeeltelijk te beplanten met een gemengde haag. We hebben in de afrastering enkele openingen gemaakt zodat (kleine) zoogdieren gemakkelijk in en uit de tuin kunnen. Na een tweetal weken lijkt hier al een wissel te ontstaan, die door allerlei dieren gebruikt kan worden.

Gemengde haag

De gemengde haag bestaat uit vijf inheemse haagplanten, drie klimplanten en vier bolsoorten. Vaak worden hagen aangeplant met uitsluitend haagplanten, maar door het gebruik van ook andere soorten flora kun je de biodiversiteit in je tuin een enorme boost geven.

Als haagplanten hebben we beuk, wilde roos, veldesdoorn, wilde kardinaalsmuts en meidoorn gebruikt. De drie klimplanten die we toegepast hebben zijn wilde kamperfoelie, hop en bosrank. Als ondergroei kozen we voor verwilderende bloembollen; blauwe druifjes, blauwe anemonen, krokussen en echte trommelstokken (sieruien). In deze blog vertellen we wat meer over deze soorten en geven we handige tips bij de aanplant van een gemengde haag.


Lees ook: vijf onmisbare kruiden voor in tuin of pot


Een struweel en ‘stepping stones’

Daarnaast hebben we er voor gekozen om in de verste hoek van de tuin een struweel aan te planten van zo’n 70m2. In dit struweel hebben we hoofdzakelijk inheemse heesters aangeplant die daar de ruimte krijgen om te groeien en waar we geen snoeiwerkzaamheden zullen uitvoeren. Het idee is dat dit struweel het hele jaar door een rustige plek is voor dieren, waar ze voedsel en schuilmogelijkheden kunnen vinden. Doordat we een grote verscheidenheid aan soorten aanplanten en geen snoei toe passen, zorgen we ervoor dat in het struweel een groot deel van het jaar heesters in bloei staan. Dit maakt het gedurende bijna het hele jaar interessant voor bijen en andere insecten. In onderstaande tabel zie je welke soorten we gebruikt hebben voor onze struweel.

Aanplant struweel
Aanplant van het struweel met hoofdzakelijk inheemse soorten (Natuur van hier – Mickeal Kurvers)

Tevens hebben we verspreid in de tuin kleine groepjes met heesters en een paar jonge bomen aangeplant. De bomen; een winterlinde en een zomereik zijn onze toekomstbomen. Op ons perceel staan nu enkele volwassen bomen, maar het kan zijn dat deze ooit ziek worden of dood gaan. De jonge bomen moeten tegen de tijd de functie van de huidige volwassen bomen overnemen. De kleine groepen heesters moeten ervoor zorgen dat het voor dieren gemakkelijker wordt om zich veilig door de tuin te verplaatsen. Ze doen dus dienst als een soort stapstenen.

Aangeplante soorten
Aangeplante soorten (De natuur van hier – Mickeal Kurvers)

Knotwilgen en verschralen

Naast het aanplanten van een gemengde haag, een struweel en enkele groepjes heesters, was er nog één ding die niet in het landschap mocht ontbreken. Achter in de tuin hebben we drie jonge knotwilgen aangeplant. Knotwilgen zijn inheems en zorgen ervoor dat de natuurtuin perfect aansluit aan het omliggende landschap.  

Volwassen knotwilgen zijn enorm goed voor de biodiversiteit en prachtig om te zien. Het snoeiafval wat vrij komt bij het knotten gaan we gebruiken om een takkenwal van te maken. Deze zijn ontzettend waardevol voor allerlei insecten, vogels en zoogdieren. Zodra we hier aan toekomen, zullen we dit uiteraard in deze serie vermelden.  

Steenuil
De steenuil nestelt graag in oude knotwilgen. Lukt het ons deze bijzondere soort naar onze tuin te lokken?

Dan hebben we nog het grasland waar we iets mee moeten. We hebben het dit seizoen laten groeien, waardoor het gras nu vrij hoog staat. We hebben besloten het gras jaarlijks twee keer te gaan maaien en het maaisel af te voeren om zo een verschralingsbeheer toe te passen. Jaarlijks gaan we monitoren welke nieuwe soorten er bij komen en zo hopen we op termijn een goed ontwikkeld kruidenrijk grasland te ontwikkelen.  


Lees ook: de beste inheemse vijverplanten


De resultaten en het vervolg

We zijn nu precies vier maanden onderweg en hebben al vele soorten in onze tuin waargenomen. Dit is terug te zien in het soortenoverzicht. In totaal zitten we nu op 107 soorten, waarvan er 97 in de tuin zijn geweest en 10 soorten alleen nog maar rondom de tuin. Enkele leuke soorten die we voor het eerst waargenomen hebben in en rondom de tuin zijn; fazant, zwarte roodstaart en groene specht.

We verwachten dat deze soorten de komende kwartalen blijven toenemen, onder andere door de getroffen maatregelen. We zullen over circa drie maanden weer met een update komen.

Disclaimer: in deze terugkerende blog spreken we over een natuurtuin. Echter is dit niet een standaard tuin waar de meest mensen aan denken bij het woord tuin. Het grootste deel van het perceel wordt aangeplant met uitsluitend inheemse soorten, die terugkeren in het omliggende landschap. Hier laten we de natuur vervolgens zoveel mogelijk haar gang gaan.

Soortenoverzicht 1-12-2022
Soortenoverzicht natuurtuin 1-12-2022 (De natuur van hier – Mickeal Kurvers)

Lees verder: natuurtuin in ontwikkeling – deel III